Supporter aan het woord: ‘Ajax is meer dan twee keer drie kwartier voetbal’

Supporter aan het woord: ‘Ajax is meer dan twee keer drie kwartier voetbal’

De media van Ajax maken op regelmatige basis ruimte in hun kolommen om de Ajax-supporter aan het woord te laten. In deze aflevering vertelt Daniël Dekker, voorzitter van de supportersvereniging, wat Ajax voor hem betekent.

Naam: Daniël Dekker
Woonplaats: Ankeveen
Leeftijd: 45 jaar
Seizoenkaart: Ik heb inmiddels zo’n twintig jaar een seizoenkaart. In de ArenA zit ik in vak 121 op rij 3. Van kleins af aan ging ik aan de hand van mijn opa naar de wedstrijden in de Meer. Later had ik een vaste plek op de Reynoldstribune. Rond mijn negentiende besefte ik pas echt welke legendarische Ajacieden ik aan het werk had gezien. Johan Cruijff bijvoorbeeld.
Eerst bezochte wedstrijd: Welke wedstrijd écht de eerste was, weet ik niet meer.

Fan van Ajax sinds:
‘Sinds mijn opa mij mee nam naar het stadion. Ik heb ook lang in Amsterdam gewoond. In Amsterdam-west, aan het Stadionplein. Later ben ik verhuisd naar Sloten en Badhoevedorp. Buiten Amsterdam –ik ben drie jaar terug buiten de stad gaan wonen- zag ik opeens schapen en koeien lopen. Ook een leuke ervaring. Het bevalt me hier overigens prima. Al was het in het begin wel even wennen.’

Met wie kijk je naar de wedstrijden van Ajax?
‘Ik bezoek, of beter gezegd: beleef, de wedstrijden al jaren met een vaste groep vrienden. Allemaal echte Ajacieden. Voor een wedstrijd pikken we elkaar op. Als voorzitter van de supportersvereniging zit ik natuurlijk ook wel bij mijn medebestuursleden. Waar ik kijk, wissel ik een beetje af. Soms wissel ik bijvoorbeeld in de rust van stoel. Mijn eigen seizoenkaart geef ik niet op. Vooral ook niet omdat ik bang ben dat dat ongeluk brengt.’

Mooiste Ajax-moment:
‘Dat zijn er eigenlijk wel een aantal. Maar als ik er één uit moet pikken, kies ik de Europacupfinale van 1995 in Wenen. Een fantastische dag met een mooi einde. Het is een overwinning die ik heel bewust heb meegemaakt. Ik heb ook enorm naar die finale toegeleefd. De van AC Milan gewonnen finale was écht een hoogtepunt. De explosie van vreugde, toen de beker eenmaal binnen was, herinner ik me nog goed. Uit telefonische contacten met Amsterdam werd snel duidelijk hoe de overwinning daar werd gevierd. Eenmaal terug op Schiphol keken we allereerst naar de krantenkoppen. De finale in Wenen is één van de hoogtepunten tot nu toe. Ik weet zeker dat er nog veel meer heel goede dingen gaan gebeuren. De selectie is nu ook beter in evenwicht. Er is goed ingekocht. De nieuwe spelers brengen balans in het elftal. Ik moet zeggen dat Martin van Geel het top heeft gedaan.’

Mooiste Ajax-doelpunt:
‘Dan kan ik er zo een paar van Marco van Basten of Cruijff opnoemen… Toch kies ik voor de goal van Kluivert in de Champions League-finale tegen Milan. De assist van Frank Rijkaard behoort tot de mooiste Ajax-momenten. De ontlading was groot en mooi. Waarom de keuze niet valt op een goal van Van Basten of Cruijff? Vooral niet omdat het dan vaak om de 3-0 of 4-0 ging. Bij de treffer van Kluivert telt voor mij ook het moment mee. Als Ajax in Wenen met 3-0 had gewonnen, was het allemaal toch anders geweest. Maar heel eerlijk gezegd, vind ik de assist misschien nog wel mooier dan het doelpunt. Dat juist Rijkaard, bij zijn afscheid, het puntertje verzorgde! Een speler van de oude generatie liet een jonkie scoren. Die symboliek is prachtig, toch?’

Favoriete speler van Ajax op dit moment:
‘Sinds afgelopen seizoen is dat Urby Emanuelson. Hij is een openbaring, een heel goede voetballer. Urby komt bovendien uit onze eigen jeugdopleiding. Dat vind ik wel een pré. Emanuelson wordt een hele grote voetballer. Van hem gaan we nog veel meer genieten.’

Favoriete speler uit de Ajax-historie:
‘Dat kan niemand anders zijn dan Johan Cruijff. Al heb ik ook altijd erg genoten van Stefan Pettersson. Bij Stefan denk ik direct terug aan de UEFA-cupfinale in 1992. De aanslag die op hem werd gepleegd in de slotminuten was zo sneu. Een echte domper. Hij moest direct naar het ziekenhuis en dreigde daardoor de huldiging te missen. Gelukkig was hij er toch bij op het Leidseplein. Ik was zelf ook op het plein. Zo’n huldiging is mooi om mee te maken. Het hoort er ook bij als supporter, vind ik. Ook bij een huldiging hoor je jouw club te steunen.’

Favoriete club naast Ajax:
‘Die is er niet. Vroeger steunde ik Blauw-Wit, al was dat vooral vanwege mijn opa en vader. In de krant kijk ik nog steeds wel naar wat ze hebben gedaan. Een echte club naast Ajax is er dus niet, al vind ik Barcelona ook een prachtclub. Leuk dat die club de Champions League heeft gewonnen.’

Ajax is voor mij:
‘Heel belangrijk. Geen andere Nederlandse club leeft bij zoveel mensen als Ajax. Van het voorzitterschap van de supportersvereniging heb ik dan ook geen moment spijt gehad. Ik ben altijd al trots geweest op Ajax. Dan is het helemaal mooi als je iets mag doen voor de club. Laatst was ik op een supportersavond in Venlo. Het was daar zo druk, dat je bijna zou denken dat Ajax dáár voetbalt. Supportersbijeenkomsten zijn belangrijk. Het zijn belevenissen. Het gaat om meer dan twee keer drie kwartier voetbal. Van Ajax wil ik altijd alles weten. Ik wil van alles op de hoogte zijn.’