'Na een komt twee, en dan drie!'

Op de een na laatste training voor het competitieduel tegen Utrecht aanstaande zondag, werd er hard gewerkt. John O'Brien deed de hele training met de groep mee, Van der Vaart sloot halverwege aan.

Na een uitgebreide warming-up, het vroor nog steeds vrijdagochtend, werd de groep in tweeën gedeeld voor een partijvariant. Mendes da Silva en Van der Vaart vertrokken met Bruins Slot en Van Basten naar de overkant van het veld voor hun hersteltraining. Sikora trainde met fysio Haak op het andere veld. Tomás Galásek trainde niet met de groep mee omdat hij wat last had van zijn rechterbovenbeen. Na een aantal rondjes gelopen te hebben, verliet hij het veld.

Zlatan, Van der Meyde, Pienaar, Sneijder, Trabelsi, O'Brien en Maxwell kregen een hes om hun schouders. De overigen vormden de 'rode' partij. De rode partij mocht slechts verdedigen en niet scoren, maar kon wel gebruik maken van beide keepers. De gele partij mocht in beide doelen scoren. Doordat tevens de buitenspelregel niet werd gehanteerd was het tempo in de partij erg hoog. Zodra een bal over de zijlijn ging, werd aan de andere kant door Krol de nieuwe bal in het spel gebracht.

Halverwege de partij stuurde Bruins Slot Van der Vaart richting de groepen van Koeman. Andy van der Meyde droeg zijn gele hes over aan zijn teamgenoot en ging op het andere veld voor zichzelf wat doen met een bal. Nu mocht geel niet scoren en diende rood het de keepers lastig te maken.

In plaats van een cooling down, had Koeman een andere trainingsvorm bedacht. De beide partijen stonden tegenover elkaar. Om de beurt moest een speler van geel kaatsen op Koeman, kreeg vervolgens de bal terug en moest in een keer proberen te scoren op Lobont. Rood deed hetzelfde, alleen kaatste Krol in plaats van Koeman en verdedigde Didulica het doel. Het team dat het eerste tien keer scoorde, had gewonnen.

Even leek het erop dat het lang zou gaan duren. Lobont en Didulica hielden alle ballen die niet over het goal gingen keurig tegen. Koeman werd al ongerust en riep dat tien keer scoren wellicht toch wat teveel was. Maar al snel daarna scoorde geel het eerste doelpunt. Daarna ging het snel en was de score nauwelijks bij te houden. Jambor, die de score van geel bijhield, riep bij het volgende doelpunt van geel: ,,Zes!" ,,Nee, man!", antwoordde Witschge, die bij de rode partij zat. ,,Geel heeft er maar vier!" ,,Nee, zes!", bemoeide Sneijder (van het gele team) zich ermee. ,,Niet!", schreeuwde Witschge weer. ,,Die man kan niet tellen. Na een komt twee. En dan drie, en dan vier!" Jambor trok zich natuurlijk niets aan van het geschreeuw en telde rustig door tot geel bij tien was. Chivu gooide zijn armen in de lucht en schreeuwde het uit van blijdschap.

Tot slot van de training moest iedereen een penalty nemen. De ballen vlogen Didulica en Lobont aan alle kanten om de oren. De keepers zelf namen als laatste een strafschop. Met een hard schot passeerde Didulica zijn Roemeense collega. Toen maakte Lobont zich klaar. Met een aanloopje en een schijnbeweging zette hij Didulica op het verkeerde been, waardoor de Australië al naar een kant dook. Toen deze op de grond lag, lobde Lobont de bal uiterst zacht door het midden in het doel. Alle Ajacieden moesten lachen, maar Chivu had het bijna niet meer en vierde uitgebreid feest met zijn landgenoot.