De spits die niet kon omvallen, valt steeds om

De spits die niet kon omvallen, valt steeds om

Jaap Visser van Kick uitgevers schrijft elke maandag een blog over de geschiedenis van Ajax. Deze week gaan we terug naar 8 september 1996 wanneer het Argentijnse gevaarte Iván Gabrich in de Ajax-aanval verschijnt.

Met een magere selectie beleeft Ajax vijf vette seizoenen. Maar na het winnen van, onder meer, drie landstitels, een UEFA Cup, de UEFA Champions League en een Wereldbeker is het ineens crisis. In de nazomer van 1996 donderen Ajax en zijn succescoach Louis van Gaal van hun voetstuk.

Goede, nog jonge spelers, zoeken roem en poen in het buitenland, de grote jongens die achterblijven raken overbelast. Van Gaal moet middelmaat opstellen en als de nood hoog dreigt te worden, stemt hij zelfs toe in de aankoop van een spits die hij alleen even op de video aan het werk heeft gezien. Maar Iván César Gabrich brengt geen redding, hij laat slechts hoongelach door de splinternieuwe ArenA galmen.

Bonje met de bal
,,Welke mongool heeft deze speler gekocht?’’, roept Frank de Boer verbijsterd uit, wanneer de massieve Argentijnse aanvaller op het trainingsveld een bal probeert te controleren. De Boer, diens broer Ronald, en de andere technisch vaardige Ajax-voetballers weten niet wat ze zien: die Gabrich heeft voortdurend bonje met de bal.

Iván Gabrich is naar de grond gegaan in de Klassieker. Feyenoorder Clemens Zwijnenberg staat er met zijn neus bovenop. Kees van Wonderen (rechts) heeft de blik op de bal gericht.
Iván Gabrich is naar de grond gegaan in de Klassieker. Feyenoorder Clemens Zwijnenberg staat er met zijn neus bovenop. Kees van Wonderen (rechts) heeft de blik op de bal gericht.

Arie van Os heeft Iván Gabrich gekocht, van Newell’s Old Boys uit Rosario, voor vijf miljoen, al is het niet duidelijk of dat guldens of dollars zijn. Hoe dan ook, een hoop geld. De aanwinst wordt gepresenteerd na de competitiewedstrijd tegen AZ die Ajax ternauwernood met 1-0 weet te winnen. Dat is op 28 augustus, de dag waarop Ivan 24 jaar wordt.

Wanneer de lange, brede en zware Gabrich zich in een Ajax-shirt probeert te wurmen, roept Van Gaal, luid lachend: ,,Ik weet niet of-ie er in past hoor.’’ En daar achteraan zegt Louis tegen de verbaasd toekijkende pers dat Gabrich een spits is die niet kan omvallen. Iedereen lachen en penningmeester Van Ons krijgt van zijn trainer een goedkeurende ram op de schouders.

Meer toerist dan speler
Maar het lachen vergaat de beleidmakers van Ajax als Iván begint te voetballen. Hij kan er niet veel van en van combineren op Ajax-achtige wijze heeft hij al helemaal geen kaas gegeten. Maar Van Gaal moet hem door al die personele problemen in zijn laatste, rampzalige seizoen bij Ajax toch zo nu en dan opstellen. Zoals in Nijmegen, waar Ajax op 8 september alweer zijn tweede competitienederlaag lijdt.

De spits die niet kan omvallen, ligt tegen NEC om de haverklap op de grond en zal aan het einde van een seizoen, waarin hij elf keer mag meedoen en nul keer scoort, worden doorverkocht aan het Spaanse UD Merida. Wanneer Gabrich vele jaren later terugkijkt op zijn jaartje bij Ajax zegt hij, schaterlachend: ,,Ik was meer toerist dan speler in Amsterdam. Maar ik heb van mijn Ajax-geld wel een mooi huis kunnen kopen.''

Lachen.

[Kick uitgevers is de boekenpartner van Ajax en uitgever van het  Jaarboek dat een nieuwe formule heeft gekregen en zal uitgroeien tot de Ajax Encyclopedie. Bestel via onderstaande button deel 2 van de Ajax Encyclopedie]

AJAX JAARBOEK

Fotobijschrift (boven): Iván Gabrich vindt Feyenoorder Ronald Koeman tegenover zich in de Kuip.

Foto's: Ajax.nl/Louis van de Vuurst