Cruijffie steekt Koning Voetbal in Lissabon naar de kroon

Cruijffie steekt Koning Voetbal in Lissabon naar de kroon

Jaap Visser van Kick uitgevers schrijft elke maandag een blog over de geschiedenis van Ajax. Deze week gaan we terug naar 19 februari 1969 wanneer Ajax in Lissabon het onmogelijke presteert en zich tegen de Europese grootmacht Benfica op weergaloze wijze revancheert voor een uitglijder op de gladde piste van het Olympisch Stadion in Amsterdam.

Het magische optreden van Ajax in het zwakke lampenschijnsel van wat het Stadion van het Licht wordt genoemd, is het gelijk van Johan Cruijff. Na de 3-1-thuisnederlaag tegen Benfica in de kwartfinale van de Europa Cup had Jopie in zijn wedstrijdcolumn voor de regionale dagbladen van de GPD vol bravoure opgemerkt dat Ajax nog niet verslagen was. ,,Ik ben niet bang voor Lissabon. Ik acht ons daar zeker niet kansloos’’, beweerde Cruijff. Tegen beter weten in? Geenszins, zo blijkt in de legendarische return waarin de dartele midvoor van Ajax de Koning Voetbal van Europa, Eusébio, naar de kroon steekt.

Het wordt opnieuw 1-3 en daarmee komt Benfica goed weg. Verlengingen zijn dan nog niet aan de orde. Er komt een derde wedstrijd, op het neutrale terrein van Stade de Colombes in Parijs waar liefst 40.000 Nederlanders op 5 maart 1969 een ongekend volksfeest zullen vieren.

George Best
Groot verschil met de 1-3 van een week eerder is uiteraard het veld, dat in Amsterdam wit was, hard en glad, wat de bal tot een grillig speeltuig maakte. Op het malse gras in Lissabon rolt de bal zoals het hoort en is Ajax in veel betere doen. Cruijff: ,,Als je tegenover een ploeg staat van de klasse van Benfica heb je tempo nodig. Wij hadden dat tempo vanavond.’’

Vooral Cruijff zelf ontwikkelt zoveel snelheid dat de Benfica-verdedigers hem aan alle kanten voorbij zien flitsen. Hij is niet te houden en wervelt door het Estadio Da Luz waar de thuisploeg steeds wanhopiger naar hem schopt en grijpt.

Eén keer eerder verloor Benfica een Europese thuiswedstrijd, in 1966 met 5-1 van Manchester United, toen George Best de wedstrijd van zijn leven speelde. Dat Ajax met ‘slechts’ 3-1 wint, komt door de Italiaanse scheidsrechter Antonio Sbardella die een Amsterdamse treffer ten onrechte afkeurt, Ajax een strafschop onthoudt en veel te lankmoedig is voor de zich aan Cruijffie vergrijpende Portugezen. Maar dat neemt niet weg dat Eusebio na afloop bewonderend het hoofd van de Ajax-uitblinker beetpakt. Alsof hij Cruijff tot zijn opvolger als Europa’s beste kroont.

Ook aanvoerder Mário Coluna toont zich zwaar onder de indruk van Ajax en in het bijzonder van Johan Cruijff over wie hij zegt: ,,Die doet niet onder voor George Best.’’

Optimisme
Ter verstrooiing is Ajax aan de vooravond van de return in Lissabon naar het casino in de badplaats Estoril geweest. Cruijff en Keizer beproefden hun geluk aan de roulettetafel. Jopie won zo’n vijfhonderd gulden, Pietje achthonderd en samen besloten ze dat de echte winst een dag later zou komen.

Cruijffs optimisme is gebaseerd op de grote hoeveelheid kansen die hij een week eerder heeft geteld. Benfica is volgens hem te kloppen op snelheid en snelheid viel op de ijspiste van het Olympisch Stadion niet te

maken. Ook Rinus Michels geeft zich nog niet gewonnen en tegen de mee naar Lissabon gereisde journalisten zegt hij: ,,We zijn in Amsterdam zo dicht bij doelpunten geweest, dat er nu geen enkele reden is om te zeggen: we hadden net zo goed thuis kunnen blijven.’’

Michels heeft Klaas Nuninga als ‘schakelspeler’ geofferd. De Groningse nummer 10 moet in zijn vijfde Amsterdamse seizoen plaats maken voor Inge Danielsson en zal nog maar één keer in Europees verband voor Ajax uitkomen, als invaller in de finale tegen AC Milan, op 28 mei 1969. Ook routinier Bennie Muller is door Michels uit het elftal gehaald, ten faveure van Ton Pronk die wordt belast met de bewaking van Eusébio en er voor zorgt dat de Parel van Mozambique geen moment voor eigen publiek kan glanzen.

Hoogtepunt
De Zweed Danielsson, spelend met rugnummer 14, lijkt na luttele minuten al de score te openen, maar Sbardella keurt de treffer af. De arbiter heeft een overtreding geconstateerd of buitenspel gezien, maar zit er hoe dan ook naast.

In de negende minuut is het toch al 0-1, door een kopgoal van Danielsson en drie minuten later straft Cruijff een misser van keeper José Henrique af. Benfica wordt tureluurs gespeeld door het in alle opzichten superieure Ajax. Na ruim een half uur wordt het 0-3 wanneer de diepgaande Cruijff soepel en subtiel naar zijn tweede treffer soleert.

Op de Nederlandse televisie is daar niets van te zien, want Hilversum houdt geen rekening meer met Ajax en zendt een andere kwartfinale uit: AC Milan-Celtic, een ploeterwedstrijd in de sneeuw die in 0-0 zal eindigen. Onderin beeld wordt wel de stand van zaken in Da Luz bijgehouden: 0-1, 0-2, 0-3…, en uiteindelijk 1-3, een rake kopbal van José Torres die eindelijk een luchtduel van zijn bewaker Barry Hulshoff wint.

Dat Benfica nog op gelijke hoogte met Ajax komt, is onterecht, maar uiteindelijk wel zo leuk, omdat wedstrijd nummer drie in Parijs een hoogtepunt in de Nederlandse voetbalgeschiedenis zal worden.

[Kick uitgevers is de boekenpartner van Ajax en uitgever van het Jaarboek dat een nieuwe formule heeft gekregen en zal uitgroeien tot de Ajax-Encyclopedie]

AJAX ENCYCLOPEDIE

Fotobijschrift (boven): Eusebio ‘zegent’ Johan Cruijff tot zijn opvolger: de beste van Europa.

Foto: Eric Koch, Nationaal Archief/Anefo, collectie CC-BY, 922-1211