Tobiasen viert rentree met overwinning

Op de Toekomst stond zaterdagmiddag het competitieduel Jong Ajax - Jong Sparta op het programma. Op zich niets bijzonders, een wedstrijd tussen de nummer een en de nummer een-na-laatst op de ranglijst. Het bijzondere was evenwel dat Ole Tobiasen na een blessureperiode van twee jaar, onder luid applaus, zijn rentree maakte. In een vrij saaie wedstrijd waarin Ajax duidelijk de betere ploeg was, wist de thuisploeg uiteindelijk met 4-0 te winnen.

De naam van Tobiasen in de selectie van Jong Ajax was opvallend. De Deen nam plaats op de reservebank en was klaar om in te vallen. Zijn laatste wedstrijd voor Ajax 1 speelde hij in november 1998. In de basis startten Jelle van Damme, de Belg die tot eind dit seizoen stage loopt bij Ajax, en Petri Pasanen. De Fin moet na een lange blessureperiode wedstrijdritme opdoen, en hij doet dat bij de beloften van Olde Riekerink.

Na een kwartier spelen had Sparta een klein kansje, een schot dat makkelijk door Stekelenburg werd gevangen. Ajax had twee kleine kansen. De eerste ontstond uit een voorzet van Seedorf van rechts, maar de bal was te hoog voor de Ajax-voorhoede. Het tweede kansje was een actie van Bechan, die op de linkerflank een solo maakte. Hij schoot zelf op doel, maar de bal ging hoog over.

Ajax leek warmgedraaid. De Amsterdammers maakten het spel, hadden aldoor balbezit, maar creëerden geen grote kansen. De kleine kansen die er waren, werden naast of over het doel van Sparta geschoten.

Na een half uur spelen was het gelukkig wel raak. Culina kreeg de bal aangespeeld, sneed naar binnen en had ruimte om te uit te halen nadat een verdediger van Sparta over de bal heen gleed. Dat hoef je tegen de Australiër geen twee keer te zeggen, hij schoot de bal in de verre hoek: 1-0.

Na de rust veranderde er niet veel in het spelbeeld, Ajax bleef de betere ploeg. Tien minuten na de thee was het opnieuw Culina die gevaarlijk werd. Hij werd net buiten het zestienmeter-gebied neergehaald en kreeg een vrije trap toegewezen. Wellicht dat Ajax uit een dood spelmoment de voorsprong kon verdubbelen. Culina nam de vrije trap zelf, maar het leer krulde net naast het vijandige doel.

Weer tien minuten later lukte het de thuisploeg wel om te scoren. Vanaf rechts kwam Seedorf het doelgebied in en probeerde met een lobje de keeper te passeren. Vandenbussche, de keeper aan Sparta-zijde, hield de bal echter uit het doel. Kwame Quansah schoot in tweede instantie hoog in de touwen en tekende voor Ajax´ tweede treffer.

Een minuut later trok Tobiasen zijn jack uit om samen met Kujala warm te lopen. Een kwartier voor tijd gebeurde waar iedereen, en vooral Tobiasen, naar uitkeek: de rentree van de Deen. Mofokeng maakte plaats voor de geliefde rechtsback, die na ruim twee jaar blessureleed niets liever wilde dan weer een wedstijd spelen. Onder luid applaus van de mensen op de tribune en felicitaties van zijn teamgenoten, liep Tobiasen naar zijn plek in het veld. Pasanen werd gewisseld voor Kujala.

Vlak voor tijd tekende Quansah voor het derde doelpunt. Bechan hield vrij onverwacht de bal nog net binnen de lijnen en zette voor. De voorzet leek te hard, maar als een duveltje uit een doosje dook Quansah op bij de tweede paal en kopte de bal in de verre hoek: 3-0.

Een minuut voor tijd bepaalde Obodai de eindstand op 4-0. Quansah gaf na een fraaie slalom door de verdediging de bal mee aan Obodai, die hard inschoot.

De toeschouwers zagen een Ajax dat veel beter was dan de gasten, zonder echt grote kansen te creëren. Hét moment van de wedstrijd was natuurlijk de rentree van Tobiasen. De Deen was zeldzaam gelukkig en bekende dat hij even moest slikken toen Olde Riekerink hem van de bank afstuurde voor een warming-up. Na afloop antwoordde hij op de vraag of nog ergens last van had: "Ik heb alleen maar last van blijdschap!"