Bennie Muller: oer-Ajacied op nummer 7

Bennie Muller: oer-Ajacied op nummer 7

De Club van 100 van Ajax telt liefst 150 spelers die meer dan honderd officiële wedstrijden voor Ajax hebben gespeeld. In deze serie zetten we de tien Ajacieden met de meeste duels in de schijnwerpers. Deze week aandacht voor de nummer 7 op de lijst: Ben Muller. De kleine middenvelder kwam in totaal tot 426 wedstrijden in dienst van Ajax.

Het merendeel van die duels speelde Muller aan de zijde van zijn grote vriend Sjaak Swart. ,,Ik ken Bennie al vanaf mijn zevende, achtste jaar'', zegt Mister Ajax, die precies zes weken ouder is dan zijn maatje. ,,We begonnen toen samen bij T.D.W. Centrum en speelden onze eerste wedstrijd tegen PVZB, die we met 8-1 verloren. Bennie is daar vervolgens gebleven en ik ging naar OVVO. Toen ik 10 jaar was ging ik naar Ajax, Bennie kwam iets later.''

Muller debuteert in 1958 in het eerste elftal van de Amsterdammers. Twee jaar later schopt hij het al tot international. In totaal maakt de Amsterdammer liefst 43 keer zijn opwachting in Oranje. Swart is dan ook lyrisch over zijn oude ploegmakker. ,,Bennie was een van de allerbeste tackelaars. Als een tegenstander dacht dat hij er langs was, kwam Ben nog even de bal afpakken. Verder was hij technisch en had hij een groot loopvermogen. Hij was gewoon een heel goede middenvelder, die alleen wat klein was.''

Hoewel Muller met Ajax vele hoogtepunten beleeft, springt Ajax – Feyenoord uit 1960 er uit. Ajax en de Rotterdamse aartsrivaal eindigen dat jaar op een gezamenlijke eerste plek, met hetzelfde aantal punten én doelpunten. Een beslissingswedstrijd moet dus uitsluitsel brengen. Tot overmaat van ramp komt de thuisploeg in het Olympisch Stadion met 0-1 achter via een door Muller veroorzaakte strafschop. ,,Bennie maakte hands en had daar in de rust vreselijk de pest over in. Waarop ik tegen hem zei: Ben, het komt goed, ik maak er zo wel een. Uiteindelijk wonnen we met 5-1 en speelde Ben een geweldige pot'', vertelt Swart – die woord hield en de 3-1 maakte – op eigen karakteristieke wijze.

Bennie Muller speelde als Ajax-icoon een mooie ceremoniële rol na Ajax' laatste kampioenswedstrijd, op 27 april 2014. Na het 1-1-gelijkspel tegen Heracles kon Muller de Ajacieden de kampioensschaal overhandigen. Net als alle overige Ajacieden ontving ook Niklas Moisander felicitaties. Bennie Muller speelde als Ajax-icoon een mooie ceremoniële rol na Ajax' laatste kampioenswedstrijd, op 27 april 2014. Na het 1-1-gelijkspel tegen Heracles kon Muller de Ajacieden de kampioensschaal overhandigen. Net als alle overige Ajacieden ontving ook Niklas Moisander felicitaties.

Behalve het voetbal is er echter nog iets wat Muller en Swart verbindt: hun Joodse wortels. ,,Bennie was officieel de enige Joodse speler in onze selectie, omdat hij een Joodse vader en moeder had. Terwijl ik alleen een Joodse vader had. Dat geldt alleen niet voor de Joodse wet, maar ik voel me er natuurlijk wel bij betrokken'', legt de voormalige rechtsbuiten uit.

In een voetbalwereld die vandaag de dag steeds meer wordt gedomineerd door geld en macht is het haast niet voor te stellen dat voormalige ploeggenootjes uit de jeugd ruim 65 jaar later nog steeds een hechte vriendschap onderhouden. ,,Wij bellen elkaar wekelijks zeker tien keer. Dat komt ook omdat we allebei verliefd zijn op FC Barcelona en Lionel Messi. Als Messi bijvoorbeeld ‘s nachts speelt, gaan we ook kijken en bellen we elkaar vooraf even. Daarnaast ga ik weleens kijken bij zijn kleinzoontjes en zien we elkaar op verjaardagen en feestjes. Verder ben ik dol op zijn zoon Danny, die een soort zoon voor me is'', doelt Swart op de voormalige talentvolle middenvelder uit de jeugdopleiding van Ajax, die later een verdienstelijke profloopbaan opbouwde bij onder meer FC Barcelona B, Standard Luik en RKC Waalwijk.

Als Muller in 1970, na het behalen van onder meer vijf landstitels, van trainer Rinus Michels te horen krijgt dat hij mag vertrekken, komt er een einde aan een periode van twaalf jaar lang voetballen in Ajax 1. Al had dat volgens Swart niks te maken met zijn voetballende kwaliteiten. ,,Bennie had altijd een bepaald trucje, waarmee hij de bal terughaalde. Michels wilde echter dat hij directer ging spelen. Bennie was alleen een beetje eigenwijs, waardoor er onderling gemopper ontstond. Dat heeft hem uiteindelijk de das omgedaan.''

Na het vertrek bij zijn jeugdliefde speelt de Amsterdammer nog bij Holland Sport en Blauw-Wit, voordat hij zijn schoenen opbergt.

Tekst: Ajax.nl/Coen Heil
Foto’s: Ajax.nl/Louis van de Vuurst (midden) en Ajax Erfgoed