Schönenberger: 'Dit is het mooiste stadion waar ik ooit ben geweest'

Schönenberger: 'Dit is het mooiste stadion waar ik ooit ben geweest'

Waar spanning op de persconferentie aan de vooravond van een Champions Leaguewedstrijd overheerst, was de ambiance maandagavond ontspannen. Dat had vooral te maken met de nuchtere benadering van de coach van FC Thun, Urs Schönenberger, op de wedstrijd van morgen.

Natuurlijk wil de club met verreweg de kleinste begroting van alle deelnemers in de Champions League dinsdagavond winnen, maar ook Schönenberger weet dat de druk morgen bij de Amsterdammers ligt. En daarom is het voor FC Thun, dat tot voor acht jaar geleden nog een amateurclub was, vooral genieten. En misschien ligt in deze ongewongen benadering wel het succes van de club uit Zwitserland. Schönenberger: ,,We hebben pas één keer verloren in de Champions League en kunnen onszelf dus de druk opleggen door nog meer te winnen. De druk komt niet van buiten en dat werkt prettig. Verder motiveert de sfeer in de grote stadions van Arsenal, Sparta Praag en Ajax ons extra. Het Ajax-stadion is trouwens het mooiste stadion, dat ik ooit heb gezien.” De bewondering van de coach is op zich niet vreemd. FC Thun speelt in een stadionnetje, Lachen genaamd, dat 900 zitplaatsen heeft. De overige fans vinden een lage staanplaats rondom de atletiekbaan, die het speelveld omzoomt. Daarom moet FC Thun tijdens de UEFA Champions League ook uitwijken naar de thuishaven van Young Boys Bern.

Het was de tweede keer dat Urs Schönenberger in de ArenA was, want hij analyseerde Ajax in de wedstrijd tegen Heracles. ,,Ondanks het gelijkspel heb ik kunnen zien, dat Ajax een heel goede ploeg is. Ze hadden makkelijk drie keer kunnen scoren, maar verzuimde dat, waarna ze werden uitgefloten door het publiek. Mogelijk dat het helse fluitconcert de moraal in de ploeg geen goed doet. Maar wij gaan gewoon uit van onszelf en zullen proberen om aan te vallen. FC Thun is geen ploeg, die de hele wedstrijd alleen maar kan verdedigen.”
Veel meer wilde de coach over zijn strijdwijze voor morgen niet kwijt. Of toch wel; want op de vraag van een Zwitserse journalist over de tactiek antwoordde hij grappend: ,,Ajax speelt 4-3-3, dus dat gaan wij ook maar doen. Oh nee, bij de Champions League moet je dat altijd een beetje geheim houden.”