Bryan Roy blijft investeren

Bryan Roy blijft investeren

Bryan Roy maakte op 6 september 1987 zijn debuut in het eerste elftal van Ajax. Nu, meer dan twintig jaar later, is hij trainer op de Toekomst en volgt hij een opleiding aan de Johan Cruijff Academy.

Eerst dat onverandere jonge hoofd, dan een al even herkenbaar rank lijf in het vertrouwde blauwe trainerspak. Bryan Roy is de trap op van het restaurant van de Toekomst, een begroeting aan iedereen. Maar wat is dat, loopt de 38-jarige jeugdtrainer wat houterig? De aanwezigen volgen hem met hun blikken naar de grote tafel achterin. Moeizaam gaat hij zitten. De eerste vroege tekenen van verval van het ooit zo elastische lichaam? ,,Pijn aan mijn rug”, verklaart hij. Dan opent hij met een primeur: ,,Ik heb besloten om me volledig toe te leggen op het trainerschap en me daarin zo breed mogelijk te gaan ontwikkelen. Daarom ben ik gaan studeren. Alleen heb ik vandaag iets te lang achter mijn bureau gezeten.” Straks, op het trainingveld, zal het beter gaan.

In het seizoen 2001-2002 kwam hij terug naar de Toekomst. Eerst als jeugdtrainer van de D2, daarna kreeg hij de E3 twee seizoenen onder zijn hoede, toen volgde weer de D2, vervolgens de B1 en dit jaar was het de C2. ,,Ik begon als parttimer; de eerste drie jaar trainde ik daarom altijd de jongste jeugd, en heb daarnaast nog vele andere leuke dingen gedaan. Vorig seizoen ben ik fulltime in dienst getreden bij Ajax en kreeg ik de B1 onder mijn hoede. Dit jaar ben ik trainer van de C2.”

Met veel succes overigens, want zijn team werd begin april kampioen met overtuigende cijfers: na twintig van de tweeëntwintig wedstrijden luiden die achttien gewonnen, één gelijk, één verloren en een doelsaldo van 122 voor en 23 tegen. De voorsprong op de rest is enorm. ,,Of dat leuk is, zo’n seizoen? Ja. Ik ben erg tevreden over de jongens. Ze hebben goed voetbal gespeeld en ze hebben zich binnen hun eigen mogelijkheden prima ontwikkeld, zowel als individu als als team.”
Met veel liefde zal hij daarom ook het volgende seizoen weer de C2 trainen. De individualistische jongen van vroeger als man voor een groep. Hij bestrijdt met klem dat een individualist niet vanuit het teamperspectief kan denken: ,,Als je als buitenspeler geen bal krijgt, betekent dat dat het team geen goed voetbal speelt. Dus ik heb altijd moeten meedenken over de speelwijze van het team: op het moment dat het team goed voetbal speelt, was de kans op een hoog rendement groter.” Zijn achtergrond als speler komt hem daarbij dus goed van pas.

,,Weet je, ik voel me nog steeds zó thuis op het veld. Je ziet de jongens beter worden, het is ook leuk om na te denken over hoe je ze beter kunt maken.” Maar ook zichzelf wil hij op een hoger plan krijgen, de C2 zal zeker niet zijn eindstation worden, hoe leuk hij het werken met dertienjarigen ook vindt. Die drang tot verbeteren en ontwikkelen zit er diep in, ook bij zichzelf. Acht maanden geleden begon hij daarom aan de masteropleiding Sports Management, aan de Johan Cruijff Academy. ,,Dat bevalt perfect. Met die opleiding ontwikkel ik me zo breed mogelijk op managementniveau.”
Maar zei hij net niet dat zich zo thuis voelde op het veld? ,,Ja, en ik zal voorlopig ook op het veld blijven. Maar ik sluit niet uit dat ik in de toekomst andere managementfuncties zal gaan bekleden. Van het trainerschap, zeker op een hoger niveau, worden steeds meer managementkwaliteiten verwacht. En aangezien ik de ambitie heb om verder te komen als trainer, vind ik dat ik deze opleiding nodig heb.” Hij wil in het seizoen 2009-2010 instromen op de cursus Coach Betaald Voetbal.

Het is niet voor het eerst dat Roy activiteiten naast het voetbal, maar toch ook mét voetbal onderneemt. De bekende voetbalpoppen die hij op de markt bracht zijn er een goed voorbeeld van. Onbevangen en onvoorbereid ging hij het avontuur in. De managementkennis die hij nu opdoet, doet hem nog wel eens denken aan die tijd. Hij kijkt er tevreden op terug. ,,Het was enorm leuk om te doen, het boeide me echt. Het leiden van een team, de dingen die ik ervan heb geleerd. Alleen zou ik het met de kennis die ik nu heb wat anders doen.” Ook als columnist van dagblad Dag en gastheer van ABN Amro is hij wekelijks actief. In de eerste functie laat hij wekelijks zijn licht schijnen over voetbalwedstrijden, in de tweede functie interviewt hij na elke thuiswedstrijd twee Ajacieden in de ABN Amro Lounge en onderhoudt hij de gasten. ,,Heel plezierig vind ik dat. De mensen die ik erdoor leer kennen zijn vaak heel interessant. Ik hoop dat ik dit werk voor ze kan blijven doen, nu ze terugtreden als hoofdsponsor. De bank heeft in ieder geval de intentie om met me door te gaan, en aan mij zal het ook niet liggen.” Op het moment van schrijven zijn de twee partijen er nog over in gesprek.

Dan kijkt hij op zijn horloge. ,,Ik wil me nog even laten behandelen door de fysiotherapeut, voordat ik zo weer ga trainen.” Laat hij de teugels vieren op de training nu de jongens kampioen zijn? Heel serieus: ,,Nee. De training is nu zeker geen feest. We gaan gewoon verder, het seizoen duurt nog twee maanden. Daarin kunnen ze nog heel wat leren, dat wil ik ook.” Over een paar weken volgen de eindgesprekken met de jongens: Roy is een van degenen die moet bepalen of ze volgend seizoen nog een jaar bij Ajax mogen voetballen. ,,Ja, soms moet ik beslissingen nemen die nu eenmaal niet leuk zijn voor een ander. Maar dat hoort nu eenmaal bij het trainersvak.” En bij de vriendelijke ambitieuze jongen die Roy nog altijd is.

Bryan Roy als speler

Bryan Roy maakte op 6 september 1987 zijn debuut in het eerste elftal van Ajax. Hij was toen zeventien jaar oud. De linksbuiten speelde in vijf seizoenen 155 officiële wedstrijden voor de club. Daarin maakte hij zeventien doelpunten.
Met Ajax werd hij landskampioen in 1990 en won hij de UEFA Cup in 1992. Zijn enige Europese doelpunt maakte Roy in de halve finale van dat toernooi, toen Ajax op 1 april 1992 bij Genoa met 2-3 won. In totaal speelde hij vijftien Europese wedstrijden namens Ajax.
Roy was toen al international: hij debuteerde in Oranje in de vriendschappelijke wedstrijd tegen Denemarken, thuis in september 1989.

Roy speelde in totaal 32 maal voor het Nederlands elftal, waarvoor hij negen doelpunten maakte. Hij scoorde onder meer tegen Marokko, tijdens het WK van 1994. Twee jaar eerder, tijdens het EK in Zweden, maakte hij zijn debuut op een groot internationaal landentoernooi. Zijn laatste interland speelde hij in maart 1995, thuis tegen Malta in het EK-kwalificatietoernooi.
In het seizoen ’92-’93 speelde Roy zijn laatste vijf wedstrijden voor Ajax: het Italiaanse Foggia kocht hem voor 3,5 miljoen gulden. Bij Foggia bleef hij twee seizoenen, waarin hij negentien keer scoorde in vijftig duels.

Nottingham Forrest nam Roy in 1995 over van Foggia. De Engelsen hadden 7,5 miljoen gulden voor hem over. In drie seizoenen (56 wedstrijden) maakte de Amsterdammer zestien goals. Duitsland was het volgende land dat hij aandeed. In het seizoen ’97-’98 begon hij bij Hertha BSC (Berlijn) waar hij in vijftig wedstrijden, verdeeld over 3,5 seizoen, drie doelpunten maakte. Tijdens het seizoen 2000/2001 nam NAC Breda hem over, waar hij zijn carrière aan het einde van dat seizoen afsloot, nadat hij nog eens twee treffers en veertien wedstrijden aan zijn imposante totaal had toegevoegd.