Enige eerdere 'bekerdubbel' voor Ajax

Enige eerdere 'bekerdubbel' voor Ajax

Uit maatschappelijke oogpunt heeft de KNVB besloten de bekerfinale tussen Ajax en Feyenoord over twee wedstrijden te houden. Een keer eerder in de historie was er een dubbele bekerfinale. Het betrof een experiment en Ajax en NEC waren in 1983 de 'gelukkigen' die het mochten beleven. Ajax bleek in beide duels met 3-1 te sterk voor de Nijmegenaren en won zo de enige finale die al bij voorbaat over twee duels ging.

Er gingen wel meerdere bekerfinales 'in tweëen', maar dat was puur omdat er in het eerste duel geen beslissing was gevallen. Maar in het seizoen 1982-1983 experimenteerde de KNVB met een opzet van het bekertoernooi waarbij vanaf de kwartfinales de duels in twee wedstrijden werden uitgevochten. Zo ook de finale. Het maakte Ajax, dat de finale bereikte via Roda JC (twee overwinningen) en PSV (winst, verlies, gelijk in verlenging, beter in strafschoppen), niet veel uit: de tegenstander was het gedegradeerde NEC.

De ploeg van trainer Aad de Mos begon in eigen huis aan de finale op 10 mei 1983. NEC was inmiddels al gedegradeerd en Ajax liep over het veld met het idee dat er toch wel gewonnen zou worden. Toch wist de thuisploeg in de eerste helft het doel nog niet te vinden. Dat maakte Ajax in het tweede bedrijf, opmerkelijk genoeg zonder Marco van Basten en met diens vervanger John van ’t Schip, goed. Søren Lerby maakte in de 49ste minuut de openingstreffer, maar de ban kon hij niet breken. NEC’er Dick Mulderij zette vijf minuten later zijn club namelijk weer naast Ajax, 1-1. Dick Schoenaker (66ste minuut) en oud-NEC’er Edo Ophof (86ste) wisten Ajax in een comfortabele zetel te zetten voor de terugwedstrijd een week later. Aan een gelijkspel had Ajax dan genoeg.

Dick Schoenaker is blij als hij in de eerste ontmoeting tegen NEC Ajax op 2-1 heeft gezet. Dick Schoenaker is blij als hij in de eerste ontmoeting tegen NEC Ajax op 2-1 heeft gezet.

Ook in Nijmegen bleven de eerste 45 minuten zonder goals en zonder aantrekkelijk voetbal. Maar daar bracht Johan Cruijff, bezig aan zijn laatste duel als Ajacied, hoogstpersoonlijk verandering in. Tot twee maal toe was Cruijff betrokken bij doelpunten van Gerald Vanenburg. Binnen tien minuten in de tweede helft leek de strijd beslecht door die 2-0 stand. Toch gaf NEC, dat voor de gelegenheid de toegangsprijzen had verdubbeld, het nog niet op. Het bleef vechten voor zijn kansen. Dat leek tevergeefs. Het publiek keerde zich tegen de thuisploeg en als weer een speler van NEC door een Ajacied voor paal was gezet, daverde het hoongelach van de tribune.

Scheidsrechter Keizer gaf de wedstrijd wat spanning terug door NEC een strafschop te gunnen die door Grim werd benut, 1-2. Ajax ging daarna met volle kracht op jacht naar het herstel van de marge. Nadat Rijkaard, die op de wedstrijddag zijn contract met vier jaar had verlengd, van grote afstand op de lat had geschoten, kwam Cruijff in actie. De weergaloze balkunstenaar haalde, na een combinatie tussen Vanenburg en Lerby, direct uit en schoot met een prachtige curve raak. Ajax won met 1-3 en dus de beker. Omdat Ajax ook al kampioen was geworden, mocht NEC, ondanks de nederlaag, Europa in. ‘Het was een subliem afscheid,’ oordeelde de Maestro zelf. Naast Cruijff was het ook voor Lerby zijn laatste wedstrijd. ‘Het was leuk om na zeven jaar zo bij Ajax weg te gaan; dit kon gewoon niet beter.’ Ook de scheidende doelman Schrijvers was emotioneel. ‘Ik heb alles gehaald wat er maar te winnen valt. Voor mezelf had ik ook zo’n afscheid gewenst. Daar heb ik de laatste weken enorm naar toe geleefd.’

Tekst:Ajax Kick Off/Ajax.nl
Foto's: Beeldarchief Ajax