Tegenstander uitgelicht: FC Utrecht

Tegenstander uitgelicht: FC Utrecht

Dat een prestatiecurve van een betaaldvoetbalclub sterk kan fluctueren, bewijst FC Utrecht. Vorig seizoen speelden de Domstedelingen nog Europees voetbal, nu moet de club van geldschieter Frans van Seumeren alle zeilen bijzetten om de degradatie-promotie-play-offs te ontlopen.

Het contract van Jan Wuytens in de Galgenwaard loopt nog tot 2013. FC Utrecht wil die verbintenis graag verlengen, maar de Belg is daar niet zo happig op. De weifelende houding van de centrale verdediger zegt alles over de moeilijke fase waarin de club momenteel verkeert. De oud-Heraclied kwam in 2009 naar zijn huidige werkgever als eerste van een reeks nieuwelingen, zoals Dries Mertens, Ricky van Wolfswinkel, Nana Asare, Jacob Mulenga, Edouard Duplan, Jacob Lensky en Kevin Strootman. Met de al voorradige kwaliteiten van Michel Vorm, Mihai Nesu, Tim Cornelisse en Michael Silberbauer creëerde grootaandeelhouder Van Seumeren met de technische kennis van directeur Foeke Booy zo een spelerskern die eerst Europees voetbal moest afdwingen en daarna de top van de Eredivisie moest uitdagen.

Slechts de eerste doelstelling werd behaald; van de tweede ambitie is nog maar weinig terechtgekomen. De hemelbestorming kostte zoveel geld, dat FC Utrecht twee jaar lang de begroting niet gedekt kreeg. Van Seumeren vulde de tekorten aan, maar is niet van plan dat te blijven doen. De gevolgen daarvan werden aan het begin van dit seizoen duidelijk. Booy kreeg de opdracht om zoveel mogelijk miljoenen binnen te slepen uit de verkoop van de Utrecht-diamanten. Hoeveel kwaliteit de technisch directeur daarbij van de hand deed, blijkt nu. Mertens en Strootman zijn de sterkhouders van PSV, Van Wolfswinkel heeft zich bij Sporting Lissabon op de radar gespeeld van alle Europese topclubs, Vorm is de revelatie van de Premier League bij Swansea en Silberbauer en Cornelisse zijn nuttige krachten bij respectievelijk Young Boys en FC Twente.

Ajacied Rodney Sneijder is verhuurd aan FC Utrecht. Foto: Pro Shots/Stanley Gontha Ajacied Rodney Sneijder is verhuurd aan FC Utrecht. Foto: Pro Shots/Stanley Gontha

De sterkhouders die wel bleven, werden getroffen door persoonlijk leed. Nesu raakte verlamd na een trainingsongeluk, Lensky kreeg een alcoholprobleem en brak met de club en Mulenga scheurde tot twee keer toe zijn kruisbanden. Booy trachtte de uittocht van talent op te vangen met Eredivisiebeloften als Geert-Arend Roorda, Jens Toornstra, Timothy Derijck en Steve De Ridder, maar zij zagen de Utrechtse bui al hangen en wimpelden de belangstelling af. Als alternatief streken drie Zweden neer in de Galgenwaard: Johan Martensson, Marcus Nilsson en Alexander Gerndt. De trainer die chocola van de vernieuwde selectie moest maken, luisterde naar de naam Erwin Koeman. Maar de ex-international was aangesteld voordat de massale exodus op gang kwam en raakte na enkele maanden zo ongelukkig bij de club dat hij opstapte.

Sindsdien heeft de technische staf van FC Utrecht een Ajax-gezicht. Jan Wouters werd van rechterhand gepromoveerd tot hoofdtrainer en Rob Alflen werd als coach van de Utrecht-beloften doorgeschoven als assistent bij het eerste. Het duo gunt sindsdien veel zelf opgeleide talenten de kans op een doorbraak. Maar wie met jeugd werkt, weet dat er wisselvalligheid in de prestaties optreedt. In eigen huis werd Ajax eerder dit jaar op een 6-4 nederlaag getrakteerd en kwamen PSV en Feyenoord niet verder dan gelijke spelen. Op die uitschieters volgden dan weer nederlagen tegen minder hoog aangeschreven clubs. Ook Ajax-huurling Rodney Sneijder kan de prestatiecurve nog niet positief beïnvloeden. De middenvelder en ‘broer van’ raakte twee weken geleden zelfs zijn basisplaats kwijt. FC Utrecht staat iets over de helft van de competitie nog maar enkele punten boven de plaatsen die clubs veroordelen tot de play-offs om lijfsbehoud.

Tekst: Martijn Mooiweer
Openingsfoto: Ajax.nl/Gerard van Hees