'Er liepen bij Bayern drie gekken rond'

'Er liepen bij Bayern drie gekken rond'

Jaap Visser van Kick uitgevers schrijft iedere maandag een blog over de geschiedenis van Ajax. Deze week gaan we 43 jaar terug in de tijd naar woensdag 21 maart 1973.

De ene Johan, Neeskens, heeft het zwaar te verduren tegen de zich afreagerende Zuid-Duitsers, de andere Johan, Cruijff, schittert door afwezigheid in het Olympiastadion van München, wat hij dik een jaar later opnieuw zal doen, maar dan in een WK-finale waarin hij wel degelijk op het veld staat. Bayern München-Ajax, de return in de kwartfinale van de Europa Cup, is op woensdagavond 21 maart een gevecht om des keizers baard, maar wordt wel een schoppartij met gevolgen.

In Amsterdam zijn Johan Cruijff en Piet Keizer in de tweede helft flink losgegaan tegen Franz Beckenbauer en Gerd Müller. Na een 0-0 ruststand dacht Bayern goede papieren in handen te krijgen, maar mede door een flaterende keeper Sepp Maier werd het toch nog even 4-0 voor een soms weergaloos Ajax.

Cruijff
Halve finale bereikt, oordeelt de met hele en halve kwetsuren kampende Cruijff die zich geblesseerd afmeldt voor deel twee tegen Bayern. Daarmee trotseert hij de medische staf die van oordeel is dat de aanvoerder best mee naar München kan reizen. Maar Cruijff blijft thuis en dat geeft een hoop discussie, en ergernis bij het bestuur en ook wel bij Johans ploegmakkers.

De 75.000 toeschouwers in München zien Ajax dus opdraven zonder de op dat moment beste voetballer ter wereld. Centraal voorin staat Arie Haan, terwijl diens plek op het middenveld wordt ingenomen door de twaalfde man uit Oostenrijk, Heinz Schilcher. Mocht Bayern door het wegblijven van Cruijff toch nog een beetje hoop hebben gekregen, dan wordt die door Keizer in de zevende minuut de grond ingeboord. De zo nu en dan geniale linksbuiten onderschept een te korte terugkopbal van Paul Breitner en scoort met een schitterende lob.

Botte bijl
Het is 5-0 voor Ajax en dat pikt Bayern niet. De botte bijl wordt in de superieure tegenstander gezet. Vrije verdediger Horst Blankenburg wordt door zijn landgenoten uit de wedstrijd geschopt en de neus van Neeskens wordt gekraakt. Als de hakpartij voorbij is, heeft Ruud Krol de bal in eigen doel gewerkt en Gerd Müller in buitenspelpositie 2-1 gemaakt. De kleine nederlaag doet Ajax geen pijn, het botte verweer van de Duitsers des te meer. Barry Hulshoff zegt na afloop onomwonden dat 'er drie gekken bij Bayern rondliepen: Beckenbauer, Roth en Schwarzenbeck.' De bebaarde en lang behaarde voorstopper spreekt vooral schande van het gewelddadige optreden van Der Kaiser: ‘Als onze Nees hetzelfde zou hebben geflikt als Beckenbauer, was hij voor het leven geschorst. En zo iemand wordt dan nog Europees voetballer van het jaar ook.’

De return die een formaliteit was, heeft verstrekkende gevolgen. Tussen Bayern en Ajax, dat in 1973 nog wel zijn derde Europa Cup wint, komt het voorlopig niet meer goed, tussen Cruijff en Ajax ontstaat een verwijdering die er toe leidt dat Johan een half jaartje later de wijk naar Barcelona neemt. In de zomer van 1974 winnen zes Bayern-spelers in München nogmaals met 2-1 van een Nederlands elftal. In de finale van het WK weerstaan zij de Oranjeploeg van Cruijff. En vier jaar later komen de Zuid-Duitsers naar Amsterdam, om, getergd als zij nog altijd zijn, Johans vaarwelwedstrijd te verzieken: 0-8.

Jaap Visser, Kick uitgevers

Kick uitgevers is de boekenpartner van Ajax en uitgever van het Ajax Jaarboek dat vanaf 2016 zal worden voorzien van een historische deel.

Foto: Heinz Stuy onderschept een Bayern-voorzet en laat Franz Roth kansloos. In het midden Johan Neeskens, rechts Ruud Krol, links Uli Hoeness.

Foto: Ajax Images