Deze week… 24 jaar geleden

Deze week… 24 jaar geleden

Deze week is het 24 jaar geleden dat Ajax amateurclub DOVO in de eerste ronde van de KNVB Beker versloeg. Op 17 november 1984 won de ploeg van trainer Aad de Mos met 5-0 in Veenendaal.

John Bosman scoorde in de eerste ronde van de KNVB Beker twee keer tegen DOVO. FOTO: Archief Ajax John Bosman scoorde in de eerste ronde van de KNVB Beker twee keer tegen DOVO. FOTO: Archief Ajax

Aan het begin van het seizoen 1984-1985 weet iedereen binnen Ajax dat het beter moet. Het voorgaande seizoen eindigde in mineur met een derde plaats in de competitie en een voortijdige uitschakeling in de strijd om de KNVB Beker tegen Feyenoord. Bovendien was de eerste ronde van het Europa Cup I-toernooi direct het eindstation doordat Olympiakos Pireaus te sterk bleek. Lof oogstte het elftal van Aad de Mos meer dan voldoende. Het frivole spel van de jonkies Marco van Basten, Gerald Vanenburg, John van ‘t Schip en Frank Rijkaard was leuk om te aanschouwen, mede doordat het veel doelpunten opleverde (honderd in de competitie, red.). Verdedigend daarentegen was het al met al een broos geheel, getuige de 46 tegengoals in de competitie.

Logischerwijs vraagt De Mos in de zomerstop om versterkingen voor de defensie. De clubleiding gaat op zoek in België en komt met twee namen van formaat. Voorstopper Ronald Spelbos komt over van Club Brugge en keert daarmee terug op de Nederlandse voetbalvelden. De opvallendste en eveneens opmerkelijkste versterking is Walter Meeuws. De Belg is op dat moment in eigen land betrokken bij een omkoopschandaal waarin de clubs Standard Luik en Waterschei de hoofdrollen opeisen. Voor Meeuws komt Ajax op het perfecte moment om min of meer zijn vaderland te ontvluchten. Gevolg is wel dat Meeuws gedurende de eerste maanden wegens een schorsing niets meer kan doen dan meetrainen. Pas na de winterstop maakt de Belg zijn debuut in Ajax 1.

De international van België kan dus ook niet spelen in de eerste ronde van het KNVB Bekertoernooi tegen DOVO op 17 november. Doordat de amateurclub uit Veenendaal uit de koker komt rollen, wordt aanvankelijk aan een walk-over gedacht. Immers, in de competitie maakt Ajax grote indruk. Van de elf wedstrijden tot dan toe worden er negen in winst omgezet. De overige twee eindigen in een gelijkspel. Ook de uitslagen liegen er niet om. Sparta (2-5) MVV (5-1) en Go Ahead Eagles (7-2) worden met grote cijfers teruggewezen. In de eerste ronde van de UEFA Cup wordt het arme Red Boys Differdange uit Luxemburg zelfs met 14-0 verslagen; nog altijd een record in de Ajax-geschiedenis.

Van een eenvoudige avond in Veenendaal is echter geen sprake. Dat heeft niet eens zozeer met de tegenstand van DOVO te maken, maar meer met de kater die Ajax een week eerder heeft opgelopen in de tweede ronde van de UEFA Cup. In Praag wordt het jonge team na het nemen van strafschoppen uitgeschakeld door Bohemians Praag. Die nederlaag, de eerste in het seizoen, werkt door in de gesteldheid van de Ajax-spelers. De eerste vijfenveertig minuten voetballen de Ajacieden vooral tegen zichzelf. Pas na de 0-1-ruststand - doelpunt John Bosman - wordt de score naar een acceptabele hoogte gebracht. Vanenburg, Bosman, Ronald Koeman en Spelbos zorgen voor toch nog wat vuurwerk op het met 7.000 toeschouwers veel te drukke sportpark van DOVO: 0-5.

Veel langer zou het avontuur van Ajax in de KNVB Beker dat seizoen niet duren. In de tweede ronde worden de amateurs van Heerjansdam nog wel eenvoudig aan de kant gezet (6-0), de ronde erna blijkt PSV te sterk. In Amsterdam wordt het 1-1, de replay in Eindhoven eindigt in 2-0. Ondanks die teleurstelling eindigt het seizoen toch nog positief. De talentvolle Amsterdamse groep wordt met Tonny Bruins Slot als trainer op de bank - hij volgt de op 6 mei 1985 ontslagen De Mos tijdelijk op - met zes punten voorsprong op PSV en Feyenoord kampioen van Nederland.