Iedereen loopt wel eens binnen bij de fysio

Iedereen loopt wel eens binnen bij de fysio

Zo rond een uur of 5 's middags flitst het soms ineens door mijn hoofd: ik zou nu zomaar een telefoontje van Ajax kunnen krijgen. Stel je voor, je staat net bij de kassa van de Jumbo je boodschappen af te rekenen als je telefoon gaat.


Ellen Dikker is columniste en moeder van een jonge Ajacied. Maandelijks deelt zij haar ervaringen als voetbalmoeder in haar blog Toekomstperspectief op Ajax.nl.


,,Met de clubarts van Ajax. Ik heb een heel vervelende mededeling. Uw zoon heeft tijdens de training een harde trap tegen z’n enkel gekregen. Het ziet er niet goed uit. Kunt u zo snel mogelijk naar de club komen?''

Gelukkig heb ik dat telefoontje nooit gekregen. Mijn zoon heeft geluk gehad. Slechts één keer kreeg hij een bal loeihard tegen zijn hoofd geschoten. Schade: een losse tand, een bloedlip en een lichte hersenschudding. Twee weken lag hij eruit. Maar met een contactsport zoals voetbal en bij een club als Ajax waar veel en intensief getraind wordt, kun je ook pech hebben.

Knieschijf uit de kom
Zoals een teamgenootje van mijn zoon 2 maanden geleden. Hij was aan de bal, 2 verdedigers kwamen hard in, hij raakte uit balans, viel en kwam verkeerd terecht. Knieschijf uit de kom. Moeder van haar werk gebeld, naar het ziekenhuis voor een scan, gelukkig niks gescheurd of gebroken, maar wel een week gips.

De echte klap kwam pas na het gips. Toen het jochie hoorde dat hij ook nog 5 weken in een brace van lies tot enkel moest lopen stortte zijn wereld in. Want dan weet je dat het een lang verhaal wordt. De medische staf van Ajax heeft namelijk voor iedere blessure een revalidatieschema. Zes weken eruit, betekent vaak ook 6 weken opbouwen. En dat gaat stap voor stap.

'Eerst looptraining, dan voorzichtig aan de bal'

Er wordt een compleet herstelplan opgesteld. Eerst fietsen in het krachthonk, op de crosstrainer of rekoefeningen op de mat, dan baantjes trekken in het zwembad. Het zwembad? Jawel, het zwembad. Nou ja, officieel heet het een revalidatiebad. Ajax heeft alles in huis om de spelers optimaal te begeleiden. Want wie met een hielblessure zit, kan prima zwemmen.

Performancetrainer
En het is van het grootste belang dat de spelers in beweging blijven en hun conditie op peil houden. Zijn ze voldoende aangesterkt, dan gaan ze met een performancetrainer naar buiten. Eerst looptraining, dan voorzichtig aan de bal. Pas als ze helemaal zijn 'afgetest' mogen ze langzaam de trainingen weer hervatten.

Voor jongens die niets liever doen dan voetballen is zo’n langdurige blessure een ramp. En ook de ouders worden er zenuwachtig van. Iedereen wil z’n kind natuurlijk het liefst fit over het veld zien rennen. Maar de fysio’s willen niks overhaasten. De jongens moeten nog langer mee. Ze proberen het leed te verzachten door te relativeren. 'Ah joh, wat zijn nou 2 maanden op een heel voetballeven?' Dat helpt. Een beetje.

'De behandelkamer van de fysio is verboden terrein'

Zes fysiotherapeuten zijn er voor de jeugdopleiding. En ze kennen alle jongens. Want iedereen loopt wel eens binnen, al is het maar voor een blarenpleister. Er heerst een andere sfeer dan op de rest van de Toekomst. Bij de fysio hoeven de jongens namelijk niet te presteren. Althans niet op voetbalgebied. En ze zijn er echt onder elkaar. Is het in de kantine of langs het veld vaak razenddruk met ouders, Ajax-personeel en andere belangstellenden, de behandelkamer van de fysio is verboden terrein.

Ik weet nog dat ik de stoute schoenen aantrok en binnenstapte toen mijn jongen duizelig van die bal tegen zijn hoofd het veld had verlaten. Die blikken. Niet alleen van de fysio’s, maar ook de jongens op de behandelbanken keken me bijna naar buiten. 'Ik kom zo wel even bij je in de kantine', was alles wat de fysio zei.

Lees ook: 'Het leven van een voetbalmoeder is nogal hectisch'

Tekst: Ellen Dikker
Beeld: Ajax.nl/Sven Koeneman