Ajax bezweert het gevaar van de standaardsituaties

Normaal gesproken oefent Ajax alleen het aanvallende aspect van de dode spelmomenten als corners en vrije trappen. Maar aangezien Roda JC afgelopen zondag twee keer doel trof uit een hoekschop en bijna scoorde uit een vrije trap, oefenden de Amsterdammers vrijdag ook uitgebreid op het verdedigen van de standaardsituaties.

Ajax trainde vrijdag in de ArenA. De week ervoor oefende de selectie op de vrijdag ook al in het stadion en dat was blijkbaar goed bevallen, wat ook zichtbaar was in het resultaat en het goede spel tegen Roda JC. Ook nu staat er een thuisduel op het programma, zondag tegen Vitesse.

Wesley Sonck moest de training aan zich voorbij laten gaan en ook Anthony Obodai ontbrak. Tom Soetaers was wel in het stadion, maar trainde apart. Aanvoerder Jari Litmanen was er eveneens niet. Hij blesseerde zich dinsdag aan zijn enkel en is minstens een maand uit de roulatie. De alweer lang geblesseerde John O'Brien revalideert op de Toekomst.

Zelfs zonder deze gewaardeerde krachten zal het maken van een opstelling tegen Vitesse nog een hele puzzel zijn voor Ronald Koeman. Zo bleek wel uit de grote partij van tien tegen tien. Koeman moet voor de spitspositie kiezen tussen Yannis Anastasiou en Zlatan Ibrahimovic, voor de rechterkant tussen Daniël de Ridder en Steven Pienaar, voor de rechtsbackplaats tussen Zdenek Grygera en Hatem Trabelsi, voor de linkerkant tussen Nicolae Mitea en Victor Sikora, en zo is er ook nog een overvol middenveld, waar bijvoorbeeld Rafael van der Vaart, Wesley Sneijder, Tomás Galásek en Nigel de Jong allen een plaats verdienen. Weliswaar een luxe-probleem voor Koeman en zijn staf, maar geen eenvoudige opgave.

Koeman, Ruud Krol, Tonny Bruins Slot en Wil Coort hadden het in het laatste deel van de training druk met het uitleggen wat er moest gebeuren bij hoekschoppen en vrije trappen. Tegen Roda JC incasseerde Ajax twee goals uit een corner en de technische staf wil voorkomen dat elke tegenstander gevaarlijk wordt bij elke standaardsituatie. Daarom kwamen de twee teams van de partijvorm nu ook tegen elkaar uit bij de dode spelmomenten. Op elk detail werd gehamerd door de trainers: wie verdedigt wie, wie gaat waar staan, stapje naar links of rechts en ook het uitverdedigen van de afvallende bal mocht niet verwaarloosd worden. En het hielp, want geen van beide teams scoorde uit een standaardsituatie.