Jong Ajax strijdend ten onder tegen Excelsior

Elf junioren moest Jong Ajax-trainer John van 't Schip meenemen naar Rotterdam voor de Amstel-Cupwedstrijd tegen Excelsior. Samen met de vaste spelers van Ajax' tweede elftal knokten die zich helemaal leeg. Maar eredivisionist Excelsior bleek toch een maatje te groot en won met 4-2.

De wedstrijd had meer weg van een zeer nuttige oefenwedstrijd dan een beladen bekerduel. Met zoveel jeugdspelers in de gelederen bij de Amsterdammers zou het bereiken van de kwartfinale immers een 'mission: impossible' worden. Van 't Schip had zijn elftal dan ook met een behoudende speelstijl het veld ingestuurd. ,,Ik had wat meer zekerheid ingebouwd'', zei de trainer. ,,We speelden met de punt naar achter.''

Die punt naar achter werd ingevuld door Gerard Aafjes en met die junior is dan ook meteen een van de betere Ajacieden van de avond genoemd. ,,Hij heeft de lengte, een goede pass en is technisch vaardig'', oordeelde Van 't Schip na afloop. ,,En een goed schot. Ik zei in de rust al 'haal maar eens uit', en dat deed hij een keer heel goed.'' Aafjes haalde in de tweede helft inderdaad flink uit, en trof van grote afstand de kruising boven doelman Malkowski.

Ondanks het feit dat vooraf de uitslag al vast leek te staan, was het toch Ajax dat de score opende. Bij de eerste keer dat de Amsterdamse ploeg echt in de buurt van de Excelsior-doelman verscheen, dwong Ajax een corner af. Jamal Akachar kopte de hoekschop van Michael Krohn-Dehli prachtig binnen.

,,Ik had vooraf niet het idee dat we zouden gaan stunten'', zei Van 't Schip. ,,Toen we toch 0-1 maakten, dacht ik wel even 'wie weet?', maar het kwaliteitsverschil tussen beide teams werd daarna duidelijk zichtbaar.''

,,Wij hadden niets te winnen en alles te verliezen'', sprak Excelsior-coach Adri Koster na afloop. ,,We hielpen Ajax een beetje in het zadel door niet op te letten bij die corner. Maar ik denk dat we daarna een aantal goede momenten hadden en Ajax in het verloop van de wedstrijd kapot hebben gespeeld.''

Excelsior stelde na het eerste kwartier in ieder geval orde op zaken. De Rotterdamse ploeg kwam met name via vleugelspelers Pinas en Koswal een aantal malen gevaarlijk door. In de zeventiende minuut profiteerde Mounir el Hamdaoui van balverlies achterin van Thomas Vermaelen en de aanvaller van Excelsior tekende beheerst voor de gelijkmaker: 1-1.

Vanaf dat moment dicteerde Excelsior het tempo in de wedstrijd. Ajax moest steeds verder naar achter en kwam aan aanvallen nauwelijks meer toe. Keeper Robert Zwinkels redde in de 32ste minuut nog knap op een inzet van Ferry de Haan, maar moest zes minuten later het antwoord schuldig blijven op een poging van Cecilio Lopes die de 2-1 binnenwerkte.

,,In het begin van de tweede helft werd het wat opener en hadden we, als je er met een Ajax-gekleurde bril naar kijkt, de 2-2 kunnen maken. Daarna was het snel over'', analyseerde John van 't Schip. De best kans voor Ajax kwam zeven minuten na rust, toen Jamal Akachar de diepte werd ingestuurd en hij goed teruglegde op de in het midden vrijlopende Michael Krohn-Dehli. De Deense vleugelspeler schoot echter tegen een verdediger op.

Daarna vloeiden de krachten weg bij de jeugdige Amsterdammers. Excelsior verhoogde slim het tempo en dat betaalde zich al snel uit. Gabriel Mofokeng werd in de 63ste minuut opnieuw voorbijgelopen door linksbuiten Brian Pinas, die een voorzet op maat losliet waaruit Cecilio Lopes op fraaie wijze scoorde: 3-1.

Hoewel Ajax 2 zichtbaar vermoeid was, Jamal Akachar en Gerard Aafjes betaalden in de tweede helft de tol voor hun vele loopwerk, kwamen de Amsterdammers toch nog terug in de wedstrijd. Jussi Kujala maakte er uit een penalty 3-2 van, nadat Excelsior hands had gemaakt in het strafschopgebied.

De hoop op meer werd echter vijf minuten later al de grond in geboord door invaller Brett Holman, die een een-tweetje door het midden bekwaam achter Zwinkels schoot. Ajax had niet de macht meer om iets aan de stand te veranderen, Excelsior speelde het laatste kwartier eenvoudig uit, in de wetenschap dat FC Utrecht de volgende opponent in de beker is.

,,We zijn tot het gaatje gegaan'', oordeelde Van 't Schip. ,,Ik ben trots op het team, want dit was toch een beetje een bij elkaar gezochte groep. We hebben waardig afscheid genomen van de Amstel Cup. Er is geen kern van vaste tweede-elftalspelers, zoals vorig seizoen wel het geval was. Daar moeten we wat mij betreft wel weer naartoe. Want nu belast je de A1 wel erg zwaar, en dat is niet de bedoeling.''

De trainer complimenteerde na afloop Gerard Aafjes en Jamal Akachar. ,,Gerard was nuttig in zijn rol en Jamal liet zien heel wat in zijn mars te hebben.'' Om er aan toe te voegen: ,,Ze hebben allemaal hard geknokt. Meer zat er vandaag niet in.''