Jong Ajax loopt eerste averij op

Jong Ajax heeft in de kersverse beloftencompetitie de eerste averij opgelopen. De ploeg verzuimde in het thuisduel tegen Jong Utrecht de 2-0 voorsprong bij rust vast te houden, waardoor Utrecht langszij kwam, 2-2.

De wedstrijd tegen Jong Utrecht begon zaterdagmiddag een kwartier later omdat de Domstedelingen niet op tijd op De Toekomst arriveerden. Tijdens de laatste ontmoeting tussen beide teams, 14 mei van dit jaar, vierde Ajax het kampioenschap van de reserve-eredivisie door een 3-0 overwinning. Maar wie het Ajax van toen en nu vergeleek, kwam tot de conclusie dat er een heel ander team in het veld stond dan op die maandag in mei. Alleen Walker, Valencia en Quansah begonnen toen en nu aan de wedstrijd.

Jong Ajax speelde in het herkenbare systeem, dus met drie verdedigers en een nummer 4, vleugelaanvallers en een nummer 10. Hosé diende in de punt van de aanval als aanspeelpunt. De aanval van Ajax liep goed en was beter verzorgd dan afgelopen woensdag in het bekerduel tegen Haarlem, toen de combinaties 20 meter voor de goal strandden.

Hoewel Ajax het spel maakte, kon Utrecht na een half uur spelen op voorsprong komen doordat doelman Bram Verbist verkeerd timede. De Utrecht-speler schoot echter zo zacht in dat Ruud Kras nog kon opruimen. Kort daarna sloeg Ajax toe.

Hosé dribbelde zich het strafschopgebied binnen, omspeelde doelman Spaan maar waar hij ook had kunnen schieten, speelde hij Quansah aan. Ook de Ghanees koos niet voor de eenvoudigste oplossing, maar wilde ook nog een verdediger uitspelen. De opzet slaagde en Ajax kwam op voorsprong, 1-0.

Nog voor rust verdubbelde de thuisploeg de marge. Na een goede actie op rechts zette Hosé voor. Staande op de rand van het strafschopgebied schoot de Zaandammer prachtig binnen, 2-0. Deze goal viel al in de 45e minuut, maar voor rust had Ajax zelfs op 3-0 moeten komen toen Kwame Quansah een levensgrote kans kreeg. Hij schoot echter vanuit vrije positie naast.

Na rust bracht trainer Jan Olde Riekerink Kiran Bechan voor Hosé binnen de lijnen. Dat betekende dat Quansah van linksbuiten naar het centrum van de aanval verhuisde en Bechan op links ging spelen.

De verse kracht ten spijt; het was Utrecht dat een stuk feller uit de kleedkamer kwam dan Ajax. Al na vier minuten liet Ajax zich overrompelen door de ploeg van trainer Bert van Sas en schoot Tsiorlas zijn team dichterbij.

Ajax herpakte zich en kreeg via Culina en Quansah kansen het verschil weer op twee doelpunten te brengen, maar beiden misten de mogelijkheden. Ook Utrecht kreeg via Furfaro een grote kans. Hij schoot echter net voorlangs. De Australiër Culina had Ajax op 3-1 kunnen zetten. Hij faalde echter wederom.

Nadat Utrecht opnieuw een enorme kans om zeep had geholpen was het in de 78e minuut wel raak. De vrije trap van Katipana veranderde van richting en verdween onhoudbaar voor Verbist in het doel, 2-2. Een minuut voor tijd leek het nog dramatischer te worden voor Ajax toen Utrecht alleen op Verbist afkwam. Ook deze kans werd gemist. In blessuretijd claimde Ajax nog een strafschop, omdat een Utrecht-speler hands maakte in het penalty-gebied. Scheidsrechter Van Aken wilde daar echter niet aan, waardoor hij met een 2-2 stand op het scorebord het laatste fluitsignaal gaf.