Ajax onverzettelijk en Keizer geniaal in Turks modderbad

Ajax onverzettelijk en Keizer geniaal in Turks modderbad

Jaap Visser van Kick uitgevers schrijft elke maandag een blog over de geschiedenis van Ajax. Deze week gaan we terug naar 28 november 1968, de donderdagavond van het moddergevecht in Istanboel, waar de Amsterdammers fier overeind blijven en Piet Keizer zijn bevrijdende hoogstandje beloont ziet met een gouden horloge.

Dat doet-ie anders nooit, Piet Keizer, een gat in de lucht springen na het maken van een doelpunt, zelfs niet als het om een wonderschone treffer gaat. Keizer scoort, springt en rent uitbundig juichend weg. Johan Cruijff, die het feestje van zijn gabber mee wil vieren, krijgt ‘m niet te pakken. Piet is euforisch, zijn flitsende en doeltreffende actie in de baggerbende van Istanboel betekent de bevrijding van Ajax in de tweede ronde van het Europa Cup-toernooi voor landskampioenen.

Loodzwaar bijverschijnsel
In die enerverende, oude tijd van het internationale voetbal, ver terug in de vorige eeuw, was een gevecht tegen de terreinomstandigheden vaak een loodzwaar bijverschijnsel van een krachtproef in de Europa Cup. Velden zonder gras, modderpoelen en velden met decimeters vorst in de grond frustreerden het thuisvoordeel, of verergerden het uitnadeel. Het leidde geregeld tot toevalsvoetbal, maar ook tot heroïsche prestaties van ploegen die zich knap aan de barre omstandigheden wisten aan te passen, of, om maar eens een Johan Cruijff-gezegde te gebruiken, die het nadeel tot een voordeel wisten om te buigen.

Een reservebank, laat staan een dug-out, ontbreekt in het Dolmabahce Stadion. Voor reserve Ruud Krol, de negentienjarige aanvoerder van Ajax 2, is er een zitplaats, evenals voor dokter John Rolink. Verzorger Salo Muller en Rinus Michels (rechts) moeten de hele wedstrijd staan, omgeven door een Turkse politiemacht.
Een reservebank, laat staan een dug-out, ontbreekt in het Dolmabahce Stadion. Voor reserve Ruud Krol, de negentienjarige aanvoerder van Ajax 2, is er een zitplaats, evenals voor dokter John Rolink. Verzorger Salo Muller en Rinus Michels (rechts) moeten de hele wedstrijd staan, omgeven door een Turkse politiemacht.

Zoals Ajax dat doet op donderdag 28 november 1968 in het langdurig door regen geteisterde Istanboel. Fatsoenlijk voetbal is op de doorweekte en beslijkte mat van het Dolmabahce Stadion onmogelijk. Ajax, dat zich in de return van het Europese duel met de Turkse kampioen weet gesteund door een 2-0 voorsprong, speelt goed op het ongemak in door zich te groeperen op eigen helft, Fenerbahce te laten uitrazen en wanneer het vijandelijke offensief vastloopt in de bagger toe te slaan met snelle uitvallen.

Rond het tweeluik met de Turken is Ajax in de Eredivisie niet in beste doen. Een sprankelend FC Twente (lange tijd koploper in het seizoen 1968-1969) heeft in het eigen Diekman korte metten gemaakt met de landskampioen (5-1), die ook nog eens het onderspit delft in de krachtmeting met aartsrivaal Feyenoord in het Olympisch Stadion: 0-1. De Europese thuiswedstrijd tegen Fenerbahce is weliswaar gewonnen (2-0), maar dominant was het spel in vertrouwde omgeving, vier dagen voor de nederlaag in de Eredivisieklassieker, allerminst.

Nachtclubs
Alle reden dus voor Rinus Michels om zich zorgen te maken over deel twee van de confrontatie met Fenerbahce. Die wordt een dag uitgesteld wanneer Iosif Ritter op woensdagmiddag in de middencirkel van het Dolmabahce een bal opgooit waarna deze niet stuitert, maar doodvalt in een plas. De Roemeense scheidsrechter keurt het veld af waarop de helft van het legioen van ongeveer duizend Ajax-aanhangers huiswaarts keert. De andere helft blijft in Istanboel hangen en zoekt zijn vertier in de nachtclubs. Zo zijn vele supporters op woensdagavond niet Cruijff en Keizer aan het aanmoedigen, maar staren zij naar de navel van een buikdanseres.

Ondertussen blijven slagregens de metropool aan de Bosporus geselen en wanneer Ritter de volgende dag weer in de middencirkel klaarstaat met een bal, is het veld van Dolmabahce er zo mogelijk nog beroerder aan toe. Maar de Roemeen, die zijn debuut in de Europa Cup voor landskampioenen maakt, is niet van plan om de wedstrijd opnieuw af te gelasten, want dan zal hij onverrichterzake op huis aan moeten.

Ritter begint daarom aan een kolderieke show waarbij journalisten zich op de knieën slaan van het lachen. Hij dribbelt door de modder en hoewel hij nauwelijks vooruitkomt, trapt hij met groot enthousiasme tegen de bal. Dan gaat hij tussen de palen staan en vraagt aan de met Ajax meegereisde beroemde oud-scheidsrechter Leo Horn of die een strafschop op hem wil nemen. Horn, getooid met jagershoedje, trapt daarop zijn nette schoenen onherkenbaar smerig.

Van voetbal kan onmogelijk sprake zijn, toch besluit Ritter dat er ’s avonds gespeeld zal worden en daar zal Ajax zowaar van opknappen. Tot grote opluchting van Michels hervindt doelman Gert Bals zijn vorm en betrouwbaarheid in het slijk van Istanboel, toont het hele elftal zich wilskrachtig en onverzettelijk en laat Piet Keizer weer eens zien waarom hij wel ‘Het Genie’ wordt genoemd.

Genadeklap
Tien minuten na rust versnelt de naar rechts uitgeweken linksbuiten halverwege de Turkse speelhelft en speelt hij zich vrij met een heerlijk ouderwetse passeeractie (de bal links langs de tegenstander tikken en hem rechts voorbijrennen). Van even buiten het strafschopgebied haalt Piet vervolgens geweldig uit met de buitenkant van de linker wreef. Voor Fenerbahce is het de genadeklap. De zwoegende thuisclub moet vastgezogen in de modder toezien hoe Ajax dankzij Klaas Nuninga vlak voor tijd ook nog op 2-0 komt en eigenlijk probleemloos de kwartfinale van de Europa Cup bereikt.

Zijn wereldgoal levert Keizer niet alleen de overwinningspremie op, maar ook een gouden horloge. Dat krijgt hij cadeau van een Koeweitse sjeik die zijn handen stuk klapt wanneer hij met eigen ogen de Ajax-virtuoos zijn hoogstandje ziet opvoeren.

Mist in de Haarlemmerpolder doet Ajax de volgende dag niet op Schiphol, maar in het Limburgse Beek landen. Met de bus gaat het vervolgens richting Amsterdam waar Ajax zodanig verlaat terugkeert, dat de KNVB besluit om de stadsderby van zondag tegen DWS uit te stellen. Tot genoegen van Michels omdat het Turkse moddergevecht bij liefst zes van zijn spelers blessureklachten heeft veroorzaakt.

Kick uitgevers is de boekenpartner van Ajax en uitgever van het  Jaarboek dat een nieuwe formule heeft gekregen en zal uitgroeien tot de Ajax Encyclopedie.

Deel 1 Ajax Encyclopedie

Fotobijschriften:
Kopfoto: Onder het slijk, maar eensgezind en uitgelaten, verlaten vanaf links Tonny Pronk, Bennie Muller, Sjaak Swart, Klaas Nuninga, Henk Groot en Theo van Duivenbode het modderbad in Istanboel.

Foto’s: Erfgoed Ajax