Van der Wiel wil altijd spelen

Van der Wiel wil altijd spelen

In maart is het vijf jaar geleden dat de toen nog volslagen onbekende Gregory van der Wiel zijn debuut maakte in Ajax 1, uit bij FC Twente. Inmiddels is de vleugelverdediger niet meer weg te denken, ook niet uit het Nederlands elftal, en beschikt hij voor een 23-jarige speler al over een indrukwekkend curriculum vitae. ,,Als we op de training een partijvorm jong tegen oud spelen, zit ik altijd bij de ouderen.”

Vorig seizoen verwierf Gregory van der Wiel de bijnaam ‘marathonman’ nadat hij als enige veldspeler van alle Eredivisieclubs geen minuut miste in het seizoen 2009-2010. Een zelfde aantal zit er dit seizoen niet meer in, aangezien hij onlangs de duels met NEC en Excelsior moest laten schieten wegens liesklachten. Toch behoort de rechtsback nog altijd tot de koplopers als het op wedstrijdminuten aankomt. ,,Laat mij alsjeblieft zo veel mogelijk wedstrijden spelen. Ik doe dat veel liever dan trainen. Begrijp me niet verkeerd: niet dat ik met tegenzin naar de training kom, maar trainen is eigenlijk alleen maar een voorbereiding op het echte werk. Het echte werk is mooie wedstrijden spelen. In een vol stadion met zingende supporters. Daar moet je van genieten, want daar doe je het allemaal voor.”

Een sporter moet offers brengen om zo ver te komen, zo beseft Van der Wiel. ,,Je weet van kleins af aan dat je er dingen voor moet laten om profvoetballer te kunnen worden. Daar groei je mee op, ik denk daar niet meer zo bij na. Natuurlijk, als ik vrienden bepaalde dingen zie doen, dan denk ik heus weleens ‘kon ik dat ook maar…’. Een wereldreis of een lange vakantie. Maar jaloers ben ik nooit. Als voetballer van Ajax en het Nederlands elftal zie je ook aardig wat van de wereld. Maar bovenal: dit is waar ik voor gekozen heb en waar ik voor gevochten heb en het is het mooiste beroep dat er is.”

Van der Wiel: ,,Het liefst speel ik zoveel mogelijk wedstrijden." Van der Wiel: ,,Het liefst speel ik zoveel mogelijk wedstrijden."

Het zijn de woorden van een speler die ooit geen toekomst bij Ajax leek te hebben. Op 14-jarige leeftijd werd Van der Wiel weggestuurd uit Amsterdam, waar hij zich als een onhandelbare puber had gemanifesteerd in de C2 van trainer Arnold Mühren. ,,Ik zat midden in de puberteit, was extreem koppig en wilde eigenlijk altijd gelijk hebben”, zei hij daar eens over. ,,Als het niet naar mijn zin ging, werd ik boos en gooide ik er alleen nog maar met de pet naar.”

Drie seizoenen in de jeugdopleiding van HFC Haarlem brachten hem bij zinnen. ,,Ik ging daarheen omdat ik absoluut hogerop wilde komen, hoe dan ook. Die drang is er wel altijd geweest. Het niveau bij Haarlem lag een stuk lager, en dan niet alleen het spel, maar ook de accommodatie, de kleding, dat soort dingen. Natuurlijk was dat wennen na zo veel jaar luxe. Ik zag al vrij snel in dat het bij Ajax allemaal nog niet zo slecht geregeld was. Diep van binnen wist ik dat ook heus wel, zoals ik ook van mezelf wist dat ik een vervelend, lastig ventje kon zijn. In die periode bij Haarlem ben ik gewoon ouder geworden en daardoor ook wijzer en rustiger.”

Eenmaal terug bij Ajax was Marco van Basten degene die de als centrale verdediger geschoolde Van der Wiel in 2008 naar de rechtsbackpositie dirigeerde. Het voelde aanvankelijk behoorlijk onwennig, maar Van der Wiel zag vanaf het prille begin ook het perspectief. ,,Ik heb zeker in die begintijd nog veel specifieke dingen moeten leren: hoe je je als back opstelt ten opzichte van je directe tegenstander, welke ruimtes je laat. En daarin ontwikkel ik me nog steeds. Ik had destijds al heel snel door dat dit een rol was die goed bij mijn kwaliteiten paste, waarin ik mijn ei kwijt kon. En het heeft me natuurlijk ook veel moois opgeleverd.”

Behalve een vaste waarde bij Ajax is de 23-jarige Amsterdammer inmiddels ook al een tijdje basisklant bij Oranje, waarvoor hij al 29 interlands speelde, inclusief de complete WK-campagne in Zuid-Afrika. Met een knipoog zegt Van der Wiel zich bij zijn club al een routinier te voelen, zeker nu de door blessures nogal uitgedunde selectie van Ajax is aangevuld met jeugdige talenten. Kijk bijvoorbeeld naar wie er op de bank zaten, laatst in Lyon: Lukoki, Serero, Koppers, De Sa, Klaassen. Van der Wiel glimlacht: ,,Als we op de training een partijvorm jong tegen oud spelen, zit ik altijd bij de ouderen. We hebben natuurlijk gewoon een ontzettend jonge groep. Als je kijkt naar het aantal wedstrijden dat ik achter mijn naam heb staan en ook naar mijn leeftijd, dan hoor ik ook echt bij de oudere garde.”

Dit verhaal is eerder in Ajax Kick Off verschenen.

Tekst: Maarten Dekker
Foto's: Ajax.nl/Louis van de Vuurst