Ajax-amateurs al 30 jaar een begrip

Ajax-amateurs al 30 jaar een begrip

Twee dingen zijn al dertig jaar hetzelfde bij de amateurteams van Ajax: de ambitie en de egards waarmee ze door thuisspelende ploegen worden ontvangen. Want Ajax is nou eenmaal Ajax. Dat geldt ook voor de jubilerende zaterdagafdeling, die vrijdagavond in de schijnwerpers stond tijdens de jaarlijkse Bordjesclubavond op de Toekomst.

Veelzeggend over de amateurs is een passage uit het Ajax Magazine van december 1992. Daarin staat dat opponenten het zeer interessant vinden om Ajax op bezoek te krijgen. Zo zeer zelfs dat een bestuurslid van de tegenpartij eens opmerkte dat hij liever niet had dat Ajax kampioen zou worden. ‘Want dan raken wij u kwijt’, zou hij hebben gezegd. De uitspraak is vermoedelijk gedaan met een knipoog, maar dat neemt niet weg dat deze ruim twintig jaar later nog altijd illustrerend is voor de wijze waarop het eerste zaterdagteam van Ajax wordt ontvangen. Zoals trainer Bart Logchies opmerkt: ,,Onze komst maakt nog altijd een hoop los.’’

Gevraagd naar voorbeelden zegt hij: ,,Van vlaggenparades tot een Amsterdamse avond na afloop. Ajax blijft nou eenmaal Ajax. Zo’n ambiance is alleen maar leuk, al zou je kunnen zeggen dat het ook een nadeel heeft: iedereen wil van ons winnen. Het maakt extra energie los bij die spelers.’’

Het zaterdagelftal van Ajax staat sinds een aantal seizoenen onder leiding van coach Bart Logchies. Het zaterdagelftal van Ajax staat sinds een aantal seizoenen onder leiding van coach Bart Logchies.

Net als Logchies weet Dirk de Groot er alles van. De voormalige jeugdtrainer bij Ajax was begin negentiger jaren drie jaar lang trainer van de amateurs en ervoer toen dat de naam Ajax veel losmaakte bij de clubs waar hij en zijn manschappen moesten aantreden. ,,Dat kwam ook doordat destijds nog veel bestuursleden kwamen kijken naar ons. Dan stond ineens een Michael van Praag langs de lijn bij clubs als Altius of Zuidvogels, of toenmalig trainer Louis van Gaal. Dat vonden de mensen prachtig. Het gebak stond overal klaar.’’

In die tijd waren de amateurs van Ajax een relatief nieuw fenomeen. Pas enkele jaren geleden opgericht waren zij bezig aan een opmars die niet te stuiten bleek. Onder leiding van coaches als Gunther de Haan, Bob Haarms en Dirk de Groot stoomde de ploeg van de vierde klasse onderbond in enkele jaren door naar de hoofdklasse.

Precies dat had de club zich ook voorgenomen toen in 1983 de zaterdagafdeling werd opgericht. Dit had veel weg van een noodgreep, omdat de zondagse amateurtak in verval was geraakt. Het hoogste team daarvan was Ajax 3, dat door de aanwezigheid van Ajax 1 en 2 (hoofdmacht en beloften) nooit een standaardelftal kon worden en dus niet hogerop kon komen. Daardoor had de ploeg weinig aantrekkingskracht op afgevallen jeugdspelers en talentvolle amateurs uit de omgeving. Door naar de zaterdag over te gaan, kon de ploeg wel Ajax 1 heten en was de weg vrij om de hogere rangen van het amateurvoetbal te bestormen.

Het was daarom ook dat Dirk de Groot, destijds jeugdtrainer bij Ajax, door beleidsbepalers Johan Cruijff en Leo Beenhakker werd aangesteld als coach. Hij moest de ploeg hogerop helpen. En dat tegen zijn zin, benadrukt De Groot. ,,Ik heb Leo een halfjaar niet aangekeken. Ik had het juist zo goed naar mijn zin bij de jeugd en ineens moest ik amateurs gaan trainen. Daar had ik moeite mee, want mijn hart lag bij de jeugd. Die kun je nog vormen.’’

Het duurde weliswaar even, maar gaandeweg werd De Groot enthousiaster. Hij benaderde voormalige jeugdspelers van hem, onder anderen ex-prof Dennis Gerritsen, en zette met die spelers de weg omhoog in. Op de wedstrijden, die werden afgewerkt op het bijveld van het Olympisch Stadion, kwamen soms wel 2.000 toeschouwers af. De Groot: ,,We werden een begrip.’’

Decennia later geldt de amateurafdeling, die behalve drie standaardelftallen ook een veteranenteam telt, nog steeds als een begrip. Neem alleen al de selectiewedstrijd die Bart Logchies en zijn begeleidingsteam elk jaar organiseren om grip te krijgen op de massale toestroom van potentiële versterkingen voor zijn elftal. ,,We zijn een gewilde ploeg’’, erkent de coach. ,,Hoe veel spelers daarop af komen? Soms wel zeventig. Daarvan komen er twee tot drie in aanmerking om te blijven.’’

Logchies, sinds de zomer van 2011 aan het roer, kan wel verklaren waarom spelers graag voor de zaterdag 1 van Ajax spelen. Van de begeleiding en kleding tot aan de velden en douches; alles is tiptop geregeld, vindt hij. ,,Geen andere amateurploeg heeft het zo voor elkaar. Het is bijna alsof we professioneel bezig zijn.’’

Soms lijkt dat bijna letterlijk het geval. Toen hij met zijn ploeg op trainingskamp was, bleken de handtekeningenjagers in de rij te staan. ,,Je gelooft het bijna niet, maar het was echt zo. We bezochten een oefenwedstrijd van FC Twente tegen een lokale amateurploeg en hadden daarbij meer bekijks dan de spelers van Twente. We konden drie keer uitleggen dat we de amateurs van Ajax zijn, maar dat maakte geen verschil.’’

*Foto boven: De zaterdagamateurs van Ajax uit het seizoen 1983-1984 werden vrijdagavond tijdens de jaarlijkse Bordjesclubavond in het zonnetje gezet.

Tekst: Ajax.nl/Fabian van der Poll
Foto's: Ajax.nl/Louis van de Vuurst