Dagboek Zuid-Afrika (15): Pittige afsluiting

Tijdens de laatste training in Zuid-Afrika moesten de Ajacieden nog één keer alles geven. De sessie in de ochtend was vooral voor het uitlopen, in de middag werden drie scherpe partijtjes gespeeld op een oud hockeyveld.

Het veld waar de Ajacieden 's ochtends de doelen naar toe hadden gesjouwd, was dertig jaar geleden het eerste verlichte hockeyveld. De sporen waren nog duidelijk zichtbaar: boven het veld hingen om de paar meter kabels aan grote palen met daaraan een stuk of acht lampen. De supporters verwachtten dat er daar na de training van Ajax niet een meer van over zou zijn, maar dat bleek mee te vallen.

De supporters die 's ochtends al bij de training waren, hadden waarschijnlijk al hun vrienden en familie opgetrommeld die van voetbal houden, want langs de randen van het veld was het een drukte van belang. En natuurlijk bevond zich onder die supporters weer het nodige aantal Grieken

Drie partijtjes van twaalf minuten moesten worden gespeeld. Het tempo lag hoog en de duels werden agressief aangegaan. Dat ondervond Rosales in het tweede partijtje. De Argentijn werd geraakt op zijn voet en moest het veld verlaten. De medische staf verzamelde zich rond de aanvaller en tapete uiteindelijk zijn hele voet in. De grote teen van de nummer zeven van Ajax was het lichaamsdeel dat geraakt was.

Maarten Stekelenburg nam de positie van zijn teamgenoot over, in het derde partijtje was dat Hans Vonk. Die deed dat niet onverdienstelijk, want hij kwam tot een goede voorzet en kwam één keer oog in oog te staan met Kenneth Vermeer. De jongste van de twee keepers won het duel.

De vele fans lieten de spelers meteen na de training niet ontsnappen en vlogen op de Ajacieden af. Maar de twee doelen moesten nog worden teruggeplaatst. Zo ongeveer de hele selectie stond bij het doel klaar om het te verplaatsen, maar nog één paar handen werd gemist. ,,Hans!, Hans!'', riepen de Amsterdammers naar Hans Vonk. De Zuid-Afrikaan profiteerde van zijn nationaliteit en gaf aan dat de handtekeningen en foto's voor zijn landgenoten toch echt belangrijker waren. En zeker na de laatste training van het kamp.