Schöne: teamspeler en familieman

Schöne: teamspeler en familieman

In zijn tienerjaren bij sc Heerenveen kreeg Lasse Schöne met enige regelmaat het stempel ‘lastig’ opgedrukt. Hij stond te boek als een lichtelijk recalcitrante jongen, iemand met een sterk ontwikkelde eigen mening, die weigerde op voorschrift van de trainer zijn lange haren af te knippen. Maar dat was toen.

De Lasse Schöne van nu is behalve een gewaardeerde kracht op het middenveld van Ajax bovenal een heuse familieman. ,,Mijn gezin gaat boven alles. Als zij niet gelukkig zijn, kan ik ook niet goed functioneren,’’ stelt Schöne.

De Deen is nu ruim een jaar Ajacied en kijkt naar eigen zeggen terug op een fantastisch eerste seizoen in Amsterdam. ,,Ik ben hier geweldig opgevangen, niet alleen in de spelersgroep, maar zeker ook door alle mensen eromheen’’, blikt de middenvelder terug. ,,Buitenstaanders zien die warmte lang niet altijd. Die hebben een beeld van Ajax als een grote, zakelijke, nogal afstandelijke club. Als je ermiddenin zit, weet je wel beter. Dit is een gigantische club, maar door de betrokkenheid van iedereen voelt het juist heel klein, op een prettige manier. Met het kampioenschap en recentelijk nog de Johan Cruijff Schaal hebben we in mijn eerste jaar twee prijzen gewonnen. Dat is natuurlijk top. En het was prettig dat ik als nieuwkomer bijna alles heb gespeeld.’’

Behoudens een korte fase in de openingsmaanden van het seizoen stond Lasse Schöne vrijwel altijd aan de aftrap. Was het niet in zijn vertrouwde functie als middenvelder, dan wel in een alternatieve rol als rechtsbuiten. Schöne: ,,Juist door die afwisseling heb ik ook echt het gevoel dat ik een betere voetballer ben geworden. Er worden andere dingen van je gevraagd, waardoor je je wel moet ontwikkelen om mee te komen. Die rol als rechtsbuiten kwam voor mij niet als een verrassing. Ik had al eerder op die positie gespeeld, een periode bij NEC en ook wel in de Deense nationale ploeg, en dat wist Frank de Boer ook. Hij was op een gegeven moment niet helemaal tevreden over hoe andere jongens het op die plek deden en dus kwam hij toen bij mij terecht.''

De Boer maakte vanaf het begin duidelijk dat Schöne zijn nieuwe opdracht op zijn eigen wijze moest invullen. ,,De trainer wist wat hij kon verwachten: ik zal nooit twintig keer per wedstrijd met een vlammende passeeractie de achterlijn halen en een voorzet afleveren. Ik ben een totaal ander type. Ik vraag de bal veel meer in de voeten dan in de diepte. Ik heb meer oog voor combinaties, waarbij ikzelf ook veel naar binnen kom. Dat bleek prima te werken voor het elftal. Ook omdat de positiewisselingen die je dan krijgt, heel verwarrend zijn voor tegenstanders.’’

Met zijn 27 jaar is de oud-speler van Heerenveen, De Graafschap en NEC al een van de ouderen binnen de selectie van de landskampioen. ,,Maar een routinier zou ik mezelf niet willen noemen. Leeftijd zegt vaak lang niet alles. Het gaat volgens mij meer om de ervaringen die je opdoet. Kijk naar Christian Eriksen. Hoe oud is die nu, 21? Maar hij heeft als voetballer in relatief korte tijd al zo veel meegemaakt. In dat opzicht kun je zeggen dat hij misschien wel meer routinier is dan dat ik dat ben.’’

‘Ik denk dat ik nog steeds beter kan worden, maar als Ajax mijn plafond is, kan ik daar zonder meer vrede mee hebben’ ‘Ik denk dat ik nog steeds beter kan worden, maar als Ajax mijn plafond is, kan ik daar zonder meer vrede mee hebben’

Schöne denkt niet dat zijn status in eigen land verschilt van die van zijn Deense mede-Ajacieden, alleen maar omdat hij al op jonge leeftijd naar Nederland vertrok en zodoende altijd wat buiten de spotlights en de belangstelling heeft gestaan. ,,Ik heb nooit in de Deense competitie gespeeld,’’ zegt Schöne, die zestien jaar was toen Heerenveen hem weghaalde bij Lyngby BK. ,,En ik heb er ook niet zo veel mee. Ik volg het niet, ook omdat ik thuis geen Deense zenders op mijn televisie heb. Voor mij is de Eredivisie mijn thuiscompetitie. Het is wel grappig dat anderen dat kennelijk ook zo zien. Ze vragen weleens aan mij: wil jij ooit nog in het buitenland voetballen? Zonder te beseffen dat ik dat feitelijk al doe.’’

Als veertienvoudig international was hij zeker geen anonymus in eigen land, maar Schöne onderschrijft dat zijn overstap naar Ajax ook in dat opzicht veel veranderd heeft. ,,Sinds ik hier ben, merk ik dat er veel meer aandacht is vanuit Denemarken. De wedstrijden van Ajax komen daar bijna allemaal op televisie. Dat heeft er natuurlijk mee te maken dat hier met Christian Eriksen, Christian Poulsen, Viktor Fischer, Nicolai Boilesen en Lucas Andersen nog vijf andere Denen spelen, maar ook met de status die deze club door de jaren heen heeft opgebouwd. Dat straalt af op de spelers. Een Deen die bij Ajax speelt, is uiteindelijk een stuk interessanter voor de media dan een Deen die bij NEC speelt.’’

Zelf is hij gaandeweg een halve Nederlander geworden. Schöne beschouwt ons land als zijn thuisbasis, anders dan voor sommige van zijn Deense ploeggenoten, die met enige regelmaat een vliegtuig naar Kopenhagen pakken om hun familie te bezoeken. ,,Als ik twee dagen vrij heb, ga ik nooit terug naar Denemarken. Mijn leven speelt zich hier af, mijn basis is hier. Mijn vriendin is Nederlandse en ik heb twee kinderen die hier geboren zijn en die hier naar school gaan. Dus naar Denemarken gaan we hoogstens in de vakanties. Mijn ouders komen wel vaak deze kant op.’’ Met een knipoog: ,,Vroeger was dat om mij te zien, maar nu komen ze vooral voor hun kleinkinderen.’’

Dat zijn gezin hier gelukkig en op het gemak is, weegt zwaar voor familieman Schöne, die mede daarom zegt geen brandend verlangen te koesteren om zijn horizon te verbreden door naar een ander land en een andere competitie te verkassen. ,,Dat voel ik niet zo, nee. En even neerstrijken in de woestijn zit er nu sowieso niet in; ik heb rekening te houden met mijn kinderen. Natuurlijk heb ik ambities, zoals iedere voetballer. En ik denk dat er ook nog ontwikkeling in zit, dat ik nog steeds beter kan worden. Maar misschien is Ajax wel mijn plafond. Als dat zo is, dan kan ik daar zonder meer vrede mee hebben. De toekomst zal het uitwijzen. Voorlopig zit ik hier uitstekend.’’

Tekst: Ajax.nl/Maarten Dekker
Foto’s: Ajax.nl/Louis van de Vuurst (boven), Gerard van Hees