Ajax Fanshop en Ajax Museum geopend

'Trots', ja dat is wel een woord dat zijn gevoel goed weergeeft. Museumdirecteur Thijs Lindeman voelt zich prima thuis in zijn verbouwde Ajax Museum. Maar zaterdag was het zover. Ronald Koeman en Ruud Krol, Ajacieden in hart en nieren en momenteel de trainers van het eerste elftal, openden de vernieuwde Ajax Fanshop, de servicebalie en het Ajax Museum.

Het in 1997 geopende Ajax Museum was ontworpen door Rob van Zoest van D'Arts, een zeer sterk aan Ajax gerelateerd bedrijf dat tentoonstellingen voor musea in heel Nederland samenstelt.

Toen het museum zaterdagmiddag werd geopend was Lindeman tevreden. En vooral trots. ,,Het was toch even puzzelen om alles op een verdieping te krijgen", vond de museumdirecteur. ,,Maar het was de zaak de hightlights eruit te pakken en zo de historie in beeld te brengen."

De grootste verandering is de omvang. Het museum is teruggebracht van twee naar een verdieping, waardoor de Ajax-historie meer een geheel vormt dan ooit tevoren.

Toen in de Amsterdamse Beurs van Berlage een prachtige tentoonstelling was ingericht over Ajax, vond het bestuur dat het tijd werd aandacht te besteden aan de historie in de vorm van een museum. En de verantwoordelijke man was Rob van Zoest van D'Arts.

Lindeman, sinds september 1997 directeur van het Ajaxmueum, gaf op ons verzoek een kleine persoonlijke rondleiding door de rijke geschiedenis van Ajax.

Bij het opkomen van de trappen komen we al helemaal in de sfeer. Op de muren worden foto's geprojecteerd van oud-Ajacieden. We zien onder andere Peter Boeve, John van 't Schip en John Bosman langskomen. Als we boven staan, zijn het dezelfde gezichten die ons vanaf de muur trots aankijken. Het zijn de Ajacieden in Oranje, met als laatste toegevoegde speler uiteraard Rafael van der Vaart. Onder en naast hem zijn alvast lege haakjes opgehangen. Om in de toekomst daar misschien de portretten van Johnny Heitinga en andere grote Ajax-talenten neer te hangen.

Niet veranderd is de filmzaal, dat als start van de Tour fungeert. Na de film kom je bij de meest recente geschiedenis en die eerste vitrine is ook de enige waarin veranderd gaat worden.

Twee grote Ajacieden hebben ook nu hun plaatsje ingenomen. Johan Cruijff en Marco van Basten zijn goed vertegenwoordigd met hun fraaie vitrines. De rondgang langs de historie eindigt bij het prilste begin, 1906 toen Ajax voor de eerste maal het Gouden Kruis won, het officieuze kampioenschap van Amsterdam.

En wie het rondje heeft gemaakt, stapt naar het midden van de ruimte. In het hart van het museum - 'dit is ook het hart van de club', vindt Lindeman - is de ovalen vitrine met de grote bekers die Ajax allemaal won. Ook deze zijn nu genummerd, zoals alle items op de fraaie verdieping. Voor een goed en duidelijk overzicht.

We kunnen er kort over zijn. Het museum is ook in de nieuwe samenstelling een wonderschoon plaatje. Lindeman is het daar uiteraard mee eens. ,,Het museum heeft nu meer sfeer, een nog hoger Ajax-gehalte. Het is voller en warmer, want overal waar je kijkt staat wat. Er is geen hoek onbenut. Alles is mij dierbaar. Het is het totaal waar je trots op moet zijn." En dat zijn we ook.

Dit museum mag geen enkele Ajacied missen.