Het begin en het einde van Amsterdamse Tonny

Het begin en het einde van Amsterdamse Tonny

Jaap Visser van Kick uitgevers schrijft wekelijks een blog over de geschiedenis van Ajax. Deze week gaan we terug naar 14 augustus 1966, wanneer belofte Ton Weijmer in een oogwenk zijn Ajax-carrière beleeft.

Johan Cruijff heeft nog wat last van moeilijke voeten en moet af en toe een beetje rust nemen. Een chronische ontsteking aan zijn rechter kleine teen noopte hem een tijdlang op aangepast schoeisel te voetballen, hoge kicksen met een soort ijzerbeslag. Van die klompen is hij op zijn negentiende verlost en het graatmagere talent begint eindelijk ook wat forser te worden, dankzij de biefstukken die hij thuis en op de club krijgt voorgezet. Maar volgroeid is Cruijffie bij aanvang van het seizoen van zijn grote doorbraak nog allerminst.

In de eerste competitiewedstrijd, uit bij Elinkwijk, is Jopie heerlijk op dreef. Hij wervelt, hij dartelt en hij scoort, drie keer in de eerste helft. Dan vindt Rinus Michels het welletjes. In de rust zegt de trainer tegen de over pijntjes klagende Cruijff dat hij lekker moet gaan douchen. Ton Weijers mag er in, leeftijdgenoot van Johan en linksbuiten van het tweede elftal.

Droomvoorhoede
Piet Keizer ontbreekt bij de competitiestart van Ajax in Utrecht. Om disciplinaire reden, aldus de clubleiding, zonder daarover in details te treden. Naar verluidt heeft Michels aangedrongen op straf voor de eigenzinnige linkerspits, vanwege een akkefietje over een vriendschappelijke wedstrijd in Spanje. Keizer zou hebben geweigerd te vliegen in barre weersomstandigheden en daarover ruzie met Michels hebben gekregen.

Tegen Elinkwijk neemt Cruijff waar als linksbuiten en mag invaller Weijmer de tijd volmaken. Amsterdamse Tonny komt van OSV, de Oostzaanse club waar hij een opvallend aanvalsduo vormde met Rob Rensenbrink. Die is bij DWS terechtgekomen, Weijmer heeft voor Ajax gekozen, maar daar doet de droomvoorhoede met Sjakie Swart, Klaas Nuninga, Cruijffie en Pietje Keizer hem op dood spoor belanden.

Geen houden aan voor Elinkwijk, thuis tegen Ajax: 0-7. [Joost Evers, Nationaal Archief/Anefo, 919-4491]
Geen houden aan voor Elinkwijk, thuis tegen Ajax: 0-7. [Joost Evers, Nationaal Archief/Anefo, 919-4491]

Eén helftje tegen Elinkwijk, dat met 7-0 klop krijgt van de landskampioen, verder komt hij niet. Bij het Militair Elftal laat Weijmer zich door coach Zwartkruis ompraten tot linksback waarna hij bij FC Wageningen gaat spelen. Maar op het trainingsveld op De Berg stapt hij in een kuiltje en verschuift enkele rugwervels: einde loopbaan op zijn 23ste.

Nergens aan denken
Ook privé zit het Tonny niet mee en nu hij zeventig is, is er een heleboel waar het geknakte talent liever niet aan terug wil denken. Muziek luisteren is zijn grote liefhebberij. 'Zitten, achterover leunen, luisteren en nergens aan denken, niet aan vroeger en niet aan nu', zegt hij in een interview op de webstite wageningsvoetbal.nl.

Is zondag 14 augustus het begin en tegelijk het einde van Weijmers eredivisie-carrière, voor Cruijff is het de start van een weergaloos seizoen waarin hij onstuimig zal doorbreken. En op de reservebank (of de tribune) zit Ton Weijmer, zich te verbazen en te verbijten.

[Kick uitgevers is de boekenpartner van Ajax en uitgever van het  Jaarboek dat een nieuwe formule heeft gekregen en zal uitgroeien tot de Ajax-Encyclopedie. Bestel hier deel 2 van de Ajax-Encyclopedie]

Hoofdfoto: Ajax bij de competitiestart op 14 augustus 1966. Achter vanaf links: Frits Soetekouw, Ton Pronk, Wim Suurbier, Theo van Duivenbode, Ben Muller, Gert Bals. Voor: Henk Groot, Co Prins, Sjaak Swart, Johan Cruijff, Klaas Nuninga. [Joost Evers, Nationaal Archief/Anefo, 919-4492]