D-tjes ontmoeten hun idolen bij Ajax

Ieder jaar in de herfstvakantie proberen de trainers Robin Pronk en Maarten Stekelenburg hun D-pupillen iets extra's te bieden dan alleen trainen. Vorig jaar werd het Ajax-museum bezocht. Dit jaar verzochten de jeugdcoaches Co Adriaanse of de talentjes het spelershome en de kleedkamers mochten zien. Dat vond de trainer prima en maandagmiddag was het zover.

Nikos Machlas voert een show op voor de D-junioren van Ajax. Gehuld in het oranjeshirt van Richard Witschge draait hij een pirouette in het spelershome.

Foto's: Louis van de Vuurst.

Het geroezemoes viel stil toen de kleine Godenzonen het spelershome betraden. Petri Pasanen, Cedric van der Gun, Jan van Halst en Rafael van der Vaart bevonden zich op dat moment al in het spelershome. De jeugd bestookte de spelers niet met vragen, liet ze rustig zitten en schaarden zich bijna allemaal rond de televisie waar het jongste talent uit de selectie naar een populaire muziekzender zat te kijken.

'Wie is er groter dan Wamberto?', wilde trainer Co Adriaanse weten.

Maar nadat iedereen aan de tafels was aangeschoven nam Adriaanse het woord. 'Wie zit er al sinds de E2 bij Ajax?', wilde de trainer graag weten. Het grote aantal opgerezen vingers stemde hem tot tevreden verbazing. Daarna wilde hij graag weten waar de nieuwelingen vandaan kwamen. Gedwee antwoordden de jongelingen. De verbazing was groot bij de trainer toen een van de antwoorden Feyenoord was.

Langzaam druppelden de spelers het spelershome binnen. 'We gaan wel erg verjongen', grapte Richard Witschge bij het zien van zoveel kleine mannen. Nadat een kleine speler binnen was gekomen vroeg Adriaanse aan de jongens wie dat was. Uit vele kelen klonk toen 'Ikedia'. De trainer was wederom verbaasd. Pius gaf een verklaring voor zoveel bekendheid. 'Ze kennen me van de Toekomst.'

Ook Wamberto werd door iedereen herkend. Dat bracht Co op een nieuwe vraag. 'Wie is er langer dan Wamberto?' De langste van de D-tjes is John. Of hij ook daadwerkelijk groter is, kon niet worden gemeten want de linksbuiten van het eerste elftal stond bij de biljarttafel.

Frank en Stefan hadden het goed voor elkaar. Frank zat in het spelershome op het plekje van Nikos Machlas, Stefan op dat van Aron Winter.

Maar de lunchtijd kwam naderbij. De junioren moesten plaats maken voor hun idolen. 'Wie zit er op deze stoel?', wilde er eentje weten. Dus kon Co tientallen eensluidende vragen beantwoorden. Stefan zat op de stoel van Winter en het van Elinkwijk overgekomen talent glom van trots. Frank bleek de stoel van Machlas al te hebben opgewarmd. De Griekse spits voerde nog een kleine show op voor het selecte gezelschap. Hij maakte een fraaie pirouette gehuld in het oranjeshirt van Richard Witschge. Het stond 'm goed!

De jeugd nam met pijn in het hart afscheid van het spelershome, hun held Cristian Chivu nog even toe zeggend dat hij vrijdag heel goed had gespeeld.

In de kleedkamer wilde iedereen even het kastje van Cristian Chivu aanraken.

Het spul trok naar de catacomben waar de kleedkamer in de rondleiding was opgenomen. Natuurlijk was degene die op de plaats van Chivu zat de gevierde man. Allemaal moesten ze dan ook even zijn kastje aanraken.

De groep nam ook een kijkje op de grasmat. Trainer Robin Pronk begeleidde hen.

Na een kort bezoek aan de natte ruimte stoven de mannen de gang weer op. Het materiaalhok, de wasruimte en het sportzaaltje werden aan kritische blikken van de D-pupillen onderworpen. Ook het veld, de bestuurskamer en de koninklijke loge maakten deel uit van de Tour.

Donavan keek net als zijn teamgenootjes zijn ogen uit. De rechtsback van de D1 heeft Cristian Chivu als grote favoriet en vond het spelershome het mooiste. Hij zat jammer genoeg niet aan de plaats van een speler. 'Ik zat aan de trainerstafel', treurde hij een beetje.

Voor de meesten waren het spelershome en de kleedkamer de toppers in de rondleiding. Maar niet voor iedereen. 'Ik vond de bestuurskamer het mooiste', vertrouwde Hidde ons toe. 'Vooral de stoelen!'.