Ajax heeft voldoende aan Piets onnavolgbare passes en schoten

Ajax heeft voldoende aan Piets onnavolgbare passes en schoten

Deze week gaan we terug naar 13 december 1964 wanneer Piet Keizer ruim 8 maanden na het griezelige luchtduel met DWS’er André Pijlman zijn voorzichtige rentree maakt.


Jaap Visser van Kick uitgevers schrijft elke week een blog over de geschiedenis van Ajax.


Het is een decemberzondag waarop het volgens Telegraaf-verslaggever Anton Witkamp nooit licht lijkt te worden. Het veld in de Meer is doorweekt, stortbuien geselen de spelers van Ajax en Fortuna ’54 en de loeiharde wind doet met de bal wat hij wil.

Het weer is al even belabberd als de klassering van de Amsterdammers in de Eredivisie. Ajax beleeft zijn slechtste seizoen ooit in het betaalde voetbal, maar eind 1964 priemen in de duisternis 2 lichtpunten: Johan Cruijff, het wereldtalent dat ontbolstert, en Piet Keizer, de grote belofte die niet blijkt te zijn gesmoord in zijn eerste bloei.

Vrees voor ruw lichamelijk contact
Ajax’ jonge aanvaller op links is in maart, tijdens de bekerderby met DWS, ernstig in botsing gekomen met rechtsback André Pijlman: koppen tegen elkaar. Een bloedprop onder Keizers schedeldak vereiste een hersenoperatie en een lange revalidatieperiode.

Er werd zelfs gevreesd voor een abrupt einde van een nog nauwelijks op gang gekomen carrière. Maar Keizer keert terug, voor het eerst tegen Fortuna en een tikje schoorvoetend, vanwege het erbarmelijke veld en zijn vrees voor ruw lichamelijk contact.

Reservespeler Ad Visser slaat in de Meer, technicus Piet Keizer met bewondering gade. 1964. Bron: Ajax Erfgoed]
Reservespeler Ad Visser slaat in de Meer, technicus Piet Keizer met bewondering gade. 1964. Bron: Ajax Erfgoed]

De Telegraaf ziet hoe de 21-jarige Piet ‘begrijpelijk’ de persoonlijke duels zo veel mogelijk uit de weg gaat, ‘maar met kwaliteitspasses en flinke schoten op zijn tijd acte van zijn aanwezigheid geeft’. Ajax-Fortuna ’54 is een rommelpot waarin de thuisploeg volgens De Telegraaf op grond van een technisch surplus en een iets beter ploegverband verdient met 2-1 wint.

Groter zelfvertrouwen en meer bravoure
Dagblad De Tijd rept van ‘negentig minuten geproest en geplas in ‘het’ Meer’ en stelt vast dat Ajax zijn Keizer bitter hard nodig heeft. Omdat de Amsterdammers met de creatieve linker aanvaller ‘groter zelfvertrouwen en meer bravoure’ uitstralen.

Van Jaap van Praag wil De Tijd weten in hoeverre het herstel van Keizer volledig is. Ajax’ nieuwe voorzitter vertelt dat de Amsterdamse neurochirurg Van der Werff Piet heeft goedgekeurd, maar er wel bij heeft gezegd dat hij ‘botsingen uit de weg moet gaan en koppen dient te vermijden’. ‘Maar’, voegt Van Praag er aan toe, ‘dat belet ons niet hem in het eerste elftal op te stellen. Aan zijn onnavolgbare passes en schoten hebben wij namelijk voldoende.’

KNVB-arts Pannekoek vindt dat toch een wat al te lichtzinnige opvatting en legt de zaak voor aan verzekeraar Stibbe & Co, waar de voetbalbond alle Nederlandse semiprofvoetballers heeft ondergebracht. En die eist een herkeuring. Daarom meldt de ‘lopende patiënt’ Keizer zich op 24 december in het Rotterdamse Dijkzigt Ziekenhuis waar professor J.W.G. ter Braak het voor Piet verlossende woord zal spreken. Het hoofdpijndossier kan dicht en als het flutseizoen 1964-1965 er op zit, kan de glorietijd van Ajax beginnen.


Kick uitgevers is de boekenpartner van Ajax en uitgever van het  Jaarboek dat een nieuwe formule heeft gekregen en zal uitgroeien tot de Ajax Encyclopedie. Bestel deel 2 van de Ajax Encyclopedie via onderstaande button.


Ajax Encyclopedie



Fotobijschrift (boven): Geproest en geplas in ‘het’ Meer met vanaf links Piet Keizer, de Fortuna-spelers Pierre Kusters, Peter Benen en Harrie Brüll, Ajacied Peet Petersen en Jean Munsters van Fortuna.
Bron: Joop Bilsen, Nationaal Archief/Anefo, 917-2353