Tegenstander uitgelicht: AJ Auxerre

Tegenstander uitgelicht: AJ Auxerre

Vorig seizoen deed AJ Auxerre tot vlak voor het einde van de competitie mee om de Franse titel. Uiteindelijk moest de ploeg van Jean Fernandez genoegen nemen met de derde plaats in de eindrangschikking. Een positie waar de blauwwitten dit jaar van dromen.

Pas in de achtste speelronde van de Ligue 1 behaalde Auxerre de eerste overwinning van het huidige seizoen. Daardoor verliet de club eindelijk de negentiende plaats, maar tot tevredenheid stemt dat in de Bourgogne niet. In het 40.000 inwoners tellende Auxerre zijn ze de laatste decennia namelijk behoorlijk verwend geraakt. Van 1961 tot 2005 zwaaide trainer Guy Roux 44 (!) jaar lang de scepter in Stade de l’Abbé-Deschamps. Onder zijn leiding groeide de club uit tot bekerwinnaar (1994, 1996, 2003 en 2005) en landskampioen (1996) van Frankrijk. Bovendien reikte Auxerre tot de kwartfinales van de UEFA Champions League en de halve finales van de UEFA Cup. Dankzij die prestaties neemt de helft van de stadsbevolking elke thuiswedstrijd vol verwachting plaats in de 20.000 zitplaatsen tellende thuishaven. Met minder dan een plek in de subtop en Europees voetbal nemen ze geen genoegen meer.

Trots zijn ze zeker op hun club, die voluit Association de la Jeunesse Auxerroise heet. Letterlijk vertaald: vereniging van de jeugd van Auxerre. Roux deed die naam alle eer aan. Naar het model van Ajax zette hij een jeugdopleiding op, waarin alle elftallen 4-3-3 speelden, alle spelers elkaar begrepen en het ene naar het andere talent afgeleverd werd aan de hoofdmacht. Basile Boli, Eric Cantona, Djibril Cissé, Bernard Diomède, Lilian Laslandes en Philippe Mexes: allen braken door bij Auxerre. Roux vulde de talenten slim aan met elders uit de gratie geraakte voetballers vol revanchegevoelens, van wie oud-Ajacied Frank Verlaat, Laurent Blanc en Enzo Scifo de ultieme voorbeelden uit het verleden zijn.

Foto: Pro Shots/ Insidefoto. Auxerre-aanvoerder Pedretti duelleert met Zambrotta. Foto: Pro Shots/ Insidefoto. Auxerre-aanvoerder Pedretti duelleert met Zambrotta.

Hoe dodelijk die combinatie was, ontdekte Ajax al twee keer. In 1997 stootte Auxerre de Amsterdammers uit de Champions League en in 2005 vond trainer Ronald Koeman er zijn Waterloo na uitschakeling in de UEFA Cup. Na het terugtreden van Roux wegens hartklachten dreigde de club even in verval te raken. De voormaligE Franse bondscoach Jacques Santini hield het er maar een jaar uit en onder de huidige trainer Fernandez stond de club twee jaar geleden zelfs op degraderen. Reden: Auxerre verwaarloosde de opleiding door nauwelijks meer talenten door te laten stromen.

Vorig seizoen keerde de club daarom terug naar zijn oude waarden: volop aandacht voor de jeugd en elders niet gewaardeerd talent. Een weg die voor dit seizoen met het aantrekken van spits Anthony Le Tallec van Liverpool voortgezet werd. Maar door een langdurige enkelblessure heeft hij zijn revanche nog niet kunnen nemen. Mede om die reden hapert de vorig seizoen zo succesvol gehanteerde countertactiek van Fernandez momenteel opzichtig. De Pool Ireneusz Jelen en de Sloveen Valter Birsa werken hard, maar zijn geen koele afmakers. Dat middenvelder Benoît Pedretti, afkomstig van Olympique Lyon, nu de clubtopscorer is, vertelt het hele verhaal.

Ook de uitslagen spreken boekdelen. Steeds wordt er verloren met miniem verschil. Zelfs AC Milan (2-0) en Real Madrid (0-1) slaagden er niet in veel goals te maken tegen de Franse club. Het geeft aan dat de goede organisatie van vorig jaar nog steeds staat. Daar kan de Russische topclub Zenit Sint-Petersburg over meepraten. De Russen beten zich in de voorronde stuk op de mannen van Fernandez.

Tekst: Upton Park
Bovenste foto: Pro Shots/DPPI