'Surprise-afscheid' Michael van Praag

Michael van Praag heeft dinsdagavond een 'surprise-afscheid' aangeboden gekregen van Ajax. De scheidend voorzitter geeft officieel op 1 juli de hamer over aan John Jaakke. Met plezier blikt hij in het Ajax Magazine van deze maand terug op de periode waarin hij voorzitter van 'de mooiste club ter wereld' was. Hieronder volgt een passage uit het boeiende verhaal van Michael van Praag.

‘Dames en heren, aan het begin van het nieuwe verenigingsjaar, en dat is op 1 juli, treed ik af. Dan heb ik het toch nog net iets langer gedaan dan mijn vader.’ Aldus sprak Michael van Praag, sinds januari 1989 voorzitter van Ajax, begin dit jaar in zijn nieuwjaarsspeech. Het was zijn afscheidsspeech, en dit maal was het dat echt. Het jaar ervoor had hij er ook al een gehouden. Oktober 2002 zou hij immers aftreden, maar toen een opvolger eenmaal gevonden was in de persoon van John Jaakke, bleek deze zich op dat moment nog niet vrij te kunnen maken en werd Van Praag verzocht nog een klein jaar langer aan te blijven. Eind deze maand is het dan werkelijk zo ver en draagt Van Praag na bijna veertienenhalf jaar de voorzittershamer over. Zijn vader hanteerde dat bestuursinstrument tussen 1964 en 1978. Voor junior wordt het een dubbel aftreden: als voorzitter van de vereniging Ajax én als voorzitter van de raad van commissarissen van de NV.

Wat heeft het voorzitterschap voor jou persoonlijk betekend?
Van Praag: ‘Door die veertien jaar ben ik heel erg verrijkt. Laten we eerlijk zijn, ik had toch wel een vrij beperkte wereld. Ik had mijn bedrijf, ik reisde veel en speelde in een orkest. Daar was ik heel tevreden mee. Toen kwam Ajax voorbij en dan leer je een aantal dingen. Je leert om te gaan met vogels van allerlei pluimage. Van de voorzitter van de raad van commissarissen van je hoofdsponsor tot en met een supporter in een café die geblowed heeft en dronken is. Daar zit een hele wereld tussen. Ik heb fantastische voetbaltoernooien meegemaakt met onze harde kern. Ik ben in die wereld terechtgekomen, waar ik anders nooit in terechtgekomen zou zijn. Dat is soms een wereld die een beetje aan de rand van de samenleving zit. Ik wilde dat, want dat hoort ook bij Ajax. Ik ben in de strafgevangenis van Vught geweest om een supporter op te zoeken, die daar in de isolatie zat. Dat zijn dingen die ik nooit meer vergeet. Wat er in zo’n mens omgaat, wat hem bezielt, en dan toch die band met Ajax. Ik heb geleerd te verliezen, hoewel ik er nog steeds moeite mee heb. Ik heb leren winnen. Ik heb geleerd me te beheersen op momenten dat ik me eigenlijk niet wil beheersen. Ik heb geleerd om me in het belang van een organisatie een bepaalde houding aan te meten terwijl die soms in tegenstrijd was met mijn gedachten. Ik heb mensen leren kennen en ben in kringen gekomen waar ik anders nooit in terecht zou zijn gekomen. Ik heb nauwe contacten gekregen met het stadsbestuur, maar ook met mensen uit de regering, in de tijd dat ik in het sectiebestuur betaald voetbal zat. Dan kon je de minister bellen en nam hij op. Dat gebeurt je toch niet als je walkmans verkoopt?’

Hoe wil je herinnerd worden als voorzitter?
Van Praag: ‘Als ik terugkijk naar de afgelopen dertig, veertig jaar ben ik voorzitter geweest in een heel interessante tijd omdat de club van een vereniging getransformeerd is naar een voetbalbedrijf. Dat bedoel ik in de positieve zin, net als Madrid en Manchester en Arsenal voetbalbedrijven zijn. En ik heb de verhuizing van de Meer naar de Arena meegemaakt. Dat zijn twee enorm belangrijke dingen in de geschiedenis van Ajax. Ik vind het prettig dat ik in die periode leiding aan het bestuur heb kunnen geven. Ik zou dan wel herinnerd willen worden als een voorzitter die in die turbulente transformatieperiode zijn uiterste best heeft gedaan om die veranderingen voor Ajax in goede banen te leiden.’

En met een gerust hart geef je nu de hamer over?
Van Praag: ‘Ja, meer dan. Gerust, omdat de organisatie van Ajax staat. Dat is de verdienste van Arie van Eijden, van niemand anders. Technisch staat het gelukkig ook weer en dat is de verdienste van Ronald Koeman. De grootste les die ik geleerd heb, is dat de allerbelangrijkste man in een voetbalclub de trainer is. Niet de directeur, niet de rechtsbuiten. Ik heb lang gedacht dat de spelers het belangrijkst waren, maar het is de trainer. Die spelers kunnen allemaal goed voetballen, maar de trainer is de bepalende factor, want die bepaalt of de speler boven zichzelf uitstijgt.’


Dit is een kort fragment uit het interview met Michael van Praag in het Ajax Magazine. Dit magazine ligt momenteel in de betere boekwinkel en kost vier euro.