Culinair bijdragen aan Ajax-opleiding

Culinair bijdragen aan Ajax-opleiding

De Toekomst, het kloppende clubhart van Ajax bestaat tien jaar. Wat speelt zich dagelijks af op het jeugdcomplex nabij de ArenA? In deze aflevering van 10 jaar de Toekomst verwoordt beheerder Ruud Verschoor zijn ‘Toekomst-gevoel’.

In een ver en grijs verleden trapte ook Verschoor talentvol tegen een bal. De huidige beheerder van de Toekomst schopte het ooit tot jeugdlid van Ajax. Verschoor verdedigde de clubeer anderhalf seizoen als welp. De 64-jarige Amsterdammer bracht het nooit tot profvoetballer. In de jaren waarin hij deel uitmaakte van de jeugdopleiding, midden jaren vijftig, liet vooral trainer Ger Stroker een onuitwisbare indruk achter. ,,Hij is misschien wel de beste jeugdtrainer die Ajax ooit heeft gehad’’, roemt Verschoor zijn oude leermeester. ,,Van Stroker leerde je elke dag wel weer iets nieuws. Hij trainde in zijn eentje twaalf elftallen en bedacht zijn eigen, unieke oefenstof. Stroker was, zeker voor zijn tijd, revolutionair. Ik durf te wedden dat zelfs Johan Cruijff en Piet Keizer wel iets van hem hebben geleerd.’’ Verschoor ervoer zijn verblijf in de jeugdopleiding als een feest. ,,We trainden twee keer per week, maar belegden daarna gewoon nog een complete training. Piet Keizer was daar ook altijd bij. In de zomer gingen we honkballen.’’

Het gastheerschap op de Toekomst blijkt uitstekend aan Verschoor besteed. De Amsterdammer is eindverantwoordelijk voor de culinaire kant van de dagelijkse gang van zaken op het voetbalcomplex. Een warm kloppend clubhart en een oceaan aan horeca-ervaring komen de kantine- en keukenbeheerder dagelijks van pas.
De opening en de eerste weken van de Toekomst staan de uitbater nog helder voor de geest. Uitgelopen bouwwerkzaamheden doorkruisten de openingsfestiviteiten. Verschoor: ,,De verfdruppels kwamen nog van het plafond bij de opening. De opening verliep ook hectisch. We wisten nauwelijks wat we meemaakten. Het was zeker geen ‘normale’ start. Toch was het vanaf de start elke dag feest.’’

Tussen alle bedrijven door behoudt Verschoor een goed overzicht over de verrichtingen van de diverse Ajax-jeugdelftallen. Tussen alle bedrijven door behoudt Verschoor een goed overzicht over de verrichtingen van de diverse Ajax-jeugdelftallen.

De verf is inmiddels gedroogd. Verschoor hoeft geen Ajacied meer te waarschuwen voor vallende verfklodders of pas geverfde muurtjes. De Toekomst is tien jaar in vol bedrijf. Talloze oud-spelers en overige Ajax-trainers zijn het voetbalgezicht van de jeugdopleiding. Verschoor en zijn personeel versterken het saamhorigheidsgevoel. Clubgevoel en verenigingswarmte worden gekoesterd op de Toekomst. De Ajacieden in de Amsterdam ArenA en de Ajacieden op de Toekomst zijn één. ,,Het enige dat hier ontbreekt is openbaar vervoer. De bereikbaarheid, bijvoorbeeld een busverbinding, kan beter. Verder is dit een unieke plek. Alles is hier aanwezig.’’

Wie Verschoor vraagt naar zijn voetbalverleden, wordt overstelpt door een brei aan voetbalhistorie. Diverse anekdotes en voorvallen voeren de luisteraar terug naar de Watergraafsmeer, daar waar hij opgroeide. De jeugdjaren van Verschoor speelde zich bijna letterlijk af in de schaduw van het oude Ajax-stadion de Meer. ,,Ajacied blijf je een heel leven lang lang, vind ik. Ook na mijn vertrek bij de club ben ik de wedstrijden blijven bezoeken. Ik heb bijna alle finales van dichtbij gezien. Samen met Sjaak Swart heb ik ooit een eigen cluppie opgericht. Met ons ploegje speelden we onze wedstrijden op zaterdag, op het terrein van VVGA. De Ajax-selectie trainde daarnaast. Ajacieden als Kurt Linder, Sören Lerby en Frank Arnesen kwamen wel eens kijken.’’

Voor de keuken- en barbrigade van Verschoor is het telkens weer een uitdaging jeugdspelers een goede sportmaaltijd voor te schotelen. Het doel is een culinaire bijdrage te leveren aan de vorming van de Ajax-talenten. Viermaal per week worden minstens honderdzestig maaltijden bereid. Ook de trainers, het overige personeel en de bezoekers van de Toekomst moeten smakelijk aan hun trekken komen.
Erg rouwig om het mislopen van zijn voetbaldroom is Verschoor niet. Hij is simpelweg gelukkig in de horeca. ,,Werken in de horeca is een manier van leven.’’ Lachend: ,,En wat moet ik anders doen? Ik ben, serieus, heel trots op waar ik deel van mag uitmaken. Wat Ajax heeft, is uniek in Nederland. Uniek in de wereld.’’