Ronald de Boer zag Ajax groeien

Ronald de Boer zag Ajax groeien

Ajax bekroonde het droomseizoen 1994-1995 met winst van de UEFA Champions League. De Ajacieden van trainer Louis van Gaal schreven sportgeschiedenis. Twintig jaar na de eerste succesvolle stappen richting dat succes blikt Ajax.nl terug op dat bijzondere seizoen. Deel 2: Ronald de Boer vertelt over het Grote Nagenieten van de zege op Milan, het vervolg tegen AEK Athene op 28 september 1994 en het (eerste) échte gevoel onoverwinnelijk te zijn.

De Ajacieden drijven op golven van euforie richting het tweede groepsduel in de UEFA Champions League 1994-1995. Voordat AEK in Athene moet worden bedwongen, is er – weliswaar kort – tijd om na te genieten van de sensationele 2-0-zege op AC Milan. ,,Er heerste een ontzettend grote blijdschap en intense trots. We hadden de winnaar van de Champions League verslagen. Met goed voetbal’’, beschrijft Ronald de Boer het collectieve gevoel na Ajax’ eerste en direct ook glansrijk gewonnen optreden in de Champions League. ,,Milan was toch de ploeg met de grote sterren, onder meer Boban, Savicevic, Gullit en Baresi. Wij hadden vooral een onervaren ploeg. Europees gezien was er eigenlijk een écht ervaren jongen: Frank Rijkaard. Al had ook de oudere Blind natuurlijk ervaring. Voor ons, jonkies was alles nieuw. We waren gretig. En hadden eerlijk gezegd ook meer weerstand verwacht van Milan.’’

De overwinning was vooral ook goed voor het zelfvertrouwen van de Ajacieden. Met zijn doelpunt (Ajax’ eerste ooit in de CL) en sterke spel had middenvelder De Boer in meerdere opzichten zijn bijdrage geleverd. ,,Na afloop van de wedstrijd tegen Milan beseften we ook pas: hé, we zijn echt goed. Na afloop van het duel in het Olympisch Stadion waren we als kinderen zo blij dat we shirtjes konden ruilen met de Italianen. Ook dat zei iets over onze status op dat moment. Beetje gênant als je erop terug kijkt: zij hadden net verloren en wij stonden voor de deur.’’ Op smekende, onderdanige toon: ,,Meneer Boban mag ik uw shirtje?’’ Weer op normale toonhoogte: ,,Geen idee met wie ik heb geruild en of ik het Milan-shirtje nog bezit. Ik denk het niet. Ik ben niet zo’n bewaarder. Anderen worden van zoiets gelukkiger dan ik.’’

Op het kletsnatte thuisduel met AC Milan in het Olympisch Stadion, vervolgde Ajax zijn Europese tournee in het kolkende Nea Filadelphia Stadion van de Griekse kampioen AEK Athene. Twee weken na de opzienbarende start zonnen de Ajacieden van Louis van Gaal op een passend vervolg. De Boer kan zich de hectische omstandigheden in het knusse Griekse stadion nog scherp herinneren. ,,Een aardig klein stadion, met een heel fanatiek publiek’’, schetst De Boer het decor in de Griekse hoofdstad.

De Ajacieden misten die avond routinier en rustpunt Frank Rijkaard. Uitgerekend de Europees meest gelouterde Amsterdammers was de zaterdag ervoor geblesseerd geraakt in het duel met Dordrecht ‘90. In het hart van de verdediging was Clarence Seedorf vervanger van Rijkaard. De pas 18-jarige vond Danny Blind aan zijn zijde. Met spits Patrick Kluivert schonk trainer Van Gaal nóg een 18-jarige zijn vertrouwen in de heksenketel van Athene. Ajax was vooral jong. Piepjong.

Ronald de Boer, maker van het eerste Ajax-doelpunt in de Champions League: 'Na Milan was Ajax ook met overwinning op AEK een geweldige ervaring rijker.' Ronald de Boer, maker van het eerste Ajax-doelpunt in de Champions League: 'Na Milan was Ajax ook met overwinning op AEK een geweldige ervaring rijker.'

,,We misten Frenk natuurlijk, maar Danny was zoals vaker dat seizoen fantastisch’’, vervolgt De Boer. Als onderdeel van een gelegenheidscentrum moest Blind zijn vertrouwde rol als inschuivende verdediger tegen AEK wel temperen. De Boer: ,,Blind bleef als slot op de deur achterin. Clarence nam de rol van Blind in, als inschuivende verdediger. Seedorf speelde voor de verdediging. Hij verplaatste het spel. Dat deed hij ondanks zijn ‘pas’ 18 jaar met verve. Clarence had ook toen al veel vertrouwen. Maar zijn spel was ook sober en voorzien van Amsterdamse bluf.’’

Het tweede groepsduel begon met een valse start. Ronald de Boer verloor zijn directe tegenstander Toni Savevski een fataal moment uit het oog. Het leverde Ajax nog voor het verstrijken van het eerste halfuur een tegentreffer op. ,,AEK had een voetballende ploeg, ze wilden er echt iets van maken. Vasilis Tsartas was hét talent van AEK. Hij passte op mijn lopende middenvelder. Ik was nét een fractie te laat. De bal viel precies in de loop van Savevski en die maakte het af ook.’’ De Ajacieden moesten zich herpakken. ,,De 1-0 kwam vrij onverwacht. Daarna was het slikken en omschakelen, de rug rechten bij die achterstand. De wedstrijd duurde nog lang. Het was even billenknijpen, maar we hebben doorgezet gedaan wat we moesten doen.’’

De Ajacieden herstelden zich knap en hadden vier minuten na de 1-0 met Jari Litmanen de maker van de gelijkmaker. Niet alleen het doelpunt was fraai. De assist was nóg mooier. Aan de 1-1 ging een 24 karaats pass over ruim vijftig meter vooraf, van linksback Frank de Boer. ,,We heersten weer. Vervolgens maakte ook Patrick Kluivert zijn goal. Hij schoot de bal heel makkelijk links in het dak van het doel. We waren echt beter en wonnen terecht van AEK Athene.’’

De Boer beseft dat het tegen AEK ook heel anders had kunnen lopen. ,,Wij waren beter en hadden meer balbezit. Maar we kwamen wel met 1-0 achter. Als je dan toch met 1-2 wint, ben je opnieuw een geweldige ervaring rijker.’’ Het gevoel dat de Ajacieden de halve finale, laat staan de finale konden bereiken was er nog niet.

Wanneer ontstond dat seizoen écht het gevoel dat Ajax ver kon komen in de CL, misschien wel de finale kon bereiken?
,,De finale was erg ver hoor, na die eerste wedstrijden. Ook in de eerste kwartfinalewedstrijd tegen Hajduk Split waren we wel beter, maar staken we er nog niet bovenuit in Split. De overtuiging kwam in de halve finalewedstrijden tegen Bayern München. De thuiswedstrijd, die we met 5-2 wonnen, was een van de hoogtepunten uit dat seizoen.’’

,,Eigenlijk was de eerste echte overtuiging er in de uitwedstrijd in Duitsland. In de videovoorbereiding vond ik Bayern op de beelden zo ontzettend goed… Dat ik echt dacht: dit wordt een brug te ver. Die Duitsers zijn zo goed… Maar eenmaal op het veld viel het ontzettend mee, bleven we vrij makkelijk op de been. Dan besef je dat je zelf ook goed bent. We hadden dat seizoen in wedstrijdvoorbereidingen vaker het idee dat een tegenstander goed was. Maar dan viel het in de wedstrijd uiteindelijk mee. Tegenstanders waren ook goed, maar ze waren niet opgewassen tegen het Ajax-spel. Zo’n voorbereiding zorgt ook voor alertheid. Zo begonnen we vrijwel alle wedstrijden superscherp.’’

Tekst: Ajax.nl/ Ronald Jonges
Foto’s: Ajax.nl/ Louis van de Vuurst

CL 94-94 Deel 1: Jonkies Ajax verslaan titelhouder Milan

Wat gebeurde er verder in de clubhistorie op 28 september?

Edgar Davids in volle (glij)vlucht tijdens AEK Athene - Ajax. Edgar Davids in volle (glij)vlucht tijdens AEK Athene - Ajax.