Van duobaan naar oproepkracht

Van duobaan naar oproepkracht

Lang miste Mitchell Dijks de echte drive om een carrière als profvoetballer na te jagen. Hij verkoos ooit FC Volendam boven de jeugdopleiding van Ajax, omdat hij dan ‘lekker op het fietsje’ naar de trainingen kon. Sinds de 20-jarige verdediger alsnog de overstap naar Amsterdam maakte, groeide alsnog het besef dat hij het ver kan schoppen.

Hij weet het nog precies. Het was dinsdag 26 juni vorig jaar, toen ergens in de ochtenduren de telefoon van Mitchell Dijks ging. Frank de Boer hing aan de lijn, op zoek naar een fitte linksback, nu Nicolai Boilesen weer geblesseerd was geraakt. ,,Ik zou na de zomer eigenlijk beginnen in Jong Ajax, daar was ik helemaal op gefixeerd”, haalt hij de situatie terug. ,,Gelukkig had ik wel wat kracht- en looptraining gedaan in mijn vakantie. Ik ben direct naar de Toekomst gereden en daar kon ik zo aanhaken bij het eerste.”

Het bleef niet bij een rol als sparringspartner tijdens de eerste trainingsweken. Dijks deed het zo goed, dat de twintigjarige nieuweling zichzelf in de eerste fase van het seizoen zomaar terugvond in de basisopstelling. In het eerste officiële duel, de strijd om de Johan Cruijff Schaal tegen PSV, bijvoorbeeld. En kort daarna nog in de competitiewedstrijden tegen NEC en Heerenveen. In die periode was het stuivertje wisselen op de linksbackpositie: de ene week was die voor Daley Blind, dan weer voor Dijks.

Mitchell Dijks in duel met Jordy Clasie tijdens de Klassieker Feyenoord - Ajax. Mitchell Dijks in duel met Jordy Clasie tijdens de Klassieker Feyenoord - Ajax.

,,Het was een soort duobaan”, lacht Dijks. ,,We kregen beiden onze kansen en soms hing het ook van de tegenstander af. Ik kan me bijvoorbeeld herinneren dat ik eigenlijk zou spelen tegen NAC, met Elson Hooi als directe tegenstander. Maar toen bleek dat Anthony Lurling op die plek stond en daar wilde de trainer een ander type tegenover zetten. Daley dus. Gaandeweg is hij het zo goed gaan doen, dat ik vast op de bank beland ben. Daar kan ik weinig van zeggen. Hij heeft niet voor niets het Nederlands elftal gehaald. En ik op mijn beurt kom pas net kijken. Ik moet zorgen dat ik een kans pak als die zich voordoet. Ik houd mezelf maar voor dat ik al veel meer bereikt heb dan waar ik voor dit seizoen op gerekend had.”

Ajax’ nummer 35 leert ook van zijn collega/directe concurrent Daley Blind. ,,Er is totaal geen rivaliteit tussen ons tweeën, anders dan wat mensen misschien vermoeden. Bij Jong Oranje sliepen we bij elkaar op de kamer en dat was altijd heel gezellig. En leerzaam bovendien. We praatten dan vooral over voetbal. Het is voor mij heel nuttig om Daley te horen over de weg die hij hier heeft afgelegd. Hij heeft ook moeilijke periodes gekend. Die horen erbij, daar moet je niet van in paniek raken. Dat probeer ik altijd in mijn achterhoofd te houden. Daley en ik hadden eerst een duobaan en nu is hij de vaste waarde en ben ik de oproepkracht. Daar is voor nu niks mis mee.”

Gezien zijn postuur zou een plaats in het hart van de verdediging hem moeten liggen, iets wat door Dijks gretig wordt bevestigd. ,,Vroeger speelde ik ook vaak ‘op 4’ en dat vond ik een heel lekker plekkie. Op die positie kom je meer aan de bal, ben je meer betrokken bij de opbouw van het spel. En dat wil ik graag, zoals iedere speler bij Ajax dat wil. Daar wordt ook een beetje op geselecteerd, natuurlijk. Maar in mijn huidige situatie kan ik het me niet veroorloven kieskeurig te zijn. Als ik maar word ingezet, of dat nou in het centrum is of als linksback, als ik maar speel.”

Tekst: Ajax.nl/Maarten Dekker
Foto's: Ajax.nl/Louis van de Vuurst (boven) en Pro Shots