Ajax – NEC: 1 scorende debutant

Ajax – NEC: 1 scorende debutant

Hoewel Ajax een traditie heeft van scorende debutanten is er slechts een speler uit de clubgeschiedenis die zijn allereerste treffer voor de Amsterdammers maakte in een thuisduel met NEC: Marco van Basten. De huidige assistent-bondscoach van Oranje leverde dit huzarenstukje op 3 april 1982, toen hij namens Ajax de 3-0 maakte tegen de Nijmegenaren.

Debuut tegen NEC
Van Basten kwam op een zaterdagavond in de thuiswedstrijd tegen NEC na rust binnen de lijnen voor niemand minder dan Johan Cruijff. De Utrechter was toen pas 17 jaar en 154 dagen oud. Ajax leidde op dat moment met 2-0 door doelpunten van Cruijff en Dick Schoenaker. Halverwege het tweede bedrijf luisterde de piepjonge spits zijn debuut op met de allesbeslissende 3-0, die hij fraai achter doelman Harry Schellekens knikte. Een feilloos aangesneden voorzet van stad- en generatiegenoot Gerald Vanenburg ging aan de treffer vooraf. Wim Kieft en opnieuw Schoenaker bepaalden nadien de eindstand op 5-0. Daar maalde na afloop niemand om, want alle aandacht ging uit naar die scholier van het Utrechtse Niels Stensen College, gelegen in de wijk Kanaleneiland. Opvallend genoeg leken alle aanwezigen in de Meer te beseffen dat zij getuige waren geweest van een bijzonder optreden van een ster in wording.

Van Basten in kielzog Kieft
Het optreden van Van Basten bleef in het seizoen 1981-1982 beperkt tot dat ene duel met NEC. Een jaargang later moest hij opnieuw genoegen nemen met een rol op het tweede plan, achter Europees topscorer Kieft. Desondanks manifesteerde het supertalent zich in diens kielzog tot de spits van de toekomst; Van Basten kwam die periode tot negen treffers in twintig competitiewedstrijden. Aan het einde van het seizoen koos Kieft eieren voor zijn geld door naar het Italiaanse Pisa te verkassen. Van Basten, nog steeds pas 18 jaar oud, zag zijn kans schoon en groeide al snel uit tot een fenomeen.

1983-1987
Hoewel Van Basten tijdelijk werd geveld door de ziekte van Pfeiffer maakte hij in de jaargang 1983-1984 28 doelpunten in 26 competitieduels. In de drie seizoenen daarna liet de Ajacied respectievelijk 22, 37 en 31 treffers aantekenen. Die scoringsdrift, in combinatie met zijn voetballende kwaliteiten en elegantie, leverde hem in 1987 een transfer op naar AC Milan. Daar groeide hij uit tot een absolute wereldster, die met de Italiaanse topclub van weleer talloze prijzen veroverde en driemaal werd verkozen tot Europees Voetballer van het Jaar.

Tekst: Ajax.nl/Coen Heil
Foto: Erfgoed Ajax