Beatles-taferelen in Siberië

Beatles-taferelen in Siberië

De Toekomst, het kloppende clubhart van Ajax, bestaat dit seizoen tien jaar. In deze aflevering van '10 jaar de Toekomst' de ervaringen van Ajax C1, die van 3 tot 10 mei in Siberië verbleef.

Gillende en huilende meisjes die knuffeldieren gooiden en bij elke gelegenheid om een handtekening vroegen. De veertienjarige spelers van de C1 wisten niet wat ze meemaakten in Novosibirsk, de 2,5 miljoen inwoners tellende hoofdstad van Siberië. Was dit het land waar mannen voorheen naartoe verbannen werden? Het leek eerder een kuuroord. Ze moesten er ook nog bij voetballen.

Liefst 5.437 kilometer bedraagt de afstand tussen Amsterdam en Novosibirsk. Ajax toog voor de tweede achtereenvolgende keer naar de Siberische hoofdstad omdat de sfeer en de tegenstanders er onvergelijkbaar zijn met andere toernooien in Europa. De spelers moesten er wel wat voor over hebben. Tom Boere: ,,De reis duurde ontzettend lang. In Amsterdam moesten we al lang wachten voordat het vliegtuig naar Moskou vertrok. Daar waren we na een uur of drie, maar we hebben er uren in de kou moeten wachten voordat we verder konden vliegen. De reis naar Novosibirsk duurde bijna vijf uur. Wat was ik moe toen we aankwamen. En het duurde ook nog eens erg lang voordat onze tassen eindelijk tevoorschijn kwamen.” Gelukkig voor de spelers kreeg de bus die hen naar het hotel zou brengen een politie-escorte. Om 7.30 uur plaatselijke tijd, vijf uur later dan in Nederland, konden de jongens eindelijk naar bed.

Na een lichte training volgt in de namiddag een kennismaking met de andere deelnemende ploegen: Celta de Vigo, Legia Warschau, Olympique Marseille en FC Sibir. Het is de bedoeling van de organisatie dat aan iedere tafel jongens uit alle verschillende teams komen te zitten. De conversaties komen maar moeizaam op gang: zo goed is het Engels van een gemiddelde veertienjarige nog niet.

Bij de meisjes de volgende dag telt het taalprobleem wat minder. Met handen en voeten, maar vooral gegil maken de plaatselijke pubers duidelijk dat de Amsterdammers wat hen betreft het populairste zijn. De spelers moeten met elk meisje op de foto en daarna liefst nog een keer. Wat is hier aan de hand? Het valt voor de spelers niet mee om zich rustig te kunnen voorbereiden op de eerste wedstrijd tegen Legia Warschau. C1-speler Dico Koppers: ,,Voor een eerste wedstrijd op een toernooi ben je sowieso een beetje gespannen. Daarbij waren die Polen allemaal hartstikke groot en sterk. Maar we bleven rustig en combineerden zorgvuldig. Zowel Tom Boere als Ricardo Kip scoorde voor ons en daarna hielden we het gewoon dicht achterin.”

De overwinning verstevigt hun populariteit nog meer. Als de spelers later op de middag op hun gemak naar de wedstrijd tussen FC Sibir en Celta de Vigo willen kijken, zijn zíj de blikvangers voor de Russinnen. Gewillig voldoen de spelers aan elk verzoek. Ze zetten honderden handtekeningen, waardoor het gegil langzaam verstomt. Als ze ’s middags in het hotel hun dagelijkse uurtje studeren hebben ze eindelijk even rust. Ze weten niet wat hen overkomt.

Trainer Wim Kwakman weet dat wel. Ook vorig jaar was hij getuige van de populariteit van de jonge Ajacieden. Om totaal andere redenen kijkt hij met verbazing om zich heen. ,,Deze stad ontwikkelt zich zo snel. Vorig jaar was er op het vliegveld nog geen slurf en moesten we onze bagage in een aftands gebouwtje ophalen. Nu is dat allemaal modern, ze hebben lopende banden aangebracht. Ook was er nog geen kunstgras in het stadion. Verder zijn er heel veel nieuwe gebouwen bijgekomen. Ook de metro en ons hotel zijn erg goed. Aan de andere kant zie je ook nog gewoon trams en bussen van dertig jaar oud rijden. En staan de grauwe fabrieken nog midden in de stad en zijn de wegen slecht. De kloof tussen oud en modern is enorm. Maar deze stad is duidelijk in opbouw. Ik ben benieuwd hoe het er volgend jaar uitziet.”

De spelers van de C1 hebben minder oog voor de stad. Ze concentreren zich op hun huiswerk, de trainingen en de wedstrijden natuurlijk. De aandacht van de meisjes daarbij is leuk, maar de zaken gaan voor. Op 7 mei speelt Ajax de tweede wedstrijd, tegen Celta de Vigo. Tom Boere: ,,We hadden ’s ochtends eerst een excursie gemaakt naar een heel groot meer en een kerk. Die was helemaal in orthodoxe stijl met veel goud en iconen. Toen we ’s middags bij het stadion aankwamen stonden er weer veel fans. Gelukkig was iedereen bij de wedstrijd erg geconcentreerd. Door een eigen doelpunt van Celta kwamen we op 1-0, maar zij kwamen na een mooie volley op 1-1. We waren veel beter, zelfs toen een van ons twee keer geel had gekregen. Het bleef 1-1, erg teleurstellend.” De wedstrijd van de volgende dag tegen Olympique Marseille eindigt eveneens in 1-1. De spelers hebben een toernooi-overwinning daarom niet meer in eigen hand.

In de dagboeken die de jongens bijhouden doen ze vooral verslag van de wedstrijden, en in mindere van de avances van de Siberische meiden. Volgens begeleider Hans Bijvank maken de trips naar het standbeeld van Lenin en het monument voor de onbekende soldaat minder indruk op de spelers. Dat geldt ook voor de parade die ze aanschouwen op 9 mei, de nationale feestdag in Rusland. Slechts voor de tanks lopen ze wat warmer. Voor de 14-jarige spelers tellen vooral de wedstrijden, en daarvan spelen ze die middag de laatste, tegen FC Sibir. Dico Koppers: ,,Iedereen had er veel zin in, want het hele stadion zal vol. We kwamen op 1-0, maar we maakten een fout waardoor het 1-1 werd. Toen kreeg een van ons na een zogenaamde schwalbe een tweede gele kaart en raakten we de kluts helemaal kwijt. We verloren met 2-1 waardoor we uiteindelijk derde werden in de eindstand. We waren allemaal erg boos en teleurgesteld.”

Hans Bijvank beaamt Koppers’ woorden. ,,Hoewel we in Ruben Ligeon wél de speler van het toernooi leverden, had er sportief meer ingezeten voor ons.” Ook de vrouwelijke fans op de tribune hebben gemengde gevoelens. Zijn hun buitenlandse helden nu van hun voetstuk gevallen? De spelers krijgen ’s avonds duidelijk antwoord: op het slotfeest wordt er van velen buiten persoonlijk afscheid genomen. Volgend jaar zullen ze er weer staan, voor weer een nieuwe lichting jonge Ajacieden.