Mido: gevormd door de kousenbal van Cairo

Zoals de archeologen hun ogen niet konden geloven toen in het Dal der Koningen de grafkamer van Toetanchamon werd ontdekt, zo opgetogen was de directie en waren de scouts van Ajax toen Mido in de zompige klei van de Belgische voetbalcompetitie werd opgegraven. Maar het is nog niet alles goud dat er blinkt sinds hij naar de Arena werd gehaald om daar te worden tentoongesteld.

door Raymond Bouwman

Dit seizoen werd het toch al bonte gezelschap der Ajacieden ook nog eens aangevuld met de eerste Egyptenaar uit de clubgeschiedenis. Hij is in meerdere opzichten een verrijking, hoewel er voetballend nog niet is uitgekomen wat ervan werd gehoopt. Mido zelf houdt het op aanpassingsproblemen. Wederzijdse, want waarom zou Ajax zich niet ook naar hem richten?

Mido: ,,Ik ben midden in Cairo geboren, in een oud deel van de stad. Dat is even wat anders dan Amsterdam. Het is veel groter en heeft nog veel meer geschiedenis dan deze stad. Het is een geweldige stad, althans als je rijk en beroemd bent."

,,Er wonen ook heel veel mensen die helemaal niets hebben. Voor hen is het niet zo'n mooie stad. De verschillen zijn erg groot; veel te groot. In Cairo is bijna geen middenklasse. Mensen zijn er onwaarschijnlijk arm, of onwaarschijnlijk rijk. Er zit niets tussenin, dat is het probleem niet alleen van Cairo, maar van heel Egypte. Rijke mensen zijn zo rijk dat ze van gekkigheid niet meer weten wat ze met hun geld moeten doen. Ze kunnen inmiddels ruimschoots van de rente op hun vermogen leven. Ze doen verder niets, leven in hotels, reizen zich suf, kopen auto's, laten zwembaden aanleggen en hebben als enige dagelijkse zorg te kiezen naar welk feest ze die avond zullen gaan. De mensen zonder geld zijn alleen maar bezig te overleven. Onderdak, eten, kleding, voor hen is het allemaal onzeker. "

,,Onrechtvaardig, zulke grote verschillen. Maar er is weinig aan te doen. Wij behoorden tot de kleine middenklasse, in het bovenste deel daarvan. Mijn vader is nu 51, en hij verdiende zijn geld als voetballer. Hij speelde voor Zamalek FC. Mijn vader was behoorlijk goed en speelde meer dan 55 interlands met het Egyptisch nationale elftal. Ik heb hem nooit zien spelen. Hij stopte in 1976. Dat was voordat ik geboren werd. Ik heb mijn vader wel op een video gezien. Ik lijk niet op hem als voetballer. Ten eerste was hij rechts en stond hij rechtsbuiten, en verder moest hij het niet van zijn actie hebben, maar van zijn snelheid en kracht. Ik was trots op hem als kind. Voetballers zijn de belangrijkste mensen in Egypte. Mijn vader was dan ook beroemd. Ook in zijn tijd was voetbal al zo belangrijk in Egypte dat je er goed mee kon verdienen. Daarom hadden wij het goed.

Dit fragment is afkomstig van het interview met Mido in het Ajax Magazine, het officiele clubblad van Ajax. Ajax Magazine is te koop in de betere kiosken en kost Hf. 8,95