Shota Arveladze: een schilder zonder doek

Niet zo heel lang geleden was het in de Arena vaak Showtime. Arveladze bracht met artistiek voetbal de fans in vervoering. Zijn expliciete uitingen van vreugde, verdriet en wanhoop maakten van Shota een artiest. Geliefd was hij om zijn spelbenadering: liever een dubbele schaar dan een balletje breed. De doelpunten vielen als rijpe appels.

Foto's: Gerard van Hees

Nu vier jaar later, zit Arveladze vaker dan hem lief is op de reservebank. De schilder heeft nog steeds penselen, een ezel en genoeg verf. Maar het maagdelijk witte doek ontbreekt te vaak. Shota vertelt wanneer er een kink in de kabel kwam: ,,Mijn ogen twinkelen misschien niet meer zoals voorheen, maar ik blijf lachen.'' Toch gloort er hoop voor Shota. Tegen SC Heerenveen speelde hij de hele wedstrijd op 'nummer 10'. De start

,,Mijn eerste seizoen was geweldig. Simply Shota! Maar, we hadden een geweldig elftal. Op doel stond Edwin van der Sar, achterin stond Frank de Boer, aan de zijkant Ronald de Boer, in de as Jari Litmanen. Als ik bewoog, kwam de bal nooit te laat. Ik speelde in dat seizoen 32 keer in de competitie, acht UEFA Cup-duels en alle Amstel Cup-wedstrijden. In 44 wedstrijden scoorde ik 37 goals. Zonder penalty's! dat spreekt voor zich.

Natuurlijk ben ik dezelfde Shota, ik ben alleen vier jaar ouder geworden. Ik probeer naar de toekomst te kijken, maar het mooie gevoel van toen blijft hangen. Ik speelde bijna elke wedstrijd. Als ik het niet goed deed als spits, kwam ik op links terecht. Dan kwam mijn moment gegarandeerd, de goede pass, het doelpunt. Neem de uitwedstrijd tegen Udinese. De beweging, de achterlijn, pats, boem: goal!'' Speeltijd

,,Er is de laatste drie jaar veel gebeurd. Goede dingen, slechte dingen. Het moeilijkst was na mijn knieoperatie weer fit te geraken. Ook de resultaten vielen tegen. En ik speelde te weinig. Het kan aan mij liggen, het kan aan anderen liggen. Wiens schuld het is doet er niet toe.

Neem de seizoenstart. In de voorbereiding begint iedereen op nul, iedereen heeft een kans. Sint Etienne, Standard Luik, Coventry City, Arsenal en Lazio. Voor mij als voetballer is het van belang de laatste 25 minuten in een wedstrijd te kunnen spelen. Het eerste competitieduel ging goed: twee goals, veel speeltijd. Tweede duel: te kort, derde duel: te kort, ga zo maar door.

Een nieuwe trainer, nieuwe spelers en een knieoperatie. Ik moest tevens mezelf terug zien te vinden. Iedereen heeft vertrouwen nodig, ik natuurlijk ook. Maar voor mij is het heel raar af te moeten wachten. Te kijken naar spelers die blijkbaar beter zijn dan ik. Ik kan niet beter worden als ik niet speel.'' Ajax Life

Dit fragment van het artikel over het gras is afkomstig uit de Ajax Life van donderdag 23 november. De krant van de Supportersvereniging en Ajax wordt thuisgestuurd naar de leden van de SVA en ligt vanaf vrijdag in de kiosken voor 3,50 gulden.

Inhoudsopgave Ajax Life no. 8