'Ik ben een typische Ajax-verdediger'

'Ik ben een typische Ajax-verdediger'

In zijn eerste maanden als Ajacied manifesteerde Nick Viergever (25) zich verrassenderwijs als een manusje-van-alles. Als controlerende middenvelder en linksback presteerde hij naar behoren, terwijl hij als centrale verdediger werd gerekruteerd. Een gesprek over hoe de bal soms goed of verkeerd kan vallen.

Aan tafel in het clubhuis op sportpark de Toekomst is nog net geen tandengeknars hoorbaar. Maar het zit Nick Viergever overduidelijk niet lekker dat hij de laatste tijd maar mondjesmaat aan spelen toekomt. Niet dat hij iemand iets verwijt; de trainer die de opstelling bepaalt of de medespeler die zijn plekje heeft ingenomen. Maar hij is nu eenmaal een sportman, op en top gemotiveerd, een voetballer die altijd wil laten zien wat hij kan. Als dat niet lukt, dan is dat moeilijk te accepteren, ook al heeft hij geen andere optie.

Tot dusver kwam hij tot achttien officiële optreden in Ajax 1. De statistieken leren zelfs dat Viergever tot dusver één van de Ajacieden is met de meeste speelminuten. Die conduitestaat bouwde hij deels op als invaller én op posities die niet direct zijn natuurlijke habitat vormen. ,,Het is mooi meegenomen dat ik ook als controlerende middenvelder en als linksback kan spelen, zowel voor het elftal als voor mijzelf. Maar mijn hoofddoel ligt centraal in de verdediging. Ook omdat ik daar echt kan laten zien wat ik in mijn mars heb, wat mijn onderscheidende kwaliteiten zijn.”

Nick Viergever was direct trefzeker in zijn eerste competitiewedstrijd voor Ajax tegen Vitesse. Nick Viergever was direct trefzeker in zijn eerste competitiewedstrijd voor Ajax tegen Vitesse.

Al in mei was hij vastgelegd door Ajax, als potentiële opvolger van Niklas Moisander in het hart van de defensie. Viergever draait dan ook niet om de hete brij heen als het gaat over zijn persoonlijke doelen. ,,Ik wil zo snel mogelijk terechtkomen op de plek waarvoor ik gehaald ben, centraal in de verdediging. En ik wil vaste basisspeler zijn.”

Hij wil zo graag aan de wereld tonen dat hij in feite alles heeft wat zijn huidige club, trainer en publiek graag zien in een centrale verdediger: iemand die oog heeft voor ‘voetballende oplossingen’, die de bal kortom niet per kerende post naar voren trapt maar kijkt met welke medespeler hij een combinatie kan aangaan. Iemand ook die het in zich heeft om stevig te duelleren met de spits van de tegenpartij, die het lef heeft om zich ver van het eigen doel te begeven en die zijn medespelers al pratend probeert de weg te wijzen. Grijnzend: ,,Een typische Ajax-verdediger, ja. Daarom ben ik hier ook heen gekomen.”

Dat hij zijn ambitie nog niet waar heeft kunnen maken, vreet aan hem, zegt Viergever eerlijk. Zoals hij zich ook zit te verbijten als hij genoegen moet nemen met een plaats in de dug-out. Afgelopen zondag in de uitwedstrijd tegen ADO Den Haag speelde hij voor het eerst weer eens de volle 90 minuten mee. De laatste volledige wedstrijd (als we het bekerduel met de amateurs van Urk niet meerekenen) ervoor was de eerste confrontatie met FC Barcelona in de Champions League, uit in Camp Nou.

Dat een voetballer buiten het basisteam dreigt te vallen, voelt hij doorgaans aankomen, legt hij uit. In zijn geval was het niet anders. Als linksback was hij een noodverband bij afwezigheid van de gekwetste Nicolai Boilesen. En op het trainingsveld merkte hij dat zich een nieuw voorkeursmiddenveld vormde, met Thulani Serero in de controlerende rol die eerder vaak voor Viergever was weggelegd. En ook jongeling Jairo Riedewald manifesteerde zich daar sterk.

Hij heeft zich zonder morren geschikt in zijn lot en in het oordeel van de trainer, zoals dat een ervaren prof betaamt. Sinds zijn invalbeurt tegen FC Dordrecht, toen hij halverwege Boilesen afloste, heeft Viergever 150 duels in de Eredivisie op zijn curriculum vitae staan. ,,Ik wist zelf niet eens dat dat er aan zat te komen, ik hoorde het pas een week later. Het is leuk, maar meer ook niet. Zeker als je een periode op de bank zit, is er maar één ding dat telt: zo snel mogelijk weer aan spelen toekomen.”

Tekst: Ajax.nl/Maarten Dekker
Foto's: Pro Shots (boven) en Ajax.nl/Gerard van Hees