Stekelenburg tevreden over zijn debuut

Maarten Stekelenburg heeft zijn haasje, of konijntje zoals het kleinood ook door het leven gaat, binnen. De doelman van Ajax kreeg het KNVB-speldje die neo-internationals na hun eerste interland krijgen, vrijdagavond na de met 3-0 gewonnen interland tegen Liechenstein door Henk Kessler opgespeld. ,,Dit debuut nemen ze mij niet meer af'', aldus de Noord-Hollander zaterdagmiddag.

Donderdag vertelde bondscoach Marco van Basten aan Maarten Stekelenburg dat hij zijn debuut zou maken. Geen reden voor de doelman om zich de anderhalve dag die restte tot het grote moment druk te maken. ,,Ik heb mij net zo voorbereid als ik bij Ajax altijd doe. Gewoon rustig aan gedaan. Eigenlijk niets bijzonders.”

Ook had Van Basten al duidelijk gemaakt dat hij de tweede helft zou keepen. ,,Dat maakte mij niet zoveel uit. Eerste helft, tweede helft, tien minuten. Het was mij om het even. Ik heb mijn debuut gemaakt en dat pakken ze mij niet meer af. Dat het pas 1-0 stond, deed me ook niet zoveel. Ik wilde proberen de nul te houden en dat is gelukt.”
Wel moest Stekelenburg nog even handelend optreden bij een inworp van Boudewijn Zenden. ,,De inworp was lastig, maar ik heb geen moment gedacht dat ik die bal erin zou rollen. Op televisie zag het er misschien wel raar uit. Het publiek maakte er meer van dan het was. Ik vond het publiek trouwens niet zo sportief. Ik begreep dat de hele Bunnikside (de harde supporterskern van FC Utrecht, red.) er zat. Als we met Ajax hier spelen, kan ik begrijpen dat ze wat roepen. Maar we zijn spelers van het Nederlands Elftal. Rafael, Wesley en ik zijn uitgefloten. Al bij het volkslied begon het. Ik had dat niet verwacht, vind het ook schandalig! Maar het schijnt er bij te horen tegenwoordig.”

Na een korte training op zaterdagmorgen mochten de internationals naar huis. Zondagavond moeten ze zich weer melden voor de training in de Amsterdam ArenA. ,,We staan aan het begin van de kwalificatiereeks en woensdag spelen we tegen Tsjechië. Ik vind het leuk dat ik er bij mag zijn”, besluit Stekelenburg die blij is de broche van het haasje in zijn bezit te hebben.