Toespraak John Jaakke

Toespraak John Jaakke

Ajax heeft op zaterdag de traditionele nieuwjaarsreceptie gehouden. Ajax-voorzitter John Jaakke hield op deze bijeenkomst zijn nieuwjaarstoespraak, die je hier kunt lezen.

,,Graag heet ik u allen namens bestuur, directie en Raad van Commissarissen van Ajax van harte welkom op deze bijeenkomst. In het bijzonder geldt dat natuurlijk onze ereleden en leden van verdienste. Ook een woord van welkom aan mevrouw Caroline Gehrels, wethouder van sport in onze stad. Mag ik ook de vertegenwoordigers van de politie welkom heten? Wij waren zeer teleurgesteld over de staking bij Ajax - PSV maar dat doet niets af aan de waardering die wij voor uw werk hebben en de goede relatie die wij onderhouden.

Ik wens u allen een jaar met geluk, voorspoed en gezondheid.

U zult misschien denken: “Waar heb ik die opening meer gehoord?” Ik wil er niet omheen draaien, maar ik heb mij hierbij laten inspireren door de nieuwjaarsspeech van Jan Reker. De woorden geluk, voorspoed en gezondheid vond ik zo treffend, dat ik ze niet beter kan bedenken. Ik zeg nadrukkelijk inspireren, want dertig procent van de tekst heb ik nog steeds zelf bedacht.

Ik heb het twee jaar geleden met u gehad over de rat als sterrenbeeld van Ajax in de Chinese horoscoop. Het jaar 2008 is weer het jaar van de rat, net als ons oprichtingsjaar 1900. Het is dus ons jaar zou je zeggen. Wat gaat dit jaar ons brengen? Volgens de voorspellers wordt het een jaar van beweging. Er zijn nieuwe ontwikkelingen op komst op het gebied van de media die nu nog ondenkbaar zijn. De aandacht gaat vooral uit naar de toekomst en we hebben haast! Liever vandaag dan morgen. Een jaar van enthousiasmerende energie met meer vertrouwen in de toekomst.
Kijk, dat zijn nog eens voorspellingen! Heerlijk om aan een dergelijk jaar te beginnen. Zo’n jaar hebben we ook wel weer eens nodig, zou ik zeggen. We moeten nu aanhaken op voetbaltechnisch en organisatorisch gebied. En moeten daarmee haast maken. Ik heb dit thema al meerdere malen aangehaald en er is het afgelopen jaar gelukkig al veel gebeurd. Maar we zijn er nog niet.

Het jaar 2007 was voor Ajax in sportief opzicht niet goed. Het heeft ons en zeker ook onze supporters pijn gedaan. Het kampioenschap werd gemist. Formeel op één doelpunt, maar in werkelijkheid in wedstrijden die wij hadden moeten en kunnen winnen. Champions League en UEFA Cup gingen aan onze neus voorbij. Het vertrek van Wesley Sneijder. Een trainerswissel in oktober. En tegenslag rondom onze geroutineerde spelers Jaap Stam en Edgar Davids. Daarmee is het zo ongeveer wel samengevat. Veel behoefte daar op dit moment meer over te zeggen heb ik niet. Ik maak één uitzondering en die betreft Adrie Koster. Hij heeft een moeilijke klus op zich genomen. De manier waarop hij dat samen met zijn staf heeft gedaan dwingt respect af. Nuchter en vriendelijk, maar ook zeker en doortastend.

Wel is de sportieve gang van zaken aanleiding geweest een commissie te benoemen om zich voor wat betreft het voetbal over het technische beleid te buigen. En eens opbouwend kritisch te kijken naar het bestuursmodel. Ik zeg de sportieve gang was de aanleiding en niet de oorzaak. De oorzaak is veel belangrijker en die moet in een veel langere periode worden gezocht. Daarom gaat het onderzoek over een periode van tien jaar. Inhoudelijk kan en wil ik niet meer over het werk van de commissie zeggen. Wel valt het op dat in de media het gezelschapsspel ‘Barbertje moet hangen’ weer uit de kast wordt gehaald. Blijkbaar is er een soort sardonische behoefte zondebokken aan te wijzen. Ik heb er alle vertrouwen in dat door de commissie de analyse belangrijker gevonden wordt. En de vraag: welke lessen kunnen we leren vanuit het verleden naar de toekomst? Op basis daarvan kunnen we dan verder. Het gaat dan niet alleen om beleid en structuur maar veeleer nog om cultuur die soms een groot en vertragend stempel drukt op wat we bij Ajax doen en laten. Het veranderen van de negatieve cultuuraspecten in onze club is een weerbarstig en stroperig proces, zo weet ik uit ervaring. Vaak hoor je het anciënniteitprincipe, ‘zo doen we het al jaren’. Of status ontlenen aan het aantal dienstjaren in plaats van aan de prestaties. Als we onze aanvallende voetbalcultuur ook in sommige delen van onze organisatie zouden weten te creëren zou dat een enorme vooruitgang en versnelling betekenen. En die versnelling is nodig, want ik zei het al: “We hebben haast.” Liever vandaag dan morgen.

Vaak wordt gezegd dat Ajax een opleidingsclub is. Ik ben het daarmee eens maar wat betekent dat eigenlijk, of zou dat moeten betekenen? Wat zijn daarvan de consequenties? Hoe gaan we daar mee om?

John Jaakke overhandigde tijdens zijn nieuwjaarstoespraak het 'Kistje van het Bestuur' aan vrijwilliger Maurice Peeters. John Jaakke overhandigde tijdens zijn nieuwjaarstoespraak het 'Kistje van het Bestuur' aan vrijwilliger Maurice Peeters.

Laat ik eerst vaststellen dat onze opleiding in de toekomst alleen nog maar belangrijker zal worden. Ik verwacht een tendens naar meer spelers van nationale origine en internationale maatregelen op dat vlak. De situatie in Engeland, waar het nationale team geen deelname aan het EK wist af te dwingen ondanks het feit dat al jaren wordt gesproken van de sterkste en rijkste competitie, toont aan dat maatregelen nodig zijn. Los van nationaliteit kennen we al de zogenaamde “Home grown players rule” die minima stelt aan het aantal zelfopgeleide spelers. Een goed bedoeld initiatief dat echter voor ons verkeerd dreigt uit te pakken. Als we niet oppassen verlaten onze talenten ons steeds eerder om vervolgens in het buitenland als home grown player op te duiken. Eigenlijk een soort legale omkat operatie.

Dan is er nog de financiële ontwikkeling op de internationale spelersmarkt. Zowel transfersommen als salarissen in bijvoorbeeld een land als Engeland nemen zulke vormen aan, dat het ook voor een club als Ajax steeds moeilijker wordt om ook onder de absolute top aankopen te doen. Sponsoring en de inkomsten uit tv-gelden zijn dan ook zaken waar we zeer nadrukkelijk mee bezig zijn. Om u een beeld te geven; de inkomsten uit tv-gelden van de nummer laatst in Engeland zijn bijna even hoog als onze totale begroting. Dat is geen reden om af te stappen van onze ambities. Het vraagt alleen om creatieve geesten.

Want al deze ontwikkelingen kunnen we als bedreigend zien, maar ze dwingen ons juist om nog meer terug te gaan naar onze basis van scouten, selecteren, opleiden, coachen, innoveren et cetera. Daar zijn we altijd goed in geweest en daar ligt onze kracht. Dat betekent echter ook dat wij nog hogere eisen moeten stellen aan wat we hier doen. Niet voor niets is in de afgelopen jaren een aantal maatregelen getroffen om onze opleiding te verbeteren. Ik noem er een paar. Jan Olde Riekerink is als ervaren en geschoolde voetbalman aangesteld als fulltime hoofd jeugdopleiding. Derk de Kloet is als mentaal begeleider op de Toekomst aangesteld. Er is een geavanceerd videosysteem gekocht dat ons beter in staat moet stellen wedstrijden voor te bereiden en te analyseren. Naast Simon Tahamatha is Wim Jonk aangesteld om spelers individueel te trainen. Er waren presentaties van onder anderen Ton Boot en Marc Lammers over topsportomgeving en innovatie. René Wormhoudt implementeerde het Multi Skill-programma. Samen met een judoleraar en een leraar lichamelijke opvoeding. Gisteren heeft Jan Olde Riekerink zijn plannen voor verdere verbetering op de Toekomst aan de clubleiding gepresenteerd. Wij hebben zijn plannen goedgekeurd en ook hebben wij besloten verder forse investeringen in middelen en mensen te doen.

Geld en materiaal zijn belangrijk maar vernieuwing gaat eerst en vooral om mensen. Professionele mensen zijn naar mijn mening per definitie nieuwsgierige mensen. In het voetbal valt mij vaak op dat er zoveel en zo snel antwoorden worden gegeven en zo weinig vragen worden gesteld. Is dat soms omdat een antwoord zekerheid geeft en een vraag kwetsbaar maakt? Hoe het ook zij; het is naar mijn mening tijd voor meer nieuwsgierigheid. Ontwikkelingen volgen binnen en buiten het voetbal. Hoe gaat het in andere sporten? En in andere landen. Wat zijn de trends? Wat kunnen we leren? ‘Onderzoek alles en behoud het goede.’ Die instelling moet resulteren in een jeugdopleiding die zich, ook in de toekomst, met de beste kan meten.

In dit verband wil ik ook stilstaan bij de plannen voor een Ajax Football Centre. Al enige tijd zijn wij bezig met het uitwerken van het idee om hier op de Toekomst alle Ajax-activiteiten te concentreren. Dus ook het eerste elftal en de Ajax-organisatie verplaatsen van de ArenA naar de Toekomst. Dit moet mogelijk zijn als straks de sportverenigingen Kismet en De Bijlmer naar een andere locatie in Zuidoost verhuizen. Het is ook de bedoeling de ruimte die dan beschikbaar komt te benutten voor een hoogwaardig kennis- en opleidingscentrum op voetbalgebied. Op die gebieden waar wij goed in zijn zoals opleiding, techniek, jeugd, coaching et cetera. Maar ook op terreinen waar andere partijen kennis en kunde hebben. Zoals beweging, voeding, en medische behandeling. Een aantal partijen heeft al interesse getoond in deze plannen en is daarbij betrokken. Wij denken dat deze plannen prima passen in de ambities van wethouder Gehrels van sport en het Amsterdam Topstad project van wethouder Asscher. In de komende twee weken hebben wij hierover met beide wethouders een gesprek. Dan zullen wij ook met elkaar spreken over de onlangs ontvouwde ideeën over een stadion met een grotere capaciteit dan de ArenA. Ons huidige stadion is immers ook uit ambitie en visie voortgekomen gesteund door de gemeente Amsterdam en in het bijzonder door ons lid Ed van Thijn. Wij ondersteunen de sportambities van de gemeente onder andere om het WK 2018 binnen te halen en de Olympische Spelen van 2028. Als sportclub weten wij wat sport economisch kan betekenen en welke rol het speelt in het leven van velen. Wel dringen wij erop aan vanaf den beginne bij de stadionplannen betrokken te worden en zien graag dat de letter A van AFC voor Amsterdam blijft staan.

Jaakke met Maarten Stekelenburg en Eddy Pieters Graafland na de overhandiging van deel 1 van de Ajax Bibliotheek. Ook Stanley Menzo ontving een eerste exemplaar van 'Historische grond'. Jaakke met Maarten Stekelenburg en Eddy Pieters Graafland na de overhandiging van deel 1 van de Ajax Bibliotheek. Ook Stanley Menzo ontving een eerste exemplaar van 'Historische grond'.

Maar wat heb je aan al die plannen en investeringen als in de praktijk je beste spelers al snel de club verlaten om elders te gaan spelen, hoor ik u denken. Willen wij internationaal weer meetellen dan zullen we toch moeten proberen onze talenten langer vast te houden. Ik heb het dan over een periode van 4 tot 5 jaar bij de selectie. Op een voetbalcarrière is dat te doen, en voor Ajax is het essentieel. Het wordt moeilijk als kort nadat een investering sportief gaat renderen de betreffende speler al vertrekt. Wesley Sneijder heeft al met al 5 jaar in het eerste elftal gespeeld maar Ryan Babel effectief misschien maar een jaar. Jonge spelers maken fouten. Zij moeten die ook maken om te leren. Maar als ze in onze ogen te vroeg weg gaan en wij moeten ze weer vervangen door een nieuwe jonge speler die weer diezelfde fouten maakt; dan gaat er iets fout. Dat is op den duur niet vol te houden. Belangrijk is het daarom dat wij samen met de speler, zijn ouders en mogelijk ook de zaakwaarnemer afspraken maken over het verloop van zijn carrière. Niet alleen op voetbalgebied maar ook voor de periode daarna. Een soort partnerschap waarin balans is. Ik heb namelijk wel eens het idee dat die balans ontbreekt en dat niet iedereen die in de carrière van een speler een rol speelt ook investeerder is. Een enkele reis naar de reservebank, zo worden sommige transfers van jonge spelers genoemd. Met als gevolg dat de plaats van een speler in het nationale team op de tocht komt te staan. Is dat wat de speler wil? Wat wij willen is samen groeien en ook de voordelen daarvan delen. Tegen de absolute topsalarissen in het buitenland kunnen wij niet op, maar als je top bent, kan Ajax een speler ook veel bieden. Op vele gebieden.
Op dit moment is een groepje binnen Ajax bezig om te kijken naar de mogelijkheden om onze getalenteerde spelers langer te houden.

Wie de naam Ajax noemt denkt vaak aan de grote successen die wij in de loop der tijd hebben meegemaakt. Ajax is een club met een rijke historie die veel kan verhalen. Grote en kleine verhalen. Sommigen grijpen daar te pas en te pas op terug en lijken meer in het verleden te leven dan uit het verleden. Over de toekomst heb ik het dan nog niet eens. Die mensen zien de geschiedenis meer als een baas die voorschrijft wat je moet doen ‘want zo hebben we het altijd gedaan’. Ik noemde het al eerder. Die cultuur en opvatting van geschiedenis is niet de mijne. En die zal Ajax ook niet verder brengen, dat moet iedereen die hier vanmiddag is ook beseffen. Ik vind dat Ajax de geschiedenis meer als een vriend moet zien aan wie je nog eens een vraag kunt stellen en van wie je wat kunt leren. Vanuit juist die gedachte lanceert Ajax samen met Tirion Uitgevers de Ajax Bibliotheek, een serie boeken waarin telkens een ander aspect van het fenomeen Ajax wordt belicht. Nu verschijnt het eerste deel in deze reeks en omdat het dit seizoen vijftig jaar geleden is dat Ajax zijn eerste officiële Europese wedstrijd speelde, gaat het over alle Europese uitwedstrijden die wij sindsdien gespeeld hebben. Daarin speelden keepers vaak een hoofdrol en daarom is besloten om het eerste exemplaar van het boek ‘Historische grond’ aan te bieden aan de keepers die voor Ajax Europees gespeeld hebben. Niet allen konden vandaag aanwezig zijn maar wel zijn hier Eddy Pieters Graafland die in 1957 de eerste Europese uitwedstrijd voor Ajax keepte, Stanley Menzo en Maarten Stekelenburg.

Mag ik tot slot nog even stilstaan bij het jaar 2008. Ons jaar.

We zullen ons sportief versterken. De financiële middelen zijn daarvoor aanwezig, want ook wij vinden dat het kapitaal op het veld moet staan. Het is tevens het jaar waarin wij afscheid nemen van ABN AMRO. De bank die 19 jaren lang onze trouwe en loyale hoofdsponsor is geweest. Dat afscheid zullen wij zeker niet ongemerkt voorbij laten gaan. Evenals de begroeting van Aegon als onze nieuwe hoofdsponsor. Het jaar ook waarin de supportersraad echt van start zal gaan. Het jaar dat sportief zijn vruchten af moet werpen. Het jaar waarin we ook weer op een normale wijze met onze trouwe supporters hopen te kunnen communiceren. Samenwerken in plaats van tegenwerken. Ajax heeft het nodig.

Voor de derde maal mag ik het zogenaamde Kistje van het Bestuur uitreiken. Door middel van de uitreiking van dit kistje willen wij stilstaan bij al het werk dat vele stille krachten doen voor onze club. Zij staan niet in de schijnwerpers maar zijn achter de schermen vaak vele uren per week actief voor onze club. Het is bekend dat Ajax ook over de grenzen zeer populair is bijvoorbeeld in Zuid-Afrika, China, Indonesië maar ook in België. Ik wil graag ‘onze man in België’ Maurice Peeters naar voren vragen.
Maurice is al 16 jaar vrijwilliger in België van de supportersvereniging SVA. Hij helpt mee aan de Open Dag, organiseert districtsfeesten, regelt busreizen naar Nederland en organiseert onder andere een zaalvoetbaltoernooi voor supportersverenigingen uit België, Italië, Nederland en Schotland. Maurice dank voor alles wat je voor Ajax doet.

Dames en heren, ik sluit af.

Veel is gezegd en veel zal nog worden gezegd over onze club en wat wij daaraan kunnen verbeteren. Dat moet door velen gebeuren. Onze leden, supporters, medewerkers, vrijwilligers en leiding. Ook al was 2007 niet zo’n inspirerend en soms zelfs een moeilijk jaar, ik wil u zeggen dat hier een voorzitter staat die nog steeds zeer gedreven en geïnspireerd is om aan genoemde verbeteringen en veranderingen mede leiding te geven.

Inshalah zoals men in Dubai zegt.''