In 2007 van amateurs naar profs

In 2007 van amateurs naar profs

De feestdagen bieden een mooie gelegenheid om terug te kijken op het afgelopen jaar. Ajax.nl sprak zes Ajacieden en nam met hen het jaar 2007 door. In aflevering 4: Bob de Klerk.

FOTO: SANDER NIEUWENHUYS FOTO: SANDER NIEUWENHUYS

Maar voorafgaande aan de gebeurtenissen van deze zomer, duiken we eerst samen met de 46-jarige Bob de Klerk 29 jaar terug in de tijd. Zeventien jaar was de huidige assistent-trainer van Jong Ajax toen hij voor het eerst persoonlijk met Ajax te maken kreeg. ,,Ik speelde bij DWS met jongens als Ruud Gullit en Frank Rijkaard”, begint De Klerk zijn opmerkelijke verhaal. ,,Gullit ging naar Haarlem, ik ging samen met Frank naar Ajax. We hadden bij Ajax een team met onder andere ook Sjaak Storm, Rudy Das, Wim Kieft, Gerald Vanenburg en Ben Haverkort. Frank was van uitzonderlijke klasse en haalde al snel het eerste. Ik speelde ‘op 11’, maar als linksbuiten moest je de hele linkerkant kunnen bestrijken, dus ook ‘op 8’ en ‘op 5’ kunnen spelen. Na een seizoen had ik op amateurbasis kunnen blijven bij Ajax, bij het C-elftal. Maar ik had geen geduld, wilde per se voetballen bij een betaald voetbalclub. Dus ging ik voor twee seizoenen naar Telstar. Daarna vertrok ik naar Waregem om als full-prof aan de slag te gaan. Al in het eerste jaar begon de ellende.”

De Klerk gaat er even goed voor zitten als hij de herinneringen als de dag van gisteren boven haalt. ,,Ik had een spierblessure aan het bovenbeen. De medische staf van Waregem heeft altijd gedacht dat het een scheurtje was. Toen we dachten dat het wel weer kon, speelde ik mee in een wedstrijd tegen Lierse. Daarin kreeg ik een ontzettende schop waardoor mijn scheenbeen op twee plaatsen was gebroken. Ik keerde terug naar Nederland om te herstellen en trainer Sandor Popovic wilde mij naar De Graafschap halen. Waregem wist wat ik kon en wilde mij niet laten gaan. Met mijn gipsen poot werd ik verhuurd aan De Graafschap. Na een wedstrijd tegen ADO had ik last van mijn oude blessure. Bleek dat door een verkeerde behandeling van de bovenbeenblessure de quadriceps volledig was afgescheurd. Ik werd afgekeurd.”

Dat was slikken. ,,Mijn hele leven stortte in. Wat dat betreft ben ik blij dat Ajax er in de tijd dat ik in de A-junioren speelde, zo op heeft gehamerd dat je een schoolopleiding moest afmaken. Ik had de grafische school gedaan en ben, nadat ik was afgekeurd, samen met mijn vader een drukkerij begonnen. Dat liep zo goed, dat we op een gegeven moment een full-service drukkerij hadden. Ik ben, op aanraden van de toenmalige trainer van Haarlem, Ted Immers en Piet Buter, de huidige directeur van FC Utrecht, blijven voetballen bij hoofdklassers. Eerst bij RCH en toen zes jaar bij DWV met onder andere Roy Beukenkamp en Johnny Holshuijsen. Met DWV werden we algeheel kampioen van Nederland.”

Hoewel hij als 23-jarige met een eigen drukkerij zijn eigen boontjes moest én kon doppen, bleef de voetbalwereld trekken. Dus ging De Klerk zijn trainersdiploma’s halen. Zeeburgia was zijn eerste club en nadat hij in zijn debuutjaar aldaar tweede was geworden, wist hij het seizoen later kampioen te worden. Bij Blauw Wit werd hij tweede, met Diemen het jaar erop kampioen en daarna keerde hij terug naar Blauw Wit. Vier jaar zat hij, met succes, bij Blauw Wit toen hij via Leo Beenhakker een stageplaats kreeg bij Ajax Zaterdag dat onder leiding stond van Henny Kottmann. Een jaar later belde Beenhakker weer naar De Klerk. Of hij er iets voor voelde om trainer van Ajax Zaterdag 1 te worden? ,,Ik zei direct ‘ja’, ik heb een roodwit hart, dus als mijn club mij vraagt dan hoef ik daar niet lang over na te denken. Alles werd anders. Van Ajax, of het nou F-jes of de zaterdagteams zijn, wil alles en iedereen altijd winnen. Dat geeft een extra druk met zich mee. Maar daar houd ik van.’

Al in zijn eerste jaar werd De Klerk met het team kampioen en promoveerde Ajax naar de hoofdklasse. ,,Je hoorde mensen zeggen ‘wat heeft Ajax nou te zoeken in de hoofdklasse?’. Maar we wisten ons te handhaven en wonnen later ook de beker, waardoor Ajax met drie elftallen vertegenwoordigd was in de Amstel Cup. Mede door deze successen wordt de zaterdag nu voor vol aangezien.’’

FOTO: SANDER NIEUWENHUYS FOTO: SANDER NIEUWENHUYS

De Klerk wilde meer. Ondertussen was zijn drukkerij verkocht en was hij bij degene die het bedrijf overnam als account-manager in dienst. ,,Ik heb bij Ajax altijd aangegeven dat als er ruimte zou zijn, dat ik wilde doorstromen naar de jeugd. Maar als ze vonden dat ik daar niet geschikt voor zou zijn, dan wilde ik wel dat ze mij dat eerlijk zouden vertellen.”

Martin van Geel had eerder in het seizoen 2006-2007 aan De Klerk aangegeven hierover in februari een gesprek te voeren. ,,Ik ging dat gesprek "open' in met het idee dat Martin van Geel zou zeggen dat ik nog een jaar bij de Zaterdag zou kunnen blijven. Dan had ik waarschijnlijk gezegd dat ik dat niet zou doen. Nog een jaar door met de zaterdag was volgens mij niet goed voor mijn ontwikkeling. Maar hij vroeg of ik assistent-trainer bij de A1 wilde zijn! Ik denk dat aan mijn gezicht wel was af te lezen hoe graag ik dat wilde. Ik heb het met mijn vrouw besproken, want ik ben 46 jaar. Aan het einde van het contract ben ik 49 en als ik niet door kan in de voetballerij vind je niet snel iets nieuws. Gelukkig heeft mijn vrouw sinds kort een damesmodezaak in het Stadshart van Amstelveen “Simply Es” dus mocht het in de voetballerij niet lukken hebben we nog altijd de winkel. En ik vind altijd dat je beter spijt kunt hebben van iets wat je wel hebt gedaan, dan iets wat je niet hebt gedaan"

Ruim drie maanden later riep hoofd jeugdopleiding Jan Olde Riekerink hem binnen. ,,Heb je even een minuutje?, vroeg hij. Dus ik loop bij hem binnen. De vraag was of ik interesse had om door te schuiven naar Jong Ajax omdat Adrie Koster naar het eerste team ging. Ik zei Ja en liep weer weg. Hij had tenslotte maar een minuutje! Zo snel kan het dus gaan. Het voelt goed en dat ik hier zit vind ik fantastisch! Ik kan mijn ding doen. Daarmee bedoel ik met trainingen en met spelers bezig zijn, een groep scherp krijgen en houden, trainingen maken samen met Aron Winter om de jongens beter te krijgen."

De ambitie van Bob de Klerk stopt niet bij het assistentschap. ,,Je moet ambitie blijven houden. Ik hoop dat ik deze functie kan blijven bekleden en als ik een contract voor zeven jaar dit werk zou kunnen ondertekenen zou ik het zo doen. Maar toch wil ik ook die cursus coach betaald voetbal doen."

2007 was al een heel bijzonder jaar. ,,Die staat in mijn persoonlijke topvijf. Het is een veranderlijk jaar geweest. Gestopt in de drukkerij, van de Zaterdag van Ajax naar de A1, naar Jong Ajax. Als 2008 ook zo leuk zou kunnen worden, zeg ik ‘graag!’ "