Jarige Geels nog niet toe aan pensioen

Jarige Geels nog niet toe aan pensioen

Een kopsterke spits voor wie de zwaartekracht niet bestond. Dat was voormalig Ajax-spits Ruud Geels, die vandaag zijn 65e verjaardag viert. Reden voor een bezoek aan hem in zijn woonplaats Velserbroek. ,,Het zwarte gat is hier ver weg.’’

Leunend in de kussens van zijn comfortabele bank schenkt Ruud Geels zichzelf nog een glas pils in. Dan zegt hij: ,,Ik jaloers op Sjaak Swart?’’ Hij schudt zijn hoofd. ,,Zelfs al was ik er fysiek toe in staat, dan had ik niet meer op het veld willen staan. Maar voor Sjaak hoop ik dat hij nog tien jaar door kan gaan. Schitterend, zo karakteristiek als hij is. Daarvan zouden er meer moeten zijn.’’

Geels zelf zul je niet snel op de voorgrond zien. Integendeel. Waar Swart, met wie hij vaak samenspeelde bij Lucky Ajax, verslaafd lijkt aan zijn roem, haalt de Haarlemmer zijn schouders op bij datzelfde woord. Ja, hij heeft honderden doelpunten gemaakt in zijn carrière, waarvan 123 in vier seizoenen Ajax. Maar meer nog dan voetbalheld is hij anno nu vooral schilder en trotse opa. ,,Ik heb drie kleinzoons en ze kunnen alle drie voetballen. En wat denk je: het zijn allemaal spitsjes.’’

Dat laatste is niet vreemd, wetende dat ze afstammen van een geprezen doelpuntenmaker. Geels was een kopsterke midvoor om precies te zijn. Behept met een sprongkracht die hem immuun maakte voor de zwaartekracht. Toen hij tegen Feyenoord uit zwevende positie raak kopte, merkte opponent Willem van Hanegem naderhand op dat het leek alsof Ajacied Geels uit de lichtmasten was gevallen.

Van die memorabele avond in het Olympisch Stadion weer terug naar Geels’ huiskamer in Velserbroek, waar vrouw Lida ondertussen ook is aangeschoven. Ze serveert borrelhapjes en blijkt net als haar man graag over hun vier kleinkinderen te verhalen. ,,Wekelijks staan we bij ze aan de zijlijn. Alleen hebben we nu vakantie, want alles ligt stil’’, zegt ze. Het klinkt bijna alsof ze de zomerstop een hinderlijke onderbreking vindt. Want één ding is al snel duidelijk geworden deze namiddag: het echtpaar Geels begeeft zich graag langs de sportvelden.

Misschien wel de beroemdste en mooiste Ajax-treffer van de Ajacied Ruud Geels. Op 1 november 1975 leek het in de Klassieker tegen Feyenoord alsof de spits uit de lichtmast kwam vallen. Misschien wel de beroemdste en mooiste Ajax-treffer van de Ajacied Ruud Geels. Op 1 november 1975 leek het in de Klassieker tegen Feyenoord alsof de spits uit de lichtmast kwam vallen.

,,Op zaterdag stappen we soms om half acht ’s morgens in de auto’’, vertelt Geels. ,,Dan rijden we in een uur naar Voorthuizen, waar mijn twee kleinzoons wonen. Meestal kunnen we dan allebei hun wedstrijden zien.’’ Dan pakt Geels zijn telefoon en laat hij een foto van de jongste van de twee zien. Gehuld in een shirt van Vitesse lacht het 7-jarige jongetje in de camera. Een talentje, weet zijn opa. ,,Steeds mondiger wordt hij. FC Twente wilde hem ook, maar hij heeft gekozen voor Vitesse. Een echte doelpuntenmaker is het. Of hij mijn genen heeft? Wie weet, maar de weg is nog heel lang.’’

Voor Geels maakt het in elk geval niks uit of zijn kleinzoon slaagt in Arnhem. Trots is hij sowieso. ,,Op welk niveau ze ook actief zijn. Als ze maar sporten. Dat vinden we belangrijk.’’ Zijn twee dochters hebben op niveau gesoftbald. Een van hen deed met het Nederlands softbalteam mee aan de Olympische Spelen van 1996. Met twinkelende ogen: ,,Ik ben trots op mijn eigen carrière, maar nog trotser was ik als zij goed presteerden.’’

Deze opmerking vat Geels in een notendop. Hoewel hij als voetballer voor zichzelf leerde opkomen, is hij altijd bescheiden van aard gebleven. Roem interesseert hem niet, geld evenmin. Vraag hem wat hij heden ten dage had kunnen verdienen met zijn capaciteiten en het eerste wat hij zegt is: ,,Ik ben geen kapitalist.’’ Vervolgens, na een slok bier: ,,Ja, dan had ik kunnen cashen. Eén keer tekenen voor vijf jaar en je bent gevuld. Maar het is toch absurd, die huidige bedragen? Vooral om te bedenken dat er veel mensen zijn die maar moeizaam kunnen rondkomen.’’

Zelf hoeft hij naar eigen zeggen niet in te zitten over geld. In zijn rijtjeshuis in Velserbroek, een vinexwijk grenzend aan Haarlem, leiden hij en zijn vrouw een prettig leven. Toch werkt Geels nog altijd. Hij is schilder, al sinds hij in 1984 zijn loopbaan beëindigde als speler van NAC. Met zijn 65 jaar lonkt zijn pensioen, maar daar is Geels nog niet aan toe. ,,Ik sta nog veel te graag op de steigers, want schilderen is een prachtig vak. Ik doe het met volle overgave. Ja, net zoals met voetballen destijds. Ik vind: wat je doet, moet je goed doen. Ik mag dan Ruud Geels heten, maar die naam levert me nog geen klussen op.’’

Afgelopen winter zat hij lange tijd thuis wegens een gebrek aan opdrachten. Voor menig zelfstandige een ramp, maar Geels kan het hebben zegt hij. Dan stapt hij op zijn fiets en geniet hij van zijn omgeving. ,,Haarlem is de mooiste stad van Nederland’’, klinkt het stellig. Denk dan ook niet dat hij vreest voor verveling op zijn naderende oude dag. Als toerist in eigen stad en trotse opa heeft hij het druk zat. Of zoals hij het zelf uitdrukt: ,,Het zwarte gat is ver weg in huize Geels.’’

Tekst: Ajax.nl/Fabian van der Poll
Foto's: Ajax.nl/Gerard van Hees (boven) en Erfgoed Ajax