Ajax en FC Nürnberg delen kleine historie

Ajax en FC Nürnberg delen kleine historie

Ajax en 1. FC Nürnberg (zaterdagavond de vijfde oefenopponent van Ajax) stonden in de historie slechts twee keer eerder tegenover elkaar. In het seizoen 1968-1969 troffen de landskampioenen van Nederland en (toenmalig) West-Duitsland elkaar in de Europa Cup voor Landskampioenen, de latere Champions League.

Hoe zeldzaam de Ajax-opponent ook is, in het Ajax-fotoarchief zijn er vrijwel altijd bewijzen (lees: foto’s) van terug te vinden. Fotoarchivaris en erfgoedlid Hennie Schuurman vist het mapje met het label ‘1. FC Nürnberg’ moeiteloos op uit de oneindige vijver boordevol Ajax-beeld. Nog voordat het fotomapje het tl-licht ziet, verklapt Schuurman alvast mompelend de uitslagen van beide duels. ‘1-1 in Duitsland en 4-0 in Amsterdam.’ Alles uit het blote hoofd, zoals altijd. Wie Schuurman om de doelpuntenmakers zou vragen, krijgt ze waarschijnlijk nog in de juiste volgorde aangeleverd ook…

Op de opgediepte kleurenafdrukken trekken oude, vertrouwde Ajacieden voorbij. Aan de vooravond van de succesvolste periode in de clubhistorie (de Gouden Jaren 70) hadden de Amsterdammers in de eerste ronde uiteindelijk weinig moeite met de West-Duitse kampioen. De heenwedstrijd in het Stadion Nürnberg was nog het lastigst voor de Ajacieden van trainer Rinus Michels. Georg Volkert schoot al in de zesde minuut van de wedstrijd, en via het been van vleugelverdediger Theo van Duivenbode, raak: 1-0. Op de achttiende september van 1968 trok Johan Cruijff de stand tien minuten voor tijd alsnog gelijk. Ajax’ rijzende superster kopte raak.

Ajax-doelman en aanvoerder Gert Bals en zijn verdediger Barry Hulshoff zien Heinz Strehl naastschieten tijdens 1. FC Nürnberg - Ajax op 18 september 1968. Ajax-doelman en aanvoerder Gert Bals en zijn verdediger Barry Hulshoff zien Heinz Strehl naastschieten tijdens 1. FC Nürnberg - Ajax op 18 september 1968.

Omdat in het seizoen ’68-’69 voor het eerst sprake was van de ‘dubbeltelregel’ (een uit gescoord doelpunt telt dubbel voor de return) zou Ajax in het Olympisch Stadion genoeg hebben aan 0-0. De 54.759 toeschouwers in Amsterdam (onder wie vast ook Schuurman) zagen hun helden uiteindelijk ruimschoots winnen. Op aangeven van Klaas Nuninga opende rechtsbuiten Sjaak Swart de score met een kiezelhard schot. Na rust voltooiden de Ajacieden het karwei definitief. Zes minuten na rust gleed Swart de bal voorbij doelman Jürgen Wynio. Nadat Cruijff de lat had geraakt profiteerde Henk Groot in de slotfase vanaf de strafschopstip na een overtreding op Piet Keizer. Ajax-dirigent Cruijff bepaalde de eindstand op kunstzinnige wijze op 4-0.

Ajax was Europees door en zou het dat seizoen nog opnemen tegen Fenerbahçe SK , SL Benfica , Spartak Tranava en AC Milan. Milan was de tegenstander in Ajax’ eerste finale van de Europa Cup voor Landskampioenen. Met een 1-4 nederlaag in het Estadio Santiago Bernabeu was de eerste finale geen succes. Twee jaar later gooiden de Ajacieden het wat betreft Europese finales over een heel andere boeg. Ontelbare foto’s, dia’s en krantenknipsels zijn ook daar nog altijd stille getuigen van…

Tekst: Ajax.nl
Foto’s: Ajax.nl/ Fotoarchief Ajax

Piet Keizer ordent de Ajax-muur bij een West-Duitse vrijetrap. Piet Keizer ordent de Ajax-muur bij een West-Duitse vrijetrap.