Arnold Mühren blijft liever uit de schijnwerpers

Steeds meer Ajacieden vinden na hun actieve voetbalcarrière de weg terug naar Ajax. Als directielid, bestuurslid, trainer, leider of scout hebben ze bewust gekozen voor een tweede voetballeven bij hun eerste voetballiefde. In deze kerstspecial vertellen de oud-spelers over hun carrière van toen en over hun werkzaamheden van nu. In deze aflevering Arnold Mühren, al vier jaar trainer van de C2.

Voor Arnold Mühren is het trainen van de jeugd een logisch vervolg op zijn lange en succesvolle carrière als voetballer. Al tijdens zijn laatste actieve jaar was hij op Voorland met kinderen bezig, alvorens hij met zijn broer Gerrie de voetbalclinics opzette en daarmee het hele land doortrok. Na zes jaar hielden de Mührens dat voor gezien en kwamen beiden terug bij Ajax. ,,Want voor Ajax houd je een zwak. Het leukste is om te werken met kinderen tussen de tien en veertien jaar", vindt Arnold Mühren, die bewust geen betaald-voetbaltrainer wilde worden. ,,Ik heb zo lang in de schijnwerpers gestaan tijdens mijn carrière. Dat is genoeg geweest. Ik blijf nu liever op de achtergrond."

Toen Mühren in 1971 bij Ajax kwam, keek hij zijn ogen uit. ,,Ajax had net de Europa Cup gewonnen door Panathinaikos te verslaan. Mijn broer Gerrit speelde er, Ruud Krol, Wim Suurbier, Barry Hulshoff, Johan Cruijff. Veel heb ik niet gespeeld, want de trainer had geen reden om te wisselen. Het was zo'n goed team. Als ik speelde was dat als linkshalf of als hangende linksbuiten. Dan viel ik in voor Piet Keizer. Zoals in de halve finale van de Europa Cup tegen Real Madrid. Broer Gerrit stond linkshalf en scoorde het enige doelpunt. Een van de meest bizarre duels was tegen Independiente in Argentinië. Het was ook een politiek verhaal, want Videla was nog aan de macht en Ajax twijfelde of we wel of niet zouden gaan. We gingen toch en ik viel in, want Cruijff werd uit de wedstrijd geschopt. Er waren 120.000 mensen in het stadion en het barstte van de politie. Als je naar de wc ging, liep er één met je mee en bij een corner stond je niet lekker, want er nauwelijks plaats omdat er een politieman naast je stond. Je hoorde je medespelers niet eens vanaf een meter afstand. Een voordeel had het spelen van die wedstrijd wel. Alles wat er na zou komen zou meevallen!"

Hoewel Mühren elk jaar meer wedstrijden ging spelen in Ajax 1, stond hij nog steeds niet elke week opgesteld en hij wilde natuurlijk vaal spelen. Een ruil met René Notten, linkshalf van FC Twente, was voor hem dan ook een uitkomst. ,,Ik werd bij FC Twente als middenvelder zelfs topscorer met vijftien goals. Ajax wilde mij na 2,5 jaar terug, maar Twente wilde mij niet kwijt. Ik had met FC Twente mondeling afgesproken dat ik nog een jaar zou blijven, maar daarna wel voor vier ton naar Ajax zou gaan. In dat jaar haalde ik echter het Nederlands Elftal en vond Twente mij veel meer waard dan de mondeling afgesproken vier ton. Ze vroegen nu 800.000 gulden. Achteraf natuurlijk niet zo slim van mij om niets op papier te laten zetten, maar ik weigerde toen nog voor Twente te spelen en ik ging terug naar Volendam. Lang ben ik daar niet geweest want op een dag stond Bobby Robson - die door mijn voormalige Ajax-trainer Hans Kraay op mij was gewezen toen hij een linkshalf zocht - op het trainingsveld. Ipswich Town wilde mij hebben en het moest snel ook want dan kon ik nog meedoen in de Europa Cup. Mijn vrouw en ik werden met een privévliegtuig naar Ipswich gevlogen en kregen een rondvlucht boven het stadje. Op het vliegveld zag het vervolgens zwart van de mensen. Ik dacht dat er één of andere popster zou landen, maar ze waren daar speciaal voor mij. Ik was de eerste buitenlander bij Ipswich. De eerste wedstrijd die ik speelde met Ipswich was tegen Liverpool, een fantastisch elftal. Maar ik heb waarschijnlijk niet meer dan drie ballen geraakt. Zo ging dat nog drie wedstrijden en toen ben ik naar de trainer gestapt en gezegd dat ze net zo goed de terreinknecht voor mij konden opstellen, omdat ik geen bal kreeg. Alles vloog over mij heen. Daarna is de tactiek veranderd en ging de bal via het middenveld naar voren. Toen Frans Thijssen een halfjaar later kwam, was Ipswich een Europese topploeg en werden we bijna kampioen, misten dat op een of twee puntjes. Wel wonnen we de UEFA Cup door in de finale AZ te verslaan."

In zijn eerste Engelse jaar werd Mühren direct tot Speler van het jaar gekozen bij de club. Vier jaar zou hij Ipswich Town dienen, daarna bleef hij nog drie jaar bij Manchester United, bij wie hij als eerste Nederlander in de FA-Cupfinale zou scoren. De linkspoot had eigenlijk al beloofd dat hij nog een seizoen bij de Mancunians zou blijven, maar daar was Ajax weer. ,,Sjaak Swart belde op een dag voor een wedstrijd met oud-Ajacieden en zei dat hij eigenlijk vond dat ik weer bij Ajax moest gaan spelen. Hij belde naar Johan Cruijff die destijds trainer was en Johan belde mij weer. Ik natuurlijk weer in gesprek met Edwards, de baas bij Manchester en hij was niet blij. Maar hij streek met zijn hand over het hart en dacht misschien ook wel een beetje dat het afgelopen zou zijn met mij. Ik was tenslotte al 34 jaar."

,,Bij Ajax beleefde ik nog een paar prachtige jaren. We wonnen onder andere de Europa Cup 2 in Leipzig en ik maakte het EK '88 in Duitsland mee. Het laatste seizoen, dat was 1988-1989, stond vooral in het teken van het voorbereiden van Richard Witschge op het overnemen van mijn positie."

Na zijn actieve loopbaan nam FC Volendam Arnold Mühren op in de technische staf. Een hectische periode uit het leven van de Volendammer volgde. ,,In die periode van tweeënhalf jaar hebben we drie voorzitters gehad, kregen de spelers tbc, speelde de affaire Peter van der Rijt en werd trainer Dick de Boer ontslagen. In juni 2000 liep mijn contract af bij Volendam en in januari 2000 vroeg Ajax mij al. Maar ik wilde Volendam niet de rug toekeren terwijl het al zo slecht ging, dus ik heb mijn contract keurig uitgediend."

Hans Westerhof liet Arnold Mühren zelf zijn taak invullen. Door de clinics was zijn voorkeur gevormd en wilde hij de leeftijdsgroep 10-14 jaar trainen. Het werd de C2 en dat elftal staat ook nu nog onder zijn leiding. ,,Op zich is het wel jammer dat je maar een jaar bij die groep bent, want het valt mij zwaar om afscheid te nemen. Dat vind ik sowieso de vervelendste kant van het trainersschap. Dat je jongetjes moet vertellen dat ze niet verder mogen bij Ajax. Voor de ouders stort hun hele wereld in. Het nemen van impopulaire maatregelen went nooit. Ik blijf het rot vinden. Ik durf te stellen dat de C2 het moeilijkste team is. De fysieke verschillen zijn zo groot. Wij spelen dan ook nog tegen een hogere leeftijdsgroep, terwijl wij allemaal kleine jongetjes hebben. We zullen ook van onze levensdagen geen kampioen worden, want de heel goede spelers gaan direct door naar de C1. Maar het gaat niet om. We kunnen beter in de middenmoot eindigen en dat er jongens doorstromen, dan dat we kampioen worden en jongens weg moeten sturen. De jongens van de C2 zijn twaalf, dertien jaar en zijn op een leeftijd dat ze het meeste oppikken, ze hebben nog idolen en willen zelf slagen in het voetbal. Het is leuk om te zien dat ze beter worden. Dat is echt het mooiste van het vak."

Nu betekent Kerstmis meer voor Arnold Mühren dan gedurende zijn Engelse periode. ,,Er was geen winterstop. Wij speelden op 21, 24, 26, 28 december en 1 januari. In Engeland werd gedacht 'kerst is een huiselijk feest, dus de mensen willen eruit'. Daar ga je in mee. Wij zaten zelfs met Oud en Nieuw in een hotel. Ik speelde alles. Heb in die vier jaar Ipswich maar vier wedstrijden gemist. Er waren in de winter wel wedstrijden waarin ik mijn voetbalschoenen niet meer zag door de lagen prut waarin ze stonden. Daar werd het nauwelijks afgelast. Bij Manchester United heb ik het een keer meegemaakt dat er niet gespeeld kon worden. Toen hadden de ratten de verwarmingsbuizen onder het veld kapot geknaagd, waardoor de ene kant van het veld keihard was en de andere kant zacht. Dat was veel te gevaarlijk. Ook bij Ipswich is het een keer niet doorgegaan, toevallig tegen Manchester United. Er lag 30 centimeter sneeuw op het veld, zodat ze het duel er wel uit moesten gooien."

Voor 2004 hoopt Arnold Mühren dat het Ajax goed gaat. ,,Ik hoop dat de spelersgroep bij elkaar blijft. En in het algemeen vind ik dat de mensen meer respect voor elkaar mogen hebben. Het vandalisme kan wel wat minder. Wat voetbal betreft vind ik dat 'de elleboog' er echt uit moet. Een eerste keer drie wedstrijden schorsing, een volgende keer zes. Misschien dat het op die manier lukt."