Doordrongen van filosofie Ajax

Doordrongen van filosofie Ajax

De tijd staat niet stil, merkt André Ooijer. De oude krijger komt gaandeweg minder aan spelen toe, minder dan hij eigenlijk zou willen. Maar als product van Ajax’ jeugdopleiding snapt en respecteert hij de keuzes die worden gemaakt en probeert hij als routinier daar waar mogelijk zijn bijdrage te leveren aan de ontwikkeling die de landskampioen doormaakt. ,,Ik ben doordrongen van de Ajax-filosofie. Men wil jonge talenten een kans geven, want waar leid je ze anders voor op?’’

Qua leeftijd en gezien het aantal interlands achter zijn naam, verkeert André Ooijer (37 jaar, 55 caps) deze donderdagochtend in goed gezelschap op het trainingsveld van De Toekomst. Dennis Bergkamp (42, 79), Marc Overmars (38, 86), Jaap Stam (39, 67), Wim Jonk (44, 49) en John Bosman (46, 30): nu hoofdcoach Frank de Boer in Nyon verblijft voor overleg met zijn collega-trainers in het Europese topvoetbal en de internationals zijn uitgevlogen voor EK-kwalificatievoetbal, nemen zij samen met Hennie Spijkerman en Gery Vink de resterende Ajacieden onder handen.

Voor Ooijer is het een prettig weerzien met oude bekenden, die hij in sommige gevallen nog meemaakte bij Oranje. Maar hij geniet ook nadrukkelijk van zijn positie als nestor tussen het ‘jonge grut’ dat vandaag het trainingsveld bevolkt. Mede voor die rol kwam hij ruim een jaar geleden ook terug bij Ajax, dat hem na het wereldkampioenschap als contractloze speler inlijfde. De hiërarchie was vanaf dag één heel duidelijk voor Ooijer. ,,Dat hebben we vooraf goed doorgesproken met de toenmalige staf en trainer Martin Jol. Ik werd gehaald als back-up in het centrum van de verdediging, voor het geval er iets met Toby Alderweireld of Jan Vertonghen zou gebeuren. Die jongens deden het toen ook al hartstikke goed en waren in principe onomstreden. Bij calamiteiten moest ik er staan, maar verder wist ik mijn plek.’’

Vanaf het moment dat Martin Jol in december van het toneel verdween en Frank de Boer het stokje overnam, kwam Ooijer wat minder aan voetballen toe en kwam de nadruk meer op zijn rol als mentor te liggen. ,,Daar was ik natuurlijk al eerder mee bezig, tijdens de trainingen en ook in de kleedkamer. En dat was sowieso een belangrijke reden waarom Ajax mij vorig jaar binnenhaalde. We hebben hier een heel leuke, jonge spelersgroep, met veel persoonlijkheden en gezelligheid. Het is mooi en dankbaar om dat proces als oudere speler een beetje te begeleiden en er zelf ook nadrukkelijk onderdeel van uit te maken.’’

André Ooijer bestuurt een scooter tijdens het trainingskamp in De Lutte. André Ooijer bestuurt een scooter tijdens het trainingskamp in De Lutte.

De tussentijdse entree van De Boer - die hij al goed kende uit hun gezamenlijke tijd bij Oranje - heeft voor hem verder nauwelijks iets veranderd, meent Ooijer zelf. ,,Op een gegeven moment is er aardig wat kritiek geweest op bepaalde spelers die naar Ajax kwamen en die niet heel veel inbreng hebben gehad. Daar werd ik een beetje in meegetrokken, terwijl het toch vrij duidelijk was dat ik een substantiëlere rol had. Dat was wel jammer. Maar goed, dat is een kwestie voor de buitenwereld. Binnen de club heb ik me altijd gewaardeerd gevoeld.’’ Het nieuwe, eenjarige contract dat hij in februari kreeg aangeboden, sprak wat dat betreft boekdelen.

Zelf doorliep hij als jongetje de jeugdopleiding van Ajax, destijds nog aan de Middenweg. Ooijer kwam binnen bij de club nadat hij door toenmalig hoofdtrainer Johan Cruijff was gescout tijdens de finaledag van het jaarlijkse straatvoetbaltoernooi op de Dam. Een testwedstrijd volgde. ,,Ik begon als rechtsbuiten en speelde ook nog even achter de spitsen, op nummer tien. In de rust kwamen er wat mensen de kleedkamer binnen, zoals dat gaat. Daar was ook Cruijff bij. Hij zei tegen mij: jij gaat nu rechtsback spelen. Dat deed ik dus in de tweede helft, ook al had ik zelf geen flauw idee wat ik daar te zoeken had. Ik had daar ook nog nooit gestaan. Maar op die positie mocht ik uiteindelijk wel blijven bij het grote Ajax.’’

Toen het moment daar was om daadwerkelijk de stap naar de selectie te maken, bleek hij ‘gewoon nog niet goed genoeg’ om de vacature van Sonny Silooy in te vullen. Die post ging dan ook naar Michael Reiziger. Ooijer voelde zich op zijn beurt gedwongen een moeilijke keuze te maken. Bij Ajax blijven, met het aanzienlijke risico tweede keuze te blijven achter Reiziger, of een eigen route uitstippelen? De Amsterdammer opteerde voor het laatste, iets waar hij met de kennis van nu geen seconde spijt van heeft. Via FC Volendam (een jaartje als huurling) en Roda JC (tweeënhalf seizoen) belandde de verdediger bij PSV, waarmee hij grote successen beleefde.

Geërgerd heeft hij zich aan de ongenuanceerde commentaren die Ajax vorig seizoen kreeg na de dubbele confrontatie met Real Madrid, ook deze jaargang weer een poulegenoot. Hoe jammer het ook moge zijn, de realiteit is dat een select groepje absolute topploegen de dienst uitmaakt en de kans steeds kleiner wordt dat een team uit de regionen daaronder een stunt uithaalt tegen die vrijwel onaantastbare elite. Real, Barcelona, de beide ploegen uit Manchester, zij spelen zo langzamerhand voetbal van een andere orde.

Ooijer: ,,Die ploegen denken heel anders dan wij denken. Wij willen overleven en doorgaan, zo ver mogelijk reiken. Hun benadering is totaal anders. Zij zijn helemaal niet bezig met het halen van de volgende ronde, dat is een vanzelfsprekendheid dat ze die halen. Voor hun begint het pas als ze in de kwartfinale staan. Als je kijkt over welke spelers ze beschikken... Alleen maar absolute top, dat kun je onmogelijk vergelijken met een ploeg als de onze. Het lijkt soms bijna een andere sport als je zulke teams bezig ziet.’’

Daarmee wil hij niet zeggen dat Ajax voor spek en bonen meedoet aan het meest prestigieuze Europese clubtoernooi of dat er geen eer aan te behalen valt. ,,We gaan die zes wedstrijden natuurlijk niet spelen om daarna meteen weer naar huis te gaan. We gaan er alles aan doen om zo ver mogelijk te komen. Daarbij is en blijft het een prachtig podium, waar ontzettend veel mensen naar kijken. Als voetballer moet je houden van zulke uitdagingen. Het gaat erom dat je altijd probeert iets moois neer te zetten voor het publiek. We gaan als Ajax proberen ons visitekaartje af te geven, door onze manier van spelen en de filosofie die daaruit naar voren komt.’’

Tekst: Ajax.nl/Maarten Dekker
Foto’s: Ajax.nl/Louis van de Vuurst