Van keeper tot eenmalige spits

Van keeper tot eenmalige spits

Herinneringen ophalen, anekdotes vertellen en genieten van elkaars aanwezigheid. Zo zal vermoedelijk ook dit jaar de reünie van oud-Ajacieden verlopen. Het mede door hoofdsponsor Aegon mogelijk gemaakte weerzien heeft dit jaar plaats op zondag 30 maart tijdens Ajax - FC Twente. In de aanloop naar deze dag spreekt Ajax.nl alvast met enkele iconen. In aflevering 3: Heinz Stuy.

Wie?

Heinz Stuy (69). Kwam eind jaren ’60 over van Telstar om vervolgens uit te groeien tot een cultheld onder de lat bij Ajax. Stuy verdedigde in totaal negen seizoenen lang het doel van de Amsterdammers en heeft met 1082 minuten zonder tegendoelpunt een nog altijd indrukwekkend record op zijn naam staan. Niet alleen is Heinz Stuy bekend van zijn indrukwekkende reddingen, velen zullen aan hem terugdenken als de doelman die na een gewonnen weddenschap met Michels in de spits mocht spelen tegen Go Ahead Eagles.

Debuut voor Ajax

,,De eerste wedstrijd die ik mocht spelen was voor de Intertotocup uit bij Torino in 1968. Dat was in de tijd dat Italiaanse ploegen nog echt catenaccio voetbal speelden. Ik kwam het veld in voor Gerrit Bals en hield meteen de nul. Het was voor mij een lekker begin al bleef het mijn enige duel dat seizoen. Pas het seizoen daarop ging ik meer wedstrijden keepen. In de competitie was Bals de onbetwiste doelman, maar in de beker mocht ik spelen van Michels. Dat seizoen leek in eerste instantie voor mij heel kort te zijn want we werden vrij snel uitgeschakeld door AZ. Maar in die tijd speelden er een oneven aantal clubs in de beker. Ik wist dat er een club zou worden bijgeloot en ik had al zo’n voorgevoel dat die club wel eens Ajax zou kunnen zijn. Ik kreeg gelijk. We speelden achtereenvolgens in het Olympisch Stadion tegen DWS, Twente en wonnen de beker door PSV met 3-0 te verslaan. Dat seizoen zie ik als mijn echte doorbraak.”

Hoogtepunt

,,Voorafgaand aan het seizoen 1970- ’71 vertrok Bals en werd ik de eerste doelman van Ajax. Het bleek later ook meteen mijn beste seizoen te worden. We hadden een geweldig elftal en een potdichte verdediging. Op een gegeven moment hoorde ik van een journalist dat het record van een x-aantal minuten zonder tegendoelpunt binnen mijn bereik lag. Ik was erop gebrand dat record te pakken. Uiteraard kon ik dat niet alleen. Barry Hulshoff zorgde ervoor dat de verdediging elke wedstrijd perfect stond. Er kwam geen muis doorheen. We voelden ons onverslaanbaar. Uit die reeks ontstond ook de weddenschap met Michels. Als ik geen tegendoelpunt zou incasseren tijdens de Europacupfinale tegen Panathinaikos, mocht ik het weekend daarop in de spits spelen tegen Go Ahead. We versloegen de Grieken met 3-0. Het weekend daarna speelde ik inderdaad in de spits tegen Go Ahead. Ik baal er nog steeds van dat ik toen niet scoorde.”

Bijzondere ploeggenoot

,,Johan Cruijff is zonder twijfel de meest bijzondere ploeggenoot met wie ik mocht spelen. Ik had altijd een heel bijzondere band met Cruijff. Hij sliep bij mij op de kamer wanneer we Europees of een verre uitwedstrijd speelden. Voorafgaand aan elk duel gaf hij me op het veld met zijn platte hand een tikkie tegen m’n maag. Waarom hij dat deed, weet ik niet. Ik denk dat het een soort bijgeloof was. Het heeft geholpen, want we speelden in die jaren onze beste wedstrijden.”

Na mijn voetbalcarrière

,,Na Ajax heb ik eind jaren ’70 een paar seizoen bij FC Amsterdam gespeeld. Daarna ben ik in Driehuis een restaurant begonnen. Ik heb dat restaurant flink wat jaren gehad, maar heb het zeven jaar geleden van de hand gedaan. Nu geniet ik lekker van mijn pensioen en leid ik een rustig leven. Het is misschien een beetje saai, maar dat vind ik niet erg na zoveel jaren hard werken.”

Tekst: Ajax.nl/Patrick Moeke
Foto: Ajax.nl/Louis van de Vuurst