Europese duels onmisbaar lesmateriaal

Europese duels onmisbaar lesmateriaal

Het begon ooit met een invalbeurt op een Zweedse toendra, waarvoor trainer Johan Cruijff hem speciaal liet invliegen. Zesenhalf jaar én twee Europese bekers verder sloot Dennis Bergkamp het Ajax-hoofdstuk van zijn loopbaan af. Zonder die onbetaalbare ervaringen, en dan vooral de 31 Europacupduels die hij voor de club speelde, had hij nooit kunnen uitgroeien tot de internationale ster die hij werd.

In zijn prille jeugd bezocht hij ooit één Europese wedstrijd van Ajax, in het Olympisch Stadion. Zijn eigen Europese debuut, in het voorjaar van 1987, was tijdens een wedstrijd die bij hoge uitzondering in het weekend werd gespeeld. Malmö FF-Ajax, kwartfinale in de Europa Cup II, werd op 4 maart afgelast omdat het veld in Zweden onder een dik pak sneeuw verborgen lag. Tien dagen later, op een zaterdag, is de herkansing. Trainer Johan Cruijff laat de toen 17-jarige Bergkamp speciaal invliegen, herinnert hij zich. ,,Ik had op vrijdag nog een proefwerk op school. Toen ben ik ’s avonds in mijn eentje naar Zweden gevlogen, samen met Kees Jansma, die ook die kant op ging. Ik geloof dat we daar eerst nog een boot hebben genomen en toen met een auto werden opgehaald om naar het hotel van de ploeg te komen.”

De volgende dag zou Bergkamp, op een nog steeds nauwelijks bespeelbaar veld, een kwartier voor tijd John Bosman aflossen. Drie maanden eerder had hij voor het eerst meegedaan in het eerste, thuis tegen Roda JC, als invaller voor Rob Witschge. ,,Daarna was het zaak er bij te blijven en de onvermijdelijke terugval zo veel mogelijk te beperken. Het gaat erom dat je blijft bijleren, maar tegelijk je jeugdige onbevangenheid, het frivole, het creatieve, weet te behouden. Want dat is wel je wapen, datgene waarmee jij je kunt onderscheiden. Mij is dat gelukt en zo viel ik met mijn neus in de boter. Vooral ook Europees. Als je zag wat er dat seizoen gebeurde en de ervaring die dat oplevert, dat was iets gigantisch. En ik kreeg het als het ware zo in mijn schoot geworpen.”

Want Ajax rekende over twee wedstrijden af met Malmö. Vier dagen na de 1-0 nederlaag in Zweden wonnen de Amsterdammers (met Bergkamp in de basis) de return met 3-1. ,,Alles wat Europees voetbal is, zat in die wedstrijd. De sfeer in De Meer, regen, een slecht veld, veel strijd maar ook mooie acties. Een beetje Engelse entourage, ja. En ik weet nog heel goed dat Stanley Menzo na het laatste fluitsignaal dacht dat we uitgeschakeld waren. Op de een of andere manier had hij die tegengoal driedubbel geteld of zoiets. Volgens mij zie je dat ook op de beelden, hij is de enige die baalt.”

Een jonge Dennis Bergkamp en Frank Verlaat na de gewonnen finale tegen Lokomotiv Leipzig in 1987. Een jonge Dennis Bergkamp en Frank Verlaat na de gewonnen finale tegen Lokomotiv Leipzig in 1987.

In de daaropvolgende halve finale klopte Ajax ook Real Zaragoza. Bergkamp, met hoorbaar plezier in zijn stem: ,,Uit deed ik niet mee. Maar ik kan het me toch nog goed herinneren. Tonny Bruins Slot had natuurlijk weer een uitgebreide analyse gemaakt. Voor de wedstrijd zei Cruijff: ‘Hun linker centrale verdediger is stijf rechts. Als je die naar zijn linkerbeen dwingt, dan loopt hij de bal bij wijze van spreken zo over de zijlijn.’ En bij de eerste de beste keer dat die jongen de bal had, kwam dat precies zo uit.”

De finale in Athene staat hem nog helder voor de geest, mede door de prachtige foto waarop hij te zien is met de één jaar oudere Frank Verlaat, glunderend na de zege op Lokomotiv Leipzig. ,,Ik sliep met Frank op de kamer in Griekenland. Hij hoorde een dag ervoor dat hij in de basis zou staan en daar maakten we vervolgens een beetje grapjes over. Zelf viel ik in. Zenuwen? Welnee. We waren nog zo jong, in zekere zin nog te jong om te beseffen wat dat inhield, een Europese finale spelen. Maar het past ook bij Ajax. De lat ligt altijd hoog, dus daar raak je aan gewend.”

Een jaar na die eerste finale volgde voor Bergkamp immers meteen een tweede Europese eindstrijd, die werd verloren van KV Mechelen. Twaalf maanden later werd vervolgens een triest dieptepunt bereikt, toen tijdens de return tegen Austria Wien een metalen staaf op het veld van de Meer werd gegooid, die de Oostenrijkse keeper in zijn rug trof. Uitsluiting van Europees voetbal was het gevolg, voor de rest van dat seizoen, maar ook de jaargang die volgde. ,,Verschrikkelijk”, zegt Bergkamp er nu over. ,,Ook omdat je anders Europa Cup I had kunnen spelen. Ik denk niet dat het team van toen ver had kunnen komen, maar toch. We hadden nuttige ervaring op kunnen doen.” Een smet, zeker ook voor hemzelf, want Bergkamp zou met Ajax nooit op het hoogste Europese podium spelen.

In het seizoen 1991-1992 moest Ajax als restant van de UEFA-sanctie zijn eerste drie Europese thuiswedstrijden op ten minste 200 kilometer van Amsterdam afwerken. Als tijdelijk onderkomen werd het Rheinstadion in Düsseldorf gekozen, waar onder leiding van Leo Beenhakker eerst met 3-0 van Örebro werd gewonnen. Bergkamp scoorde één keer. Twee weken later bij de return in Zweden (0-1) had Ajax een nieuwe coach. De jonge, nog onbekende assistent Louis van Gaal volgde Beenhakker op, die naar Real Madrid was vertrokken.

In ronde twee ging Rot Weiss Erfurt voor de bijl, waarna Osasuna de volgende prooi was. Na een dubbel tegen AA Gent wachtte in de halve finale het sterke Genoa, uit de toen toonaangevende Serie A. Voor Bergkamp een belangrijk meetmoment, een testcase. ,,In die twee wedstrijden konden we echt vaststellen hoe goed we waren. En dan blijkt dat je soms verder bent in je ontwikkeling dan je zelf doorhad. In de eerste paar rondes was het allemaal nog wat nieuw en onwennig, tegen misschien niet de grootste tegenstanders. Maar nu moesten we vol aan de bak.”

Zo ook in de finale, die toen nog over twee duels werd uitgesmeerd. Tegen weer een Italiaanse opponent, Torino. Bergkamp zou alleen de wedstrijd in Turijn meemaken, die in 2-2 eindigde. Twee weken later lag hij rillend en zwetend van de koorts in bed toen zijn teamgenoten via een doelpuntloze remise de cup binnensleepten. Na afloop kwam een deel van de ploeg hem thuis opzoeken, zodat de topscorer van het toernooi (zes goals) de bokaal alsnog zelf kon vasthouden. ,,De tv stond natuurlijk wel aan, maar toch heb ik hele delen van die wedstrijd gemist, omdat ik compleet wegviel. Op die foto met Danny Blind zie je ook wat een wit bekkie ik heb. Niet normaal.”

Een jaar later vertrok Bergkamp samen met zijn maatje Wim Jonk naar Internazionale, waar ze in hun eerste jaar nogmaals de UEFA Cup wonnen. Vanuit Milaan volgde hij ook de verdere opmars van het Ajax van Van Gaal, tot aan de sensationele zege op Inters stadgenoot en aartsrivaal AC Milan in de Champions Leaguefinale van 1995. ,,Ik was toen natuurlijk al een tijdje weg bij Ajax, maar het deed me toch wel heel veel dat ze die prijs pakten. Kijk, in het buitenland moet je Ajax eigenlijk altijd verdedigen. Ze zien wel dat er een goede opleiding staat en dat we leuk voetballen, maar beschouwen het niet als echte top. Eerder sympathiek dan goed. In dat opzicht was die winst in ’95 wel echt een bevestiging dat het kan, ook op onze manier.”

Tekst: Ajax.nl/Maarten Dekker
Foto's: Pro Shots (boven) en Ajax Archief

Tijdens de return van Ajax - Torino in 1992 lag Bergkamp met koorts in bed. Na afloop kwam aanvoerder Danny Blind met de cup bij hem thuis langs. Tijdens de return van Ajax - Torino in 1992 lag Bergkamp met koorts in bed. Na afloop kwam aanvoerder Danny Blind met de cup bij hem thuis langs.