Van Dord: 'Piet Keizer was vrij uniek'

Van Dord: 'Piet Keizer was vrij uniek'

De Club van 100 van Ajax telt liefst 150 spelers die meer dan honderd officiële wedstrijden voor Ajax hebben gespeeld. In deze serie zetten we de tien Ajacieden met de meeste duels in de schijnwerpers. Deze week aandacht voor de nummer 4 op de lijst: Piet Keizer. De linksbuiten kwam in totaal tot 490 wedstrijden in dienst van Ajax.

Keizer speelde tussen 1961 en 1974 voor Ajax en had een groot aandeel in alle grote triomfen. De Amsterdammer won in 1971, 1972 en 1973 de Europa Cup 1. Daarnaast veroverde hij in 1972 en een jaar later de Europese Supercup en in 1972 ook nog de Wereldbeker voor clubteams. Op landelijk niveau liet Keizer zich met Ajax zesmaal kronen tot landskampioen en legde hij vijf keer beslag op de KNVB Beker.

Pim van Dord, de huidige fysiotherapeut van Ajax, was nog ruim een seizoen medespeler van de eigenzinnige buitenspeler. ,,Ik kwam als broekie van 19 bij de selectie, dus keek wel op tegen Piet. In die tijd was de hiërarchie binnen een elftal ook nog heel anders dan tegenwoordig. Met name omdat een spelersgroep toen uit slechts zestien man bestond. Desondanks ontfermde Piet zich als aanvoerder over mij. Zo lette hij goed op of de dingen voor mij goed geregeld waren.''

In voetballend opzicht had Keizer weinig aan kwaliteit ingeboet. ,,Terwijl Piet toch in de nadagen van zijn carrière zat’’, licht Van Dord toe. ,,Maar Piet was heel technisch en had een fantastische traptechniek. Hij legde de balen neer waar hij wilde.''

Piet Keizer snelt voorbij zijn tegenstander tijdens Ajax' eerste Europa Cup-finale in 1971 tegen Panathinaikos. Piet Keizer snelt voorbij zijn tegenstander tijdens Ajax' eerste Europa Cup-finale in 1971 tegen Panathinaikos.

Doordat Ruud Krol op een gegeven moment verhuisde naar het centrum van de verdediging nam Van Dord diens positie van linksback over. Daar kreeg hij veelvuldig te maken met Keizer, die inmiddels opereerde als linkshalf. ,,En ook dat deed hij goed’’, herinnert het lid van de medische staf zich nog goed. ,,Piet was een heerlijke voetballer om mee samen te spelen. Hij speelde de bal altijd precies in de loop en met de juiste snelheid. Ik kan me herinneren dat we voor de UEFA Cup bij Stoke City speelden en een heerlijke avond beleefden. Vooral omdat Piet zo rustig aan de bal was’’, doelt hij op het duel uit de jaargang 1974-1975.

Niet veel later hangt Keizer, op pas 31-jarige leeftijd, zijn schoenen voorgoed aan de wilgen. Tot verdriet van Van Dord, die naar eigen zeggen veel leerde van zijn mentor. ,,Piet kon echter niet goed overweg met onze trainer Hans Kraay sr. Die wilde volgens mij af van de oudere groep die was overgebleven na de grote successen.’’

Daarnaast meent Van Dord dat er ook een fysieke reden was voor het vroege afscheid van Keizer. ,,Piet had namelijk chronische last van beide achillespezen. Hij had veel pijn, maar in die tijd had een club nog niet zo veel therapeuten in dienst. Om het leed te verzachten speelde hij op speciale schoenen van adidas met een leren lap voor de achterkant. Piet kon er alleen geen plezier meer aan beleven en dan wordt het moeilijk je nog op te laden.’’

Veertig jaar na dato concludeert Van Dord dat Keizer maar ook Johan Cruijff enigszins verantwoordelijk zijn voor de latere successen van Nederlandse clubteams en het Nederlands elftal. ,,Piet was vrij uniek. Niet alleen in voetbaltechnisch opzicht, maar ook vanwege zijn tactische vermogen. Hij en Johan speelden met Ajax in een goed elftal, maar hebben samen het niveau omhoog gestuwd. Zij bepaalden ook wat er gebeurde. Door hun ontwikkeling is het Nederlandse voetbal in technisch en tactisch opzicht op een hoger niveau terechtgekomen.’’

Keizer kwam in zijn loopbaan 34 keer uit voor Oranje. Daarin scoorde hij elfmaal. Zijn laatste optreden vond plaats tegen Zweden op het WK van 1974 in Duitsland.

Na zijn loopbaan keerde Keizer als scout terug bij zijn oude liefde, waar hij ook nog even technisch adviseur was. Onlangs werd de inmiddels 71-jarige Amsterdammer in verband gebracht met een mogelijke technische functie bij ADO Den Haag.

Tekst: Ajax.nl/Coen Heil
Foto’s: Erfgoed Ajax