Marco van Basten gaat zich steeds meer trainer voelen

Steeds meer Ajacieden vinden na hun actieve voetbalcarrière de weg terug naar Ajax. Als directielid, bestuurslid, trainer, leider of scout hebben ze bewust gekozen voor een tweede voetballeven bij hun eerste voetballiefde. In deze kerstspecial vertellen de oud-spelers over hun carrière van toen en over hun werkzaamheden van nu. In deze aflevering Marco van Basten, assistent-trainer van Jong Ajax.

Marco van Basten is de beste spits die het Nederlandse voetbal ooit heeft voortgebracht. Zijn fantastische acties en fenomenale goals voor Ajax, AC Milan en het Nederlands Elftal staan iedere liefhebber nog helder voor de geest. De aanvaller, die op 3 april 1982 zijn debuut maakte voor Ajax 1, en meteen scoorde, moest door een hardnekkige enkelblessure te vroeg afscheid namen als actief voetballer. Na een periode waarin hij weinig tot niets met voetbal te maken had, keerde hij vorig seizoen terug bij Ajax. Eerst om stage te lopen en vanaf het begin van het huidige seizoen als assistent-trainer van Jong Ajax, waar hij samenwerkt met voormalig ploeggenoot John van 't Schip. ,,Ik ga me steeds meer als trainer gedragen en me zo voelen'', zegt Van Basten.

San Marco heeft het naar zijn zin bij de Beloften van Ajax. ,,De samenwerking met John verloopt goed en het is ook heel leerzaam. Ik heb lange tijd nauwelijks iets met voetbal te maken gehad en ik heb tijd nodig om er weer in te komen. De groep is leergierig, nieuwsgierig ook, dat werkt prettig. Onze spelers zijn talentvol, anders zit je niet bij Ajax natuurlijk, dus het is dankbaar werk. Er treedt zo sneller verbetering op. We zijn goed aan het trainen, zowel collectief als individueel. Wij als trainers proberen de spelers individueel beter te maken en aan te geven dat dat de teamprestatie ook ten goede komt. Soms laten we iemand op een positie rijpen terwijl dat nadelig zou kunnen zijn voor het resultaat. Dat is het verschil met Ajax 1. Daar staat altijd het resultaat voorop. Wel willen we proberen om terug te komen in de Amstel Cup, want dat geeft een seizoen toch iets extra's. Dan moeten we kampioen worden in de Beloftencompetitie of de Amstel Malt Cup winnen. Het werkt goed als je een doel hebt.''

Van Basten aarzelt als hem gevraagd wordt om een paar voorbeelden te geven van spelers die goede progresie maken ('leuk voor die jongens, maar niet leuk voor de spelers die niet genoemd worden'), maar een paar namen wil hij wel noemen. ,,Voor ons is het een uitdaging om Daniël de Ridder, die aan de bal al goede kwaliteiten heeft, wijs te maken in het veld. Wij hopen een steentje bij te dragen maar een speler moet er ook voor openstaan. Daniël heeft in onze ogen progressie gemaakt. Een seizoen kent altijd pieken en dalen. Nu zit hij in een goede cyclus. Op den duur moet je zorgen dat de goede periodes lang duren en de mindere zo kort mogelijk. Ook vind ik het erg leuk dat Jason Culina al zoveel gescoord heeft.''

,,Je ziet dat de jongens die het meeste getraind hebben, de meeste progresie gemaakt hebben'', zegt de trainer Marco van Basten enthousiast. ,,Als je plezier in je werk hebt, kan en wil je vaker voetballen, en krijg je minder last van blessures. Daardoor kan je weer vaker trainen en treedt er sneller verbetering op.''

,,Plezier komt vanuit het spelen zelf'', vindt Van Basten. ,,Wij proberen het aangenaam te maken, maar de spelers moeten de beleving, overtuiging en wilskracht zelf meenemen.''

Hoewel Van Basten door al zijn successen als speler nooit helemaal in de anonimiteit zal verdwijnen, werkt hij nu toch meer op de achtergrond. ,,Ik voel me daar prima bij. John van 't Schip is ervaren en het is leuk om samen met hem dit te doen. Langzaam bekwaam ik me in wat het trainersschap van me vraagt. Ik hou natuurlijk mijn ogen en oren open om alles snel tot me door te laten dringen, maar ik heb geen haast en streef niets na. Wel ga ik me steeds meer als trainer gedragen en me trainer voelen. Maar ik ben toch zes jaar weggeweest en het zou raar zijn om meteen te gaan zeggen hoe het allemaal moet'', zegt de voormalig beste speler van de wereld opvallend bescheiden.

Net als technisch directeur Louis van Gaal dat deed, haalt Marco van Basten de kerstkaart erbij waarop hij en zijn collega's zijn afgebeeld en waarop deze serie verhalen gebaseerd is. Van Basten ziet de voetballers waar hij mee of tegen gespeeld heeft. Als een echte spits kijkt hij meteen naar het aantal doelpunten dat bij de namen staat. ,,Opvallend dat Piet Keizer 189 keer gescoord heeft'', zegt Van Basten (zelf 153 goals in 172 duels voor Ajax) over de topscorer onder de Ajax-iconen die op de kaart zijn afgebeeld. ,,En Dick Schoenaker, 348 wedstrijden en 104 doelpunten. Dat is knap hoor, een middenvelder die 1op 3 loopt. Dat hou ik onze spelers ook voor: als je als middenvelder niet in het strafschopgebied eindigt, scoor je ook niet zo vaak.''

,,Het is zo goed dat jongens met praktijkervaring nu weer bij Ajax werken'', vindt Van Basten. ,,Zo kunnen we de cultuur bewaken. De mensen die meer een theoretische achtergrond hebben zijn echter net zo belangrijk. Die bekijken de zaken weer vanuit een andere hoek. Beide aspecten, de praktijkervaring en de theoretische kennis, zijn noodzakelijk. We moeten zorgen dat we die aspecten bundelen.''

Gevraagd naar wat nou precies het Ajax-gevoel is, zegt Van Basten: ,,Ajax is heel dubbel. Het is een vereniging, met vriendschap en gezelligheid, en aan de andere kant is er Ajax 1: een topsportklimaat, waarin winnen belangrijk is, soms harde maatregelen genomen worden en waar resultaten geëist worden. De vereniging tegenover het bedrijf. Dat is ook Ajax en dat is ook weer het mooie eraan.''

Marco van Basten gaat tijdens de kerstdagen op skivakantie met zijn gezin. Oud en Nieuw viert de voormalig international thuis, met de buren. Zijn nieuwjaarswensen voor iedereen: ,,Allereerst voor allen een goede gezondheid. En we hopen natuurlijk op sportieve successen in 2004. Dat Ajax maar goed voetbal moge bieden, en spectaculair. Ik wens iedereen attractief voetbal toe.''