Lindenbergh sluit monsterscore niet uit

Lindenbergh sluit monsterscore niet uit

Alles bij Ajax staat natuurlijk in het teken van de wedstrijd tegen Willem II. De Amsterdammers moeten winnen in Tilburg en het liefst met ruime cijfers. Olaf Lindenbergh sluit een monsterscore niet uit.

Het is donderdag druk rond het trainingsveld naast de ArenA. Natuurlijk: zondag wordt bekend wie de nieuwe kampioen van Nederland is en de supporters willen weten hoe de Ajacieden ervoor staan. De oefensessie is pittig en uitgebreid; partijtjes, loopwerk en krachttraining. Na ruim anderhalf uur komt Olaf Lindenbergh vermoeid, maar tevreden het veld aflopen. ,,Het is lekker trainen met dit weer", zegt hij. ,,En we zijn uitgerust, want de afgelopen twee dagen waren we vrij."

Terwijl Klaas Jan Huntelaar nog aan het afwerken is op Maarten Stekelenburg, blikt Lindenbergh vooruit op de wedstrijd tegen Willem II. ,,We spelen zondag vol op de aanval”, vertelt de middenvelder. ,,We moeten niet alleen heel veel scoren om AZ op doelsaldo voorbij te streven, maar ook om PSV achter ons te houden.” Nog even ter herinnering: AZ, Ajax en PSV hebben alledrie 72 punten uit 33 wedstrijden. AZ heeft het beste doelsaldo (plus 53) gevolgd door Ajax (plus 47) en PSV (plus 46). Lindenbergh denkt dat een monsterscore tegen Willem II geen utopie is. ,,We hebben dit seizoen thuis ook met 6-0 gewonnen van Willem II, dus waarom niet.”

Lindenbergh maakte in september 2005 in de uitwedstrijd tegen Willem II zijn debuut voor Ajax. Of de Amsterdammer aanstaande zondag opnieuw in Tilburg het veld betreedt is onzeker. Dit seizoen moet hij vaak genoegen nemen met een plaats op de reservebank. ,,Ik speel inderdaad weinig”, aldus Lindenbergh. ,,Maar daarom bereid ik me niet anders voor op de wedstrijd van zondag. Spanning voel ik nu nog niet. Maar zaterdag gaan we in trainingskamp, dan komt dat vanzelf wel.”

Dat AZ, de club waar Lindenbergh van 1999 tot 2005 speelde, als lijstaanvoerder de laatste speelronde ingaat, doet hem niet heel erg veel. ,,In het huidige team spelen nog maar weinig jongens met wie ik heb gevoetbald. Ik gun AZ een prijs, maar ik gun het onszelf natuurlijk nog veel meer.”