Genieten van ‘Wij zijn Ajax mentaliteit’

Genieten van ‘Wij zijn Ajax mentaliteit’

De Toekomst, het kloppend hart van Ajax bestaat tien jaar. Wat speelt zich dagelijks af op het jeugd- en amateurcomplex nabij de Amsterdam ArenA? Welke verhalen schuilen achter de vaste gezichten op de Toekomst?

In deze tweede aflevering van ’10 jaar de Toekomst’ verwoordt Bob de Klerk, trainer van de Ajax-zaterdagamateurs zijn ‘Toekomst-gevoel’.

,,Ik ben nu vijf jaar trainer van Ajax Zaterdag. Als je je hier niet thuis voelt, houd je het nooit zo lang vol. Sommigen noemen me ook wel Foppe, naar Foppe de Haan. Ik voel me hier, op de Toekomst, ook gewoon goed. Alles is herkenbaar en vertrouwd.’’

Als De Klerk over Ajax en de Toekomst praat, is de passie bijna tastbaar. De trainer voelt zich als een vis in het water op het Ajax-sportpark, bij de club die hij eerder al diende als A-junior. Sinds die jeugdjaren is het Ajax-virus nooit meer uit zijn lichaam verdwenen. Hartstochtelijk wordt onder meer verhaald over de drie wekelijkse trainingen die de Ajax-amateurs afwerken op de Toekomst. Onverminderd trots vertelt De Klerk over een dvd die hij kreeg van Sjaak Swart, een frequent bezoeker van het sportpark nabij de ArenA. De dvd trakteerde de Ajax-trainer op de hoogtepunten uit de carrière van ‘Mister Ajax’.

De onderlinge belangstelling van de Ajax-trainers voor elkaars prestaties is groot. Wekelijks - of eigenlijk dagelijks - passeren op de Toekomst de sportieve prestaties van alle Ajax-formaties de revue. Regelmatig mengen ook tal van oud-spelers zich in de beschouwingen. Welke plek ook wordt ingenomen in de Ajax-hiërarchie; het clubgevoel overheerst. De Klerk bestempelt het als de 'wij zijn Ajax mentaliteit'. De nadruk ligt op het totaal. Op het sportieve wel en wee van de gehele Ajax-familie.

,,In deze kantine staat een grote, ronde tafel'', vertelt De Klerk. ,,Aan die tafel hoor je niet alleen de mooiste verhalen, je kunt daar ook flink onder vuur komen te liggen. Soms is het elkaar gewoon een beetje stangen. Een andere keer is er volop hilariteit over een bepaald voorval. Altijd wordt er op het scherp van de snede over voetbal gepraat. Helemaal als de prestaties van een team minder zijn. Als een wildvreemde ons zou horen, zal hij soms denken: goh, dat gaat wel erg hard. Gelukkig ben ik zelf ook niet op mijn mondje gevallen.''

Bob de Klerk wandelt tussen zijn Ajacieden van het hoofdveld van de Toekomst. Bob de Klerk wandelt tussen zijn Ajacieden van het hoofdveld van de Toekomst.

Vooral de thuiswedstrijden van Ajax Zaterdag tegen Spakenburg en Huizen springen er, wat de trainer betreft, bovenuit. Als de Ajax-amateurs die tegenstanders treffen is de Toekomst extra sfeervol. ,,Tegen Spakenburg en Huizen speel je altijd wel voor een volle tribune. Vooral omdat die clubs veel supporters mee nemen. Het leeft enorm. Sommige tegenstanders die tegen Ajax spelen, nemen vaak hun hele familie mee.’’

De Klerk weet exact welke plek 'zijn' selectie inneemt in de Ajax-hiërarchie. Het (sportieve) belang van het eerste elftal vormt de top van de piramide. Daarna gaat de aandacht uit naar het reilen en zeilen van Jong Ajax en de jeugdelftallen. Ajax Zaterdag neemt uiteindelijk een vierde plek in. De Klerk voelt zich in geen geval te kort gedaan. Zijn spelers weten dat wordt gespeeld voor een seizoenkaart en dat gebruik kan worden gemaakt van de uitstekende sportfaciliteiten. De zaterdagvoetballers van Ajax zijn rasechte liefhebbers. Voor trainer De Klerk en zijn teambegeleider Ruud Haarms (zoon van voormalig assistent-trainer Bob Haarms) is dat niet anders.

Het behouden van het hoofdklasserschap is de belangrijkste doelstelling voor Ajax Zaterdag. Ondanks het recente verlies tegen Ijsselmeervogels handhaven de Amsterdammers zich op de solide plek in de middenmoot.

,,Uiteindelijk moet je overal presteren, maar bij Ajax worden des te meer prestaties van je verwacht. Het liefst blijf ik ook in de toekomst bij deze club. Maar het is afwachten wat er zoal mogelijk is binnen en buiten Ajax. Een bestuurder als Hennie Henrichs (lid van de Raad van Commissarissen, red.) heeft in elk geval veel aandacht voor de Ajax-amateurs. Iedereen is echt in elkaar geïnteresseerd. Dat vind ik goed. Mocht ik in de toekomst ergens anders aan de slag gaan, dan zal ik mijn club altijd blijven volgen.''