Boilesen kan weer vooruitkijken

Boilesen kan weer vooruitkijken

Vanuit het schijnbare niets stond hij in mei 2011 op het podium, om als basisspeler Ajax’ dertigste landstitel te vieren. Om niet lang daarna weer in het schijnbare niets te verdwijnen. Een hardnekkige hamstringblessure hield hem ruim anderhalf jaar aan de kant. Nu is de 21-jarige Nicolai Boilesen terug. Een monoloog van de Deense international.

,,Mijn begin bij Ajax was moeilijk. Ik kwam hier binnen met een knieblessure die ik anderhalve maand daarvoor had opgelopen bij Bröndby. De eerste drie, vier maanden kon ik niet voetballen, terwijl je je als nieuwkomer natuurlijk meteen wilt manifesteren. Helemaal omdat ik gekocht was en in de A1 ging spelen, hoofdzakelijk tussen jongens die hier jarenlang waren opgeleid. Dat bracht verwachtingen met zich mee. Zo van: als ze hem speciaal uit Denemarken hierheen halen, dan moet hij wel bijzonder zijn. Dan is het heel frustrerend als je jezelf niet kunt laten zien. Pas als je op het veld staat om te trainen en wedstrijden te spelen, word je volledig geaccepteerd door je ploeggenoten. Dat gaat nu eenmaal zo en dat moet ook, maar het is wel moeilijk als je zeventien jaar bent.”

Debuut

Het was 2 april 2011, we speelden met de A1 tegen Feyenoord, een belangrijke wedstrijd. Ik was aanvoerder, speelde centraal achterin. Ik werd gewisseld na zestig minuten. Dat verbaasde me, want ik had het gevoel dat het best lekker ging, maar kennelijk dachten ze daar aan de kant anders over, want waarom wissel je me anders? Ik ging met de pest in mijn lijf naar de kant. Daar kwam Dennis Bergkamp me vertellen dat ik gewisseld was omdat ik de dag erna op de bank mocht zitten bij het eerste, dat tegen Heracles speelde. Toen was ik natuurlijk alsnog blij met die wissel.”

,,Ik maakte me op voor een mooie ervaring, een middag indrukken opdoen. Maar dat liep een beetje anders. Daley Blind raakte na een minuut of veertig geblesseerd en ineens moest ik erin. Alsof het zo moest zijn. Vanaf dat moment ging alles heel snel met mij, in een alleen maar stijgende lijn. Ik stond de rest van het seizoen in de basis, waaronder die twee gekke wedstrijden tegen Twente. Eerst de bekerfinale, die we verloren na een 2-0-voorsprong. En een week later die waanzinnige wedstrijd hier, toen we kampioen werden.”

Een jonge Nicolai Boilesen in actie tijdens zijn debuutwedstrijd tegen Heracles Almelo in 2011. Een jonge Nicolai Boilesen in actie tijdens zijn debuutwedstrijd tegen Heracles Almelo in 2011.

Door de pijn heen

,,Na de zomer ging het aanvankelijk ook nog lekker. Ik debuteerde zowel in de Champions League als de nationale ploeg van Denemarken. Tot 18 september 2011. In de wedstrijd tegen PSV liep ik een scheur op in mijn hamstring. De anderhalve jaar daarna ben ik eigenlijk alleen maar aan het revalideren geweest. Er is heel veel gebeurd in die periode. Ik heb niet stilgezeten, heb een paar keer aan een rentree mogen ruiken. Maar telkens begaf die hamstring het weer.”

,,Ik heb veel verschillende specialisten, artsen en fysiotherapeuten geraadpleegd. En ik heb veel verschillende manieren van revalideren geprobeerd, inclusief echt gekke dingen, alles om maar eindelijk weer fit te worden. Ze hebben stroomstootjes door mijn lijf gestuurd, terwijl ik met mijn voeten in het water stond. Er zijn naalden in mijn been gestoken; niet een beetje oppervlakkige acupunctuur, maar echt diep erin. Ik heb gerevalideerd met als uitgangspunt dat ik helemaal geen pijn meer mocht voelen, maar ook dat ik juist door de pijn heen moest trainen. Terwijl ik oefeningen deed, sloeg iemand op mijn been. Dat soort dingen doe je niet meteen op dag één van het revalidatieproces, je probeert het natuurlijk eerst op de ‘normale’ manier. Maar naarmate het steeds langer duurt, ga je toch zoeken naar iets dat wél werkt. Want als je negentien of twintig jaar bent, wil je er niet bij lopen als een man van zeventig. Je wilt niet telkens pijn voelen, nauwelijks de trap op kunnen lopen of je eigen veters kunnen strikken. Het was op een gegeven moment zo erg dat ik geen boodschappentassen meer mocht dragen, omdat dat mijn hamstring te veel belastte. Ik heb toen zo’n rolkoffertje moeten kopen, waar je oude mensen vaak mee ziet lopen. Daar liep ik dan mee door de supermarkt. Nu kan ik er wel om lachen, maar op dat moment was het echt heel vervelend.”

’Luie’ spier

,,Bijna een jaar geleden kwam ik in contact met een Zweedse professor die gespecialiseerd is in hamstrings, Carl Askling. Hij heeft de fout gevonden. De ene spier in mijn hamstring functioneerde niet goed. De andere spier moest alles overnemen en ik had die spier zo hard getraind, dat dat nog bijna helemaal lukte ook. Het enige wat ik niet kon, was een sprint van meer dan veertig meter trekken. Elke keer als ik dat deed, ging het weer fout en scheurde die spier weer in.”

,,Drie maanden lang heb ik heel intensief samengewerkt met Askling. Ik heb allerlei oefeningen gekregen, die ik dagelijks meerdere keren moest doen, met als doel die “luie” spier te activeren. Buiten, binnen, in het zwembad, ‘s ochtends vroeg, ‘s avonds laat, voordat ik ging slapen, als ik net wakker was. Alles om die spier te prikkelen. Normaal gebeurt dat automatisch, vanuit je hersenen. Bij mij werkte dat niet meer goed, omdat er al zo vaak schade aan die hamstring was geweest. Door het litteken konden de zenuwen het signaal niet meer doorgeven van mijn hersenen naar die spier.”

,,De meeste oefeningen doe ik nog steeds. Eén ervan wel vijf keer per dag, een andere om de drie dagen. Na een jaar weet ik ook niet beter meer, het hoort gewoon bij mijn dagindeling, zoals ik ‘s ochtends en ‘s avonds mijn tanden poets. Ik vind het niet vervelend, het heeft me immers gebracht waar ik zo graag weer wilde zijn: op het voetbalveld.”

Tekst: Ajax.nl/Maarten Dekker
Foto's: Ajax.nl/Louis van de Vuurst (boven) en Gerard van Hees