Lucky Ajax wint de beker na uitschakeling in Alkmaar

Lucky Ajax wint de beker na uitschakeling in Alkmaar

Jaap Visser van Kick uitgevers schrijft elke maandag/woensdag een blog over de geschiedenis van Ajax. Deze week gaan we terug naar 12 april 1970 wanneer Ajax wordt uitgeschakeld voor de KNVB-beker, maar het toernooi toch zal winnen.

Gerrit Vooys verricht wonderen in het doel van AZ’67, Johan Cruijff ligt aan de ketting bij zijn bewaker Dick Twisk en de geblesseerde Piet Keizer wordt node gemist. Vier dagen na de onnodig zware 3-0 nederlaag tegen Arsenal in de halve finale van het toernooi om de Jaarbeursstedenbeker (die weldra de UEFA Cup zal gaan heten) loopt Ajax spitsroeden in de Alkmaarder Hout. Een flater van keeper Gert Bals leidt in de achtste finales van het nationale bekertoernooi tot nóg een pijnlijke verliespartij. Miraculeus genoeg zal Ajax anderhalve maand later toch de ‘dennenappel-bokaal’ van de KNVB winnen.

'Bijloting'
Zoals wel vaker is de voetbalbond weer eens vreselijk aan het hannesen met zijn bekertoernooi waardoor zich voor de achtste finales veertien clubs hebben geplaatst. Dat zijn dus zeven wedstrijden die zeven winnaars opleveren, één te weinig om te kunnen loten voor de kwartfinales. Crisisberaad in Zeist, met als uitkomst dat eerst een ‘bijloting’ zal worden verricht.  De zeven uitgeschakelde clubs gaan in de champagnekoeler en de ‘lucky loser’ die daar wordt uitgevist, is de achtste kwartfinalist.

Rinus Michels heeft de opzet van het bekertoernooi al voor de aftrap in Alkmaar ‘krankzinnig’ genoemd. ‘Want zelfs als wij tegen AZ’67 een nederlaag leiden, kunnen we toch de beker nog winnen.’ Die profetische woorden is de verliezende Ajax-coach glad vergeten wanneer hij na de 2-1 in ‘De Hout’ met een kwaaie kop in de spelersbus stapt.

Barry Hulshoff (4) neemt koppend het doel van AZ’67 onder vuur. Vanaf links verder Theo Vonk, Gerrie Mühren, Ruud Suurendonk, Johan Cruijff, Chris Dekker, Flip Stapper, Sjaak Swart, Jan Visser, Wim Kabel en Jan van Veen.
Barry Hulshoff (4) neemt koppend het doel van AZ’67 onder vuur. Vanaf links verder Theo Vonk, Gerrie Mühren, Ruud Suurendonk, Johan Cruijff, Chris Dekker, Flip Stapper, Sjaak Swart, Jan Visser, Wim Kabel en Jan van Veen.

Ajax beleeft begin april 1970 een kleine sportieve crisis met verlies in Londen en Alkmaar. De Amsterdamse afweer vertoont ineens lelijke gaten en het flitsende aanvalsspel van eerder in het seizoen is even weg. Het zal Ajax drie dagen na de bekernederlaag ook niet lukken om de in de Jaarbeursbeker opgelopen schade te repareren. De 1-0 overwinning op Arsenal in het Olympisch Stadion is te weinig, maar betekent wel het einde van de dip. Ajax weet zich op te richten in de titelrace met Feyenoord, wordt kampioen en verovert zelfs de dubbel.

Wanneer de spelersbus op 12 april na de zeperd in Alkmaar terugkeert in de Watergraafsmeer, verneemt Michels tot zijn schaamte en opluchting tegelijk dat het deze zondag lucky Ajax is. Zijn ploeg mag toch verder bekeren, verslaat DWS en FC Twente en is in de finale te sterk voor PSV (2-0). Maar aanvoerder Velibor Vasovic lacht wat besmuikt wanneer hij in de Bossche Vliert een lauwerkrans krijgt omgehangen. En in het weekblad Voetbal International wordt gegrapt dat de terugkeer van het Michels-elftal in het bekertoernooi logisch was. ‘Omdat bij die loting zeven briefjes met Ajax in de koeler zaten.’

Kick uitgevers is de boekenpartner van Ajax en uitgever van het  Jaarboek dat een nieuwe formule heeft gekregen en zal uitgroeien tot de Ajax-Encyclopedie. Bestel hier deel 1 van de Ajax-Encyclopedie.

Hoofdfoto: Gerrit Vooys is Johan Cruijff in de Alkmaarder Hout te snel af (Nationaal Archief/Anefo, collectie CC-BY, 923-4312)
Koop de Ajax-Encyclopedie